Home » Intelligent Design

Categorie archieven: Intelligent Design

‘Pulsating Hormones: Life’s forgotten pacemakers’ – Neuroendocrinoloog dr. Tim Wells op 5 april 2024 D.V. te gast in livestream van CMI

Op 5 april 2024 D.V. is dr. Timothy Wells, neuroendocrinoloog aan Cardiff University, te gast in de livestream van Creation Ministries International om daar te spreken over ‘Pulsating Hormones: Life’s forgotten pacemakers’. De livestream zal via Zoom uitgezonden worden om 20:30 uur plaatselijke tijd (Midden-Europese zomertijd).1

Een goede hormoonhuishouding is van cruciaal belang voor het leven. Mensen waarvan deze hormoonhuishouding verstoord is, kunnen het hele leven lang hiermee last hebben. Gelukkig is er medisch tegenwoordig veel mogelijk. Dr. Tim Wells zal in zijn lezing hoogstwaarschijnlijk echter verder wijzen: naar de Schepper van hemel en aarde. Wells zal pulsatiele hormonen beschouwen als Intelligent Ontwerp van God de Schepper. Net als het hart pulseert ons endocriene systeem ook. In de lezing valt, volgens de samenvatting, de impact van pulsatiele hormonen voor ons leven op. Wells hoopt in zijn lezing in te gaan hoe deze pulsaties ontstaan en maar ook wat er kan gebeuren als dit niet in balans is. Daarom: ‘Pulsatiele hormonen: De vergeten pacemakers van het leven’. Een interessante Engelstalige lezing, vooral voor medische studenten en academici. Het wordt door ons bijzonder aanbevolen om experts te laten spreken over onderwerpen binnen hun eigen vakgebied. Het zou mooi zijn als deze lezing, net als de vorige, opgenomen kan worden. De vorige keer sprak dr. Wells over ‘Embryonic Development of Reproductive Control in Mammals: An Achilles’ Heel for Evolution’.2

Voetnoten

Webinar met dr. William A. Dembski en dr. Winston Ewert over het verschijnen van de gereviseerde editie van ‘The Design Inference’

Begin december vorig jaar berichtten we over het verschijnen van het gereviseerde en sterk uitgebreide boek ‘The Design Inference’.1 Om het verschijnen van het boek te vieren, werd er een speciale webinar georganiseerd. Voor Nederlands viel deze webinar, door de verschillende tijdzones, op een onmogelijke tijd: namelijk midden in de nacht. Het oorspronkelijke boek werd vijf en twintig jaar geleden geschreven door dr. William A. Dembski. Voor deze tweede editie heeft de auteur dr. Winston Ewert verzocht om mee te schrijven. Dr. Ewert is momenteel tekstueel een van de meest productieve voorstander van Intelligent Design.2 Onlangs verscheen van zijn hand opnieuw een paper in Bio-Complexity met als titel ‘On the Origin of Codes: The Character and Distribution of Variant Genetic Codes is Better Explained by Common Design than Evolutionary Theory’.3 De webinar van januari 2024 staat op YouTube en is met dank aan Discovery Institute ook hieronder te bekijken.4

Voetnoten

Van bevruchting tot geboorte – Een 3D Medical Animation van dit wonderlijke proces

Noot van de redactie: We beseffen dat een video zoals hieronder bijzonder pijnlijk kan zijn voor kinderloze echtparen/mensen of echtparen/mensen die een kind hebben verloren. Het is niet onze bedoeling hen hiermee (opnieuw) te treffen! 

Op het YouTube-kanaal van ‘Dandelion Medical Animation’ is een 3D-animatie te vinden van het proces van bevruchting tot geboorte. Dit is een wonderlijk proces, een Meesterwerk! Met dank aan dr. Jonathan McLatchie die deze video deelde in zijn artikel ‘The Exquisite Design of Egg Cells’.1

Voetnoten

‘The Design Inference’ bestaat vijfentwintig jaar – Dat wordt gevierd door een flink uitgebreide jubileumuitgave

Dit jaar is het vijfentwintig jaar geleden dat ‘The Design Inference’ van theoloog en wiskundige dr. William A. Dembski. Het boek is een van de werken die een rol speelde in de opbouw van in de ‘Intelligent Design’- beweging. Het werk van Dembski verscheen in 1998 en werd uitgegeven bij Cambridge University Press. Dit zilveren jubileum wordt door de bekende Amerikaanse denktank Discovery Institute uitgebreid gevierd met een tweede editie en een webinar. Er zijn duidelijk verschillen aan te wijzen tussen jongeaardecreationisten en ID’ers. Hier geldt de regel: Alle jongeaardecreationisten menen dat er Intelligent Ontwerp in de schepping zichtbaar is, maar niet alle geleerden die Intelligent Ontwerp in de schepping detecteren zijn jongeaardecreationisten.1

The Design Inference

Het boek kreeg ook in Nederland bekendheid door de tijdelijke ‘flirt’ van dr. Cees Dekker, dr. Ronald Meester, dr. René van Woudenberg c.s. met de ID-beweging en wordt ook genoemd in ‘Schitterend ongeluk of sporen van ontwerp?’.2 Wetenschapsfilosoof Carel de Lange (MSc.) gebruikte het werk onlangs nog in een presentatie over Intelligent Design voor het congres ‘Bijbel & Wetenschap 2021’ georganiseerd door Fundamentum en Geloofstoerusting.3The Design Inference’ is een bewerking van het proefschrift filosofie van dr. William A. Dembski aan de University of Illinois te Chicago (1996). Het boek beleefde verschillende herdrukken en in 2005 verscheen er ook een paperbackeditie.

In het boek probeert dr. Dembski een methodische verantwoording te geven voor het detecteren van Design in deze werkelijkheid. Het boek kreeg een warm welkom van wetenschappers die Intelligent Design voor staan. De inhoud leidde echter ook tot stevige debatten onder wetenschappers wereldwijd, maar ook tussen wetenschappers en het overige publiek. Discovery Institute is echter lovend: “Dembski’s methode van ontwerpdetectie heeft de tand des tijds doorstaan en is toepasbaar in de biologie, kosmologie en het dagelijks leven.” Wetenschappers zoals dr. Winston Ewert en dr. Robert J. Marks werkten deze methodologie verder uit en paste het ook toe op praktijksituaties. Na vijfentwintig jaar is het tijd voor een jubileumuitgave in de vorm van een (tweede editie). Schreef dr. Dembski de eerste uitgave alleen, voor de tweede editie heeft hij hulp ingeroepen van dr. Winston Ewert. Ewert is bekend van zijn Dependency Graph Model als alternatief voor universele gemeenschappelijke afstamming.4 Dr. Ewert werkt ook mee aan het ontwikkelen van ‘evolutionary informatics’.5

Tweede versie

Naast een extra auteur is de tweede versie van het boek ook inhoudelijk flink uitgebreid. Halverwege dit jaar deelde dr. William Dembski op zijn website de vernieuwde inhoudsopgave.6 Discovery Institute besteedt ruim aandacht aan het verschijnen van deze tweede editie.7 Dat is begrijpelijk omdat het boek ‘The Design Inference’ als een van de belangrijkste boeken geldt voor de moderne ID-beweging. De Amerikaanse denktank deelt via hun website ook het voorwoord en de inhoudsopgave.8 Bovendien wordt op de hieronder genoemde website nog een hoofdstuk gedeeld uit het boek met als titel ‘Natural Selection as the Great Designer Substitute’.9 Fysicus dr. Brian Miller schreef daarom ook grote en lovende woorden op de website ‘Evolution News & Science Today’: “De tweede editie van ‘The Design Inference’ zet het theoretische raamwerk en de praktische methodologie uiteen om al deze bezwaren te weerspreken. Bovendien maakt de vooruitgang in de biologie van de afgelopen decennia het mogelijk dat deze methodologie rigoureus kan worden toegepast. Dergelijke analyses laten aanwijzingen voor design zien. Zo helder en rigoureus dat het ontkennen ervan, door intellectueel eerlijke en oprechte zoekers naar waarheid, niet langer houdbaar is.” De tijd zal leren hoe de wetenschappelijke gemeenschap op deze tweede editie zal reageren. Het boek wordt verkocht via Amazon en is verkrijgbaar als hardcover (36,95 dollar) en paperback (24,26).10

Webinar

Om dit jubileum te vieren heeft Discovery Institute, de Amerikaanse denktank voor Intelligent Design, besloten om een webinar op te zetten. Voor- en tegenstanders van Intelligent Design kunnen dan in gesprek gaan met dr. William Dembski en dr. Winston Ewert. De geleerden proberen dan al de vragen die leven over Intelligent Design in het algemeen en het boek in het bijzonder beantwoorden. De toegang tot de webinar is gratis, aanmelden is wel gewenst. De datum voor de webinar is 26 januari 2024, helaas voor Nederlandse deelnemers om 2 uur in de nacht (Nederlandse tijd). Of deze webinar ook terug te kijken is, wordt niet duidelijk.11

Voetnoten

Onverantwoorde overgang van natuurwetenschappelijke grenzen – Interview met drs. Tom Zoutewelle in het Reformatorisch Dagblad

Afgelopen zaterdag (25 november 2023) organiseerden Stichting Creaton en Studiengemeinschaft Wort und Wissen in Nederland een congres over de grote vragen in het oorsprongsdebat.1 Het Reformatorisch Dagblad kon helaas niet op de dag zelf aanwezig zijn, maar plaatste gelukkig wel de dag voor het congres een interview met organisator, bioloog en geoloog drs. Tom Zoutewelle. Dit interview past goed in de serie beschrijvingen van (interviews met) identificatiefiguren op deze website2.3

In het interview, afgenomen door wetenschapsjournalist Bart van den Dikkenberg (MSc.), geeft Zoutewelle aan teleurgesteld te zijn geraakt in het Darwinjaar. Van de 80 wetenschappers die Zoutewelle met zijn Stichting Creaton probeerde te verenigen ‘draaiden velen weg (…) naar het theïstisch evolutionisme’. De bioloog en geoloog wilde nu rond het congres ‘De Grote Vragen’ opnieuw het ‘Intelligent Design’-geluid laten horen.4

Antwoorden

Zoutewelle wil de bezoekers van het congres verschillende antwoorden en denkrichtingen meegeven. De eerste is dat de multiversum-hypothese, die wil concurreren met de ID-gedachte, wetenschappelijk niet te toetsen valt. Zoutewelle ziet het als seculier geloof. Het tweede is dat, in navolging van dr. Eugene Koonin, de kans op het spontaan ontstaan van leven onwaarschijnlijk klein is. Het derde dat de biologische variatie begrenzingen kent. Zoutewelle: “Creationisten hebben hybridisatieproeven uitgevoerd met katachtigen. Daaruit bleek op wetenschappelijk verantwoorde wijze dat alle katachtigen op één na met elkaar kunnen kruisen. Ze zijn dus ontstaan uit één oersoort.

Onverantwoord

Volgens Zoutewelle gaan naturalistische wetenschappers soms onverantwoord over de grenzen van het wetenschappelijke heen. Wanneer soorten aan elkaar verwant zijn, moet dat ook duidelijk aanwijsbaar zijn. Inderdaad worden er overeenkomsten gevonden. Maar er bestaan ook overeenkomsten zonder dat er evolutionaire verwantschap vermoed wordt. “Dan noemen ze het een analogie, convergentie evolutie of homoplasie.” Zoutewelle ziet echter geen duidelijk criterium van ‘wanneer er wel of geen sprake is van verwantschap in de biologie’. Het wordt dus in zijn ogen een ad hoc-hypothese. Dat geldt ook voor de geologie.

Vooronderstellingen

Naturalistische wetenschappers dienen dus ook op hun vooronderstellingen of seculier geloof gewezen te worden. “Ik vind dat wetenschappers zich rekenschap moeten geven van hun aannames.” Deze wetenschappers hebben de neiging grote vragen ‘vanuit de filosofie van het naturalisme te beantwoorden: alles is ontstaan en bestaat door natuurwetten en natuurlijke processen’. Zoutewelle noemt dat een geloof. Daartegenover staat een ander geloof: “De enige zekerheid ligt in het bestaan van God en in Zijn Woord”.

Zondvloed

Hoe zit dat met zondvloedgeologie? Zoutwelle geeft aan niet van ‘luchtfietserij’ te houden. “Ik zal dus niet zomaar zeggen: dat of dat komt door de zondvloed. Mensen die geen waarde hechten aan de Bijbel hebben daar geen boodschap aan” Hij wil deze mensen wel wijzen op een alternatieve denkrichting dan de standaard geologie hen wil bieden. Bijvoorbeeld dat in het verleden de zeespiegel vele malen hoger heeft gestaan dan dat nu het geval is. “Sterker, er hebben hele continenten onder water gestaan. Hoe je dat interpreteert, is aan jou. Maar dit is wel een feit.” De bioloog en geoloog wil dit soort vragen niet vanuit één dominante visie benaderen.

Tenslotte

Goed dat drs. Tom Zoutewelle na het Darwinjaar niet bij de pakken neer is gaan zitten en dit congres heeft willen organiseren. Op het congres spraken nog drie andere academici, dr. Peter Korevaar, dr. Peter van der Veen en dr. Peter Borger.5 Al deze drie zijn zij actief bij Studiengemeinschaft Wort und Wissen. Het congres werd bezocht door een tachtigtal mensen. Het debat hierover lijkt in Nederland nog niet afgelopen.6 Op X (het voormalige Twitter) gaat de discussie over het congres door.7

Voetnoten

Intelligent Design – De natuur leert ons, wat we van nature al vermoeden

De inhoud van dit kleine artikeltje heeft kortweg de volgende boodschap: in eerste oogopslag en bij zorgvuldige bestudering lijken levende wezens een duizelingwekkend kunstig ontwerp te vertonen. Mijn bewering is dat zaken die bij zorgvuldige bestudering ontwerp tonen, ook werkelijk ontwerp bezitten en dus ontworpen zijn. Dit is wat de evolutietheorie bestrijdt. De evolutietheorie is dus in strijd met de werkelijkheid. Oké, de toon is gezet. Nu in twee pagina’s weergeven, wat in prachtige boeken van honderden pagina’s is uitgewerkt. Dat moet dus in korte statements.

Het waarnemen van ontwerp

Eén van de vaardigheden die voor een mens heel belangrijk is, is het waarnemen van structuren in de werkelijkheid. Het is een blijk van intelligentie. We hebben allemaal wel eens een intelligentietest gedaan. De mate van intelligentie werd er aan afgelezen hoe makkelijk we patronen konden herkennen en op die manier goede antwoorden op de vragen gaven. Hoe beter in patroonherkenning, hoe intelligenter. Voor het waarnemen van patronen is echter niet alleen intelligentie van belang maar ook kennis. Iemand die bekend is op een bepaald gebied zal veel sneller patronen herkennen dan iemand die er niet mee bekend is. Kennis en inzicht zijn belangrijk. Als dit in de studie van de biologie wordt toegepast, dan blijken er enorm veel ingewikkelde structuren aanwezig te zijn. Dit maakt iets nog niet tot ontwerp. Daarvoor is meer nodig, namelijk een doel. Een ingewikkelde structuur die een doel dient, is waarschijnlijk ontworpen, een ingewikkelde structuur die geen doel dient, waarschijnlijk niet. Het frappante is dat mensen bij denken over de werkelijkheid van nature in doelen denken. In een vroege fase van hun ontwikkeling vragen kinderen zich bij alles wat zich afspeelt af: Waarom? Waarvoor is dat? Ofwel, wat is het doel? Het is dus heel natuurlijk om bij het waarnemen van ingewikkelde structuren je af te vragen: wat is het doel ervan. En dat speelt ook in de biologie. Wat van nature in het kind speelt, zien we echter ook bij serieus wetenschappelijk onderzoek in de biologie: het echte zinnige onderzoek vindt plaats als de bioloog zich bij een structuur afvraagt: waarvoor dient het? Wat is de functie? Twee dingen komen dus samen: Een uiterst complexe structuur en een bijbehorende functie, en dat is het kenmerk van ontwerp. Biologen bestuderen ontwerp. Dat er ontwerp is, is geen onderwerp van discussie. Dat is een bruut feit.

Het probleem is nu, dat ontwerp altijd een intelligente ontwerper veronderstelt. De evolutietheorie stelt echter dat het ontwerp in levende wezens is ontstaan door blinde natuurkrachten. Dat is ook expliciet het doel van de evolutietheorie: de historie van het leven op aarde schetsen zonder Schepper. Dan moeten dus natuurkrachten deze intelligente krachttoer verricht hebben. Maar hoe kan iets dat niet intelligent is intelligentie voortbrengen? Niet. Maar hoe stelt de evolutietheorie zich dat voor? Ze stelt zich voor dat al het leven afkomstig is van een gezamenlijke oercel (universal common ancestor) hieruit ontstonden al de levensvormen door een proces van mutatie en selectie. Er ontstonden door toeval kleine veranderingen in het erfelijk materiaal, en als die voor het organisme voordelig waren, dan kreeg deze meer nakomelingen waardoor er dus steeds beter aangepaste organismen ontstonden. Omdat er verschillende milieus op aarde zijn, ontstonden organismen die voor verschillende milieus aangepast zijn. Al is het aantal soorten levende wezens (miljoenen) wel heel erg overdadig. Kernboodschap is, dat al het leven met elkaar is verbonden door een keten van toevallige kleine genetische veranderingen die ontstaan en vervolgens geselecteerd worden. Het is een feit, dat er kleine genetische veranderingen (mutaties) optreden. Het is een feit, dat die bijna altijd negatief zijn (net als een drukfout in een boek), maar af en toe ook positief. Het is een feit dat er selectie is, waardoor bepaalde organismen meer nakomelingen krijgen dan anderen en het is dan ook een feit, dat hedendaagse koeien anders zijn dan het oerrund en dat wij anders zijn dan Noach en zijn vrouw. Dit heet wel evolutie maar hier heb je geen evolutietheorie voor nodig. De evolutietheorie stelt dat op deze manier in heel kleine stapjes uiterst ingewikkelde levende machines kunnen ontstaan. De meest complexe fenomenen, kunnen als je ze maar in voldoende kleine stapjes opdeelt, zo zijn ontstaan, zo stelt men zich voor. Dit is echter niet waar. Ten eerste zien we in levende wezens en in fossielen geen geleidelijke overgangen van vormen. Ogen zijn er of ze zijn er niet. Vleugels zijn er of ze zijn er niet. Structuren zijn ook geclusterd en hangen nauw met elkaar samen en zijn niet random over levende wezens verdeeld. Men kan wel in zijn fantasie een proces in super kleine stapjes opdelen, maar dat is geen proces die met kennis van de natuurlijke mechanismen in werkelijkheid kan verlopen. Een evolutionist heeft genoeg fantasie maar mist kritisch denkvermogen. Of heeft het eventjes uitgeschakeld, zullen we maar aannemen.

Qua intuïtie is al duidelijk dat blinde dus doelgerichte processen niet tot ontworpen structuren kunnen leiden. Deze intuïtie is sinds de eeuwwisseling in de VS door biologen en chemici, in wat nu bekend staat als voorstanders van Intelligent Design uitgewerkt in het concept irreducible complexity (onherleidbare complexiteit). Bekende namen zijn Behe, Dembski, en SC Meyer. Het idee is als volgt. Er zijn in levende wezens (heel erg veel) complexe structuren die voor hun functioneren een aantal onderdelen nodig hebben. Met minder onderdelen functioneert het niet. Het bekende voorbeeld is de muizenval. Om te kunnen werken zijn een veer, een pal, een klem, een plankje nodig die precies op de juiste wijze ten opzichte van elkaar zijn aangebracht om te functioneren. Zo’n structuur kan niet in kleine stapjes zijn ontstaan. Want als een onderdeel nog ontbreekt, werkt het niet. En als iets niet werkt, dan verlies je het. Het is net als met je hersens: use it or lose it. Halve structuren die niet werken zijn ballast en worden geskipt. 10% structuren ook en 99% structuren ook. Kortom er is geen weg voor een evoluerend wezen om naar een te functioneren complexe structuur te komen. Dit concept staat als een huis. Wetenschappers die de evolutietheorie aanhangen kunnen wel veel voorbeelden geven van hoe complexe structuren veranderen (het plankje wordt wat gladder, of zo) maar geen voorbeelden van hoe complex werkende structuren ontstaan. Dit hangt samen met het gegeven dat de biologie bol staat van informatie en voor het ontstaan van informatie is een intelligente oorzaak nodig. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

ID stelt niets meer dan dat, het stelt niet dat er dus een bovennatuurlijke Schepper moet zijn. Het stelt niet dat die Schepper de God van de christenen moet zijn. De ID beweging is in de VS groot maar in Nederland niet. Ze ontmoet nogal wat weerstand vanuit evolutionistisch gedachtengoed met heuse rechterlijke uitspraken. Dan worden er argumenten tegen in gebracht maar die argumenten snijden geen hout. Eigenlijk zien we dat het evolutiedenken zo is ingekankerd in ons denksysteem, dat we ons niets anders meer kunnen voorstellen als we geen belijdend christen zijn. En ook belijdende christenen worden sterk met evolutiedenken gezuurdesemd. Dit is triest want het gaat tegen Gods Woord in en het gaat tegen de waarnemingen van de wetenschap in.

Argumenten zijn bijvoorbeeld, dat de muizenval van Behe helemaal niet onherleidbaar complex is. Dat argument faalt want men verzint wel wat maar kan geen werkende opeenvolging van muizenvallen maken leidend tot het standaardmodel. Of men stelt dat het voorbeeld van de muizenval te weinig lijkt op levende wezens, want die planten zich voort. Dat argument faalt want het gaat er helemaal niet over of een muizenval zichzelf voortplant maar of een dergelijke structuur door geleidelijke modificatie tot stand kan komen. Of men stelt dat onderdelen van een dergelijke structuur deel uit kunnen maken van een andere structuur en dan gerekruteerd worden voor de betreffende structuur. Dit helpt voor de evolutietheorie iets. Inderdaad kunnen bepaalde onderdelen deel uitmaken van verschillende structuren, maar het merendeel van de complexiteit blijft dan nog onverklaard en de kans dat door toeval rekruteren leidt tot iets moois is minuscuul klein. Of men stelt dat we het hebben over ontstellend veel tijd (miljard jaar) en in zoveel tijd wordt dat wat onwaarschijnlijk is waarschijnlijk en wat waarschijnlijk is onvermijdelijk. Eigenlijk gelooft men dan dat alles mogelijk is, en niets te wonderlijk, maar dan zonder Schepper. Hier stelt men feitelijk wetenschap buiten werking. Of men stelt dat ID geen werkzaam concept voor wetenschap oplevert. Dit is onjuist. ID wordt wel degelijk toegepast, al was het maar doordat bijna alle biologen zinniger onderwerpen voor onderzoek kiezen dan te proberen onherleidbaar complexe systemen door evolutie te verklaren. Men weet dat het mission impossible is. Ook zien we dat het principe van onherleidbare complexiteit wordt gebruikt bij het ontwerpen van geneesmiddelen. Evolutionisten die christen zijn (theïstisch evolutionisten) willen nog wel eens toegeven dat het ontstaan van onherleidbare systemen nog (let op het woordje nog) onverklaarbaar is. Maar het finale argument dat men toch vindt dat we moet aannemen dat de evolutietheorie waar is, is omdat men in wetenschap niet mag rekenen met God. Veelal gelooft men wel in wonderen zoals het volkomen fris en gezond opstaan van het 3 dagen ontbindende lijk van Lazarus, maar niet dat het zo kan zijn dat God verschillende levensvormen heeft geschapen. Want dan is het geen wetenschap meer. Kennelijk mag men dan wel een geloofsuitspraak doen over een gebeurtenis in het Nieuwe Testament en niet over één uit het Oude Testament. Jezus heeft aangetoond dat Hij leven kan opwekken. Er is voor een christen dan geen rationele of geloofsbelemmering om aan te nemen dat Hij dat ook op een bovennatuurlijke manier in de schepping gedaan heeft. Als christen hoeven we alleen maar aan de zijlijn meewarig toe te kijken hoe sommige wetenschappers (de meesten doen zinniger werk) moeite doen om een natuurlijk ontstaan van complexe biologische structuren aannemelijk te maken. Het lukt nog maar niet om de Schepper buiten spel te zetten. En uiteindelijk zal blijken dat Hij het hele spel bepaalt.

Een heel goede website op dit terrein is evolutionnews.org. Bij Logos instituut en Fundamentum zijn, naast eenvoudige artikelen ook artikelen op niveau te vinden.

Dit artikel is oorspronkelijk voor een studentenvereniging geschreven. Met dank aan de auteur mochten we dit artikel ook hier plaatsen.

De energiecentrale van de cel: ATP-synthase – Een voorbeeld van Intelligent Design

In onze cellen gebeuren wonderlijke dingen. We zien Meesterwerken van micro-engineering. Bijvoorbeeld ATP-synthase, een moleculaire machine die in veel organismen wordt aangetroffen. Het levert de energie voor andere moleculaire machines in de cel. De energiecentrale van de cel. Discovery Institute heeft hier een mooie animatie van gemaakt. Wanneer u de Engelse taal niet machtig bent dan kunt u de Nederlandse ondertiteling aanzetten. Verwonder u over het intelligente ontwerp van onze Schepper!

Dr. Winston Ewert publiceert paper over Dependency Graph Model – DGM als alternatief voor universele gemeenschappelijke afstamming toegepast op echolocatie vleermuizen en dolfijnen

Binnen de ‘Intelligent Design’-beweging wordt gewerkt aan diverse modellen als alternatief voor Universele Gemeenschappelijke Afstamming. Volgens dr. Winston Ewert zijn deze modellen tot dusver nog niet doorontwikkeld. Dr Ewert heeft in 2018 een nieuw model voorgesteld: Dependency Graph Model. Deze maand verscheen er een nieuwe paper in het tijdschrift vóór Intelligent Design, Bio-Complexity. In deze wetenschappelijke publicatie wordt het Dependency Graph Model verder uitgewerkt en ondersteund met voorbeelden.1

Hoe werkt het Dependency Graph Model van dr. Ewert? Je kunt het vergelijken met de werking van computerprogramma’s (software). “Volgens dit model delen verschillende levensvormen overeenkomsten, doordat ze gemeenschappelijke modules delen. Dit gebeurt op dezelfde manier als waarop verschillende softwareprogramma’s overeenkomsten en codes delen door gemeenschappelijke modules te hergebruiken. De modules die in een bepaald organisme of programma worden gebruikt, worden beperkt door een afhankelijkheidsgrafiek. In een afhankelijkheidsgrafiek zijn sommige modules op hun beurt weer afhankelijk van andere modules, zodat een module niet kan worden opgenomen zonder ook zijn afhankelijke modules op te nemen. (…) In het Dependency Graph Model worden taxonomische categorieën gedefinieerd door een module waarvan alle soorten in die categorie direct of via een tussenweg afhankelijk zijn.” Geen gemeenschappelijke afstamming, maar gedeelde afhankelijkheid of, als de modules verschillen, onafhankelijkheid.2 In Weet Magazine 54 (het decembernummer 2018) worden de gevolgen van de analyse van dr. Ewert als het volgt weergegeven: “Uit zijn analyse blijkt dat de overeenkomsten tussen soorten minstens zo goed verklaard kunnen worden door modulaire afhankelijkheid als door gemeenschappelijke afstamming.3

De schrijver van het OnTopic-artikel in Weet Magazine moest nog zeggen dat dit onderzoek in de kinderschoenen staat, maar ondertussen is er begin deze maand opnieuw een paper verschenen van dr. Winston Ewert waarbij het Dependency Graph Model verder wordt uitgewerkt. Ze gebruikten hierbij de tool AminoGraph en pasten de theorie toe op het prestine-gen, een gen dat de stof prestine aanmaakt.4 Dit eiwit in de trilhaartjes van het slakkenhuis (cochlea) zorgt ervoor dat de oren gevoelig zijn voor hoge tonen. Bij dolfijnen en vleermuizen is dit eiwit onmisbaar bij het gebruik van echolocatie en ook goed met elkaar te vergelijken.5 De prestine-sequenties van sommige vleermuizen die werken met echolocatie vertonen overeenkomsten met prestine-sequentie van dolfijnen. In de naturalistische wetenschapsbeoefening wordt dit gezien als een convergentie, omdat zo de evolutionaire boom in stand blijft. Het Dependency Graph Model biedt echter een alternatieve verklaring. Het onderzoek van dr. Ewert wijst uit dat er twee prestine-modificerende modules zijn, die afzonderlijk of beiden aangetroffen worden in alle vleermuizen en walvissen die echolocatie gebruiken.6 Dr. Brian Miller, onderzoekcoördinator van het Discovery Institute, ziet dat het evolutionaire raamwerk geen afdoende verklaring kan bieden voor echolocatie. Hij is hoopvol als het gaat om het Dependency Graph Model van dr. Ewert. “It represents a valuable tool in the developing theory of biological design, which should eventually supplant phylogenetic analysis.7

Voetnoten

Hans Degens ziet kenmerken van intelligent ontwerp in de schepping

In 2016 interviewde wetenschapsjournalist Bart van den Dikkenberg (MSc.) de spierfysioloog prof. dr. Hans Degens. Hij gaf in het interview aan geen argumenten te zien voor Universele Gemeenschappelijke Afstamming. De schepping toont volgens de hoogleraar kenmerken van intelligent ontwerp. Het korte interview is opgenomen en op het YouTube-kanaal van het Reformatorisch Dagblad geplaatst. Met dank aan het RD delen we de video ook hier.

Vuur in de nacht, christenvervolging en Intelligent Ontwerp – Bespreking ‘Vuur in de nacht’

“’Wil je dan niet weten waarom ik op de vlucht ben?’ ‘Natuurlijk wel,’ geeft Hamid eerlijk toe. ‘Maar je moet het mij alleen vertellen als je dat zelf echt wilt. Ik neem aan dat je voor de politie op de vlucht bent?’ Na een korte aarzeling knikt Malisa instemmend. ‘Maar ik heb niets verkeerds gedaan,’ zegt ze zacht.”

Aan het begin van ieder jaar presenteert Open Doors de bekende ‘Ranglijst Christenvervolging’. Deze lijst laat zien in welke 50 landen van de wereld christenen het zwaarst worden vervolgd om hun geloof. Het atheïstische Noord-Korea staat al jaren bovenaan de lijst van landen met de zwaarste vervolging. Fijn dat de christelijke politieke partijen (SGP, ChristenUnie en CDA) ieder jaar Kamervragen1 stellen aan de minister van Buitenlandse Zaken en de minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.2 De christenvervolging in Iran (nummer 8 op de Ranglijst van 2021) inspireerde Janwillem Blijdorp om een boek te schrijven. Het tienerboek heeft als titel ‘Vuur over de stad’ en is in 2013 verschenen bij Uitgeverij Mes. Het boek is geschikt voor tieners vanaf 12 jaar.

De verhaallijn

Janwillem Blijdorp heeft een spannend maar ook wat tragisch boek geschreven over de christenvervolging in Iran. De hoofdpersoon, Arman, verhuist met zijn ouders van de stad Aligudarz3 naar de hoofdstad Teheran4. Zijn vader werkt namelijk voor de geheime dienst en heeft promotie gemaakt. Toch zijn Armans moeder en Arman zelf niet gelukkig met de verhuizing. Ze hadden meer ruimte in Aligudarz en moeten ook hun familie en vrienden achterlaten. Ze komen wonen naast Mailsa, de andere hoofdpersoon. Malisa en haar ouders zijn in het geheim overgegaan tot het christendom. Als moslim is dat in Iran streng verboden. De vader van Malisa is arts in een ziekenhuis. Op een dag ruikt de vader van Arman onraad, hij vermoedt dat de ouders van Malisa christen zijn en volgt hen op zondag naar de wekelijkse bijeenkomst. Niet veel later laat hij hen oppakken en martelen. Malisa weet, met behulp van Arman, te ontkomen doordat Arman haar op tijd waarschuwt en meeneemt. Via een omweg belanden Malisa en Arman in Urmia5. Uiteindelijk komen ook Malisa’s ouders toch nog redelijk onverwacht vrij. Armans vader blijkt namelijk spijt te hebben van zijn daad, die zijn gezin uit elkaar gerukt heeft. De christenen, Malisa en haar ouders, blijken goede invloed op hem te hebben gehad: hij wil ook méér van het christelijk geloof weten en uit de Bijbel gaan lezen. Naast dit bovenstaande verhaal, wat Janwillem Blijdorp veel levendiger en spannender heeft beschreven, kom je door het lezen van de voetnoten ook meer te weten over de Iraanse cultuur en de Islam.

Intelligent ontwerp

Gharani, de vader van Malisa, wordt verhoord door Mirkami, de vader van Arman. Er volgt een discussie. Mirkami: “Ik walg van mensen zoals jij (…). Je zou wijzer moeten zijn. Het christendom is iets voor vrouwen en mislukkelingen, niet voor mensen die gestudeerd hebben, zoals jij.” Gharani brengt daar tegenin dat zijn verhoorder dat verkeerd inziet. “Ik zie dagelijks in mijn werk (als arts, JvM) hoe prachtig God alles gemaakt heeft.” Mirkami is het daar niet mee eens, Allah heeft volgens hem alles prachtig gemaakt. “Ik had je wijzer gedacht, Abbas. Geen weldenkend mens gelooft toch dat een god zijn eigen zoon naar deze wereld zou sturen om de problemen van een ander op te lossen? Na dit leven volgt de afrekening. Gelovige mensen die zich aan de Koran en de sharia houden, komen uiteindelijk in de hemel, de rest wacht het vuur. Zo staat het in de Koran.” Gharani: “In de Bijbel staat dat niemand zelf de hemel kan verdienen, omdat we niet in staat zijn het goede te doen.” Mirkami kapt daarna het gesprek af: “Genoeg (…). Straks denk je dat je mij ook kunt bekeren tot het christendom.” Zo zien we dat we ook tegenover de Islam apologetische argumenten paraat moeten te hebben om te getuigen van de waarheid van het Christendom. Een goed boek hiervoor is ‘Allah of Jezus?’ van Nabeel Qureshi.6

Fijn dat Janwillem Blijdorp aandacht heeft voor apologetiek én dat hij Intelligent Ontwerp aanhaalt als een van de aanwijzingen voor de Ontwerper, de God van de Bijbel. Bij het lezen van dit boek zien we hoe bevoorrecht wij zijn in Nederland, of ligt dat toch anders? Laten we voor onze vervolgde medechristenen bidden of zij in deze verzoekingen staande zullen blijven.

Dit artikel werd geschreven in 2021.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten