Er zijn mensen die kritisch staan tegenover de evolutietheorie, in de zin dat ze denken dat deze theorie niet alle kenmerken van de biologie volledig kan verklaren. Sommigen van hen noemen hun zienswijze: Intelligent Design. Er zijn structuren in organismen waarvan het zeer onwaarschijnlijk is dat ze in een grote reeks opeenvolgende kleine stappen zijn ontstaan, zonder dat ze schadelijk waren voor hun eigenaar. In een poging deze mening aan te vallen, proberen evolutionisten aan te tonen dat er veel voorbeelden zijn van slecht of dom ontwerp in de natuur, en zij denken dat dit het concept van ID ontkracht. Naar mijn mening zitten er verschillende fouten in deze argumentatie.

1) In de ambitie om voorbeelden van slecht ontwerp te laten zien, grijpen evolutionisten naar voorbeelden van verschillende oorsprong, die zo uit medische leerboeken hadden kunnen komen. Ze nemen er maar een paar, maar dierenartsen en medici zouden er honderden van kunnen noemen. Natuurlijk staan de leerboeken van geneeskunde- en diergeneeskundestudenten vol met verschillende ziekten die ze moeten bestuderen. Elke ziekte kan worden omschreven als slecht ontwerp van het organisme. Waarom heeft een intelligente schepper het niet beter gemaakt? In de diergeneeskunde zijn veel ziekten soort-specifiek. Dit betekent dat deze soort specifiek kwetsbaar is voor deze ziekte vanwege hun specifieke anatomie en fysiologie. Waarom heeft een intelligente schepper het niet beter gemaakt? Er is dus nog veel meer materiaal dat evolutionisten in de toekomst kunnen gebruiken.
2) Het is niet duidelijk wat evolutionisten willen aantonen. Proberen ze aan te tonen dat biologie niet perfect is? Willen ze aantonen dat er ziekte, dood en lijden in de natuur is? Denken ze dat creationisten denken dat deze aarde de hemel is en dat alles in de natuur volledig perfect en optimaal is? Misschien zijn er zulke creationisten, dan moeten die nog veel leren. Of denken ze dat wanneer ze kunnen bewijzen dat er slecht ontwerp in de natuur is, dit bewijst dat er helemaal geen intelligent ontwerp in de natuur is?
3) Hun poging om dwaas ontwerp in de biologie aan te tonen, is volledig in strijd met de intuïtie van de wetenschap in de biologie. Dag na dag en tijdschrift na tijdschrift worden er publicaties geplaatst die steeds dieper ingaan op de biologie en de schoonheid en complexiteit ervan laten zien. Het is zelden andersom. Miljoenen publicaties verwonderen zich over de complexiteit en genialiteit achter de verweven processen en structuren in de biologie. Wat in een onwetend tijdperk als rudimentair of rommel werd beschouwd, staat nu bekend als een voorbeeld van grote creativiteit. Wetenschappers zijn regelmatig vervuld met ontzag wanneer ze een nieuw niveau van complexiteit of ontwerp ontdekken.
4) Toen ik student was, accepteerde ik simpelweg dat het grootste deel van ons DNA rommel (junk) was. Maar in de loop der jarenbleek in toenemende mate dat DNA, dat voorheen als rommel werd beschouwd, in feite extreem belangrijk was voor de gastheer. Ik schaamde me diep dat ik had kunnen denken dat het meeste DNA rommel was. Hoe kon ik zo dom zijn? Het is een goed voorbeeld van hoe misleidend de evolutietheorie kan zijn. Toch lijken er evolutionisten te zijn die vasthouden aan het punt van rommel (junk) in het DNA.
5) Het idee van slecht ontwerp remt de wetenschap. Zodra je denkt dat iets gewoon dom ontwerp is, zoek je niet naar functie en vind je geen functie. Als je dieper graaft, kom je vaak ontwerp op een fundamenteler niveau tegen dan je ooit had gedacht.
6) In de biologie spelen twee hoofdvragen wanneer een fenomeen in een organisme wordt waargenomen. De eerste vraag is: wat veroorzaakt dit fenomeen? De tweede is: wat is het doel van dit fenomeen? Beide vragen zijn waardevol. In de evolutietheorie worden deze twee vragen gecombineerd. De vraag naar het doel wordt veranderd in de vraag naar de oorzaak, omdat gesteld wordt dat verschijnselen worden veroorzaakt omdat ze als doel hebben, de overleving en voortplanting van het organisme te bevorderen. Als echter gesteld wordt dat iets slecht ontwerp is, dan verbreekt men deze verbindende functie van de evolutietheorie. Dan stelt men dat structuren zo dom ontworpen zijn, dat dit hun fitness, overleving en voortplanting niet bevordert.
7) Wanneer voorbeelden van slecht ontwerp worden gegeven, geven auteurs geen duidelijke definitie van ontwerp en doen ze voor hun indeling in dom of intelligent ontwerp een beroep op ons intuïtieve denken, maar niet op ons rationele denken. Een bekend voorbeeld is het geval van de nervus laryngeus recurrens (RLN) Deze legt een lange weg af van het hoofd naar de borst en weer terug naar het hoofd. Dat lijkt onlogisch, vooral bij een giraf. Maar waarom zou dat slecht ontwerp zijn? Het lijkt erop dat dit lange pad het dier geen problemen oplevert. Ik kan me niet herinneren dat ik als dierenarts ooit een ziekte heb geleerd die wordt veroorzaakt door de lange weg die de RLN aflegt.
8) Wanneer een evolutionist stelt dat een specifiek kenmerk slecht ontwerp is, moet hij zeggen dat een ander ontwerp beter is. Het is makkelijk om dat simpelweg te stellen, maar aantonen is moeilijker. Je moet bewijzen dat het andere ontwerp beter is. Misschien heeft dat andere ontwerp ernstige beperkingen of nadelen waarvan men zich (nog) niet bewust is. Misschien is een ander ontwerp simpelweg niet mogelijk, omdat deze route tijdens de embryonale ontwikkeling gesloten is. Embryonale ontwikkeling is extreem complex. Alle structuren moeten zich ontwikkelen, terwijl tegelijkertijd alle functies seconde na seconde in stand moeten worden gehouden. Er worden veel ondersteunende structuren gebouwd tijdens de embryonale ontwikkeling, om de groei of beweging van cellen en structuren naar de gewenste plek te begeleiden. Daarna worden deze structuren afgebroken.
9) Evolutionisten stellen dat evolutie de beste verklaring is voor wat zij dom ontwerp noemen, omdat evolutie werkt met knutselen (tinkering). Ik ben het ermee eens dat evolutie werkt met knutselen, maar simpelweg stellen dat evolutie dé verklaring is voor voorbeelden van verondersteld slecht ontwerp is niet juist. Met dat argument moet een evolutionist aannemelijk maken dát evolutie de klus zou kunnen klaren. Een bewering alleen is niet genoeg. Het zou kunnen dat knutselen niet in staat is om zelfs maar een slecht ontwerp te bereiken. Meestal geldt: als je met rommel begint, eindig je ook met rommel. Niemand gelooft dat evolutionair geknutsel alle structuren kan genereren die in de toekomst nuttig zouden kunnen zijn voor organismen, zodat wij mensen bijvoorbeeld vleugels krijgen of bladgroenkorrels. Het is een teken van bekrompenheid om op voorhand alleen de theorie te accepteren dat huidige structuren in de biologie allemaal voortkomen uit evolutionair geknutsel. Dat er in de natuur evolutionair geknutsel plaat vindt is een feit. Maar evolutionisten moeten aantonen dat er in de biologie niets meer is dan evolutionair geknutsel, zelfs niet in hun eigen brein.
10) Evolutionisten die dit argument gebruiken, moeten niet alleen beargumenteren dat evolutie de klus kan klaren in het geval van verondersteld slecht ontwerp, ze moeten ook beargumenteren dat het logisch is dat evolutie tot dit slechte ontwerp heeft geleid, en niet tot de betere alternatieven die zij voorstelden. Waarom heeft evolutie geen efficiëntere ogen gemaakt? Als ze zo inefficiënt zijn volgens evolutionisten, waarom heeft ze dan geen kortere route gemaakt voor de nervus laryngeus recurrens, als die lange omweg zo problematisch is? Er lijkt een korter alternatief voor deze zenuw beschikbaar te zijn, waarom wordt dat alternatief niet door natuurlijke selectie geselecteerd? Alleen stellen dat geknutsel daartoe niet in staat is, is simpel gezegd maar is geen teken van doordachtheid.
Uiteindelijk is het argument van slecht ontwerp zelf het beste voorbeeld van slecht ontwerp.