Home » AI » Prof. dr. M. J. de Vries waarschuwt voor verafgoden AI: “Kan de toren van Babel worden”

Prof. dr. M. J. de Vries waarschuwt voor verafgoden AI: “Kan de toren van Babel worden”

Woensdag 19 november 2025 werd door Bijbels Beraad M/V een conferentie belegd met als thema Bijbelse antropologie. Meer informatie over het programma is hier te vinden. Verslagen van deze conferentie zijn hier en hier te vinden. Hieronder doet CVandaag verslag van de tweede lezing verzorgd door bioloog prof. dr. Marc de Vries.

Een chatbot die op verzoek teksten uitschrijft, een robotverpleegkundige die medicatie rondbrengt in het verzorgingstehuis of de automatische auto die het stuur overneemt. AI (Artificial Intelligence, red.) oftewel kunstmatige intelligentie is de laatste jaren in enorme opkomst. Hoewel het mensen op veel terreinen praktische voordelen biedt, zijn er ook gevaren en schaduwkanten. Prof. dr. M. J. de Vries waarschuwde in zijn lezing tijdens de conferentie van Bijbels Beraad M/V in Montfoort dat we AI niet moeten verafgoden. Ook vertelde hij hoe we het wél kunnen gebruiken.

Nadat Ir. Kees Fieggen in zijn lezing stilstond bij het verschil tussen mens en dier, gaat de Vries op een ander front in waarbij het unieke van de mens in twijfel getrokken wordt.1 Namelijk het verschil tussen mens en machine. “De machine die de mens nota bene zelf maakte”, merkt De Vries op. “Het gevolg van het in twijfel trekken van het verschil tussen mens en machine, maakt dat we van de machine veel te hoge verwachtingen krijgen. Ik geef niet af op technologie, maar technologie kan op enig moment wel de toren van Babel worden en dus verafgood worden. Dan zitten we op het verkeerde spoor en dat kan ernstige gevolgen hebben voor mens en samenleving.”

De SGP-senator merkt op dat mensen al sinds mensenheugenis proberen zichzelf na te maken. “Wat dat betreft is dit een heel oud thema. Vandaag de dag proberen we onszelf na te maken door de robot, die trouwens qua uiterlijk bijna identiek op de mens lijkt. Een goed voorbeeld is de robot Sophia, afkomstig uit 2016.”

Chatbots en medische expertsystemen

Als we spreken over AI, Artificial Intelligence of in het Nederlands ‘kunstmatige intelligentie’, waar hebben we het dan over? “In de meeste gevallen hebben we het dan over software, over allerlei computerprogramma’s. Denk bijvoorbeeld aan chatbots. Als je digitaal met de bank communiceert of andere instellingen zoals de huisartspraktijk, is de eerste opmerking die je van zo’n chatbot terugkrijgt: ‘Heeft u al op de site gekeken?’ Of: ‘Ik begrijp uw vraag niet. Wilt u hem opnieuw stellen?’ Om mezelf frustratie te besparen, vraag ik direct of ik een mens aan de lijn kan krijgen”, zegt De Vries waarmee hij de lachers in de kerkzaal op zijn hand krijgt.

“Als je Googelt, krijg je tegenwoordig direct een AI-overzicht”, vervolgt hij. “Hebben we daarom gevraagd? Nee, maar het wordt ons opgedrongen. Ik denk bijvoorbeeld ook aan de medische expertsystemen. Stel: ik heb op afstand een patiënt voor mij zitten en ik voer zijn gegevens in dat expertsysteem in, dan krijg ik direct allerlei suggesties voor mogelijke diagnoses en behandelplannen. Dan spreken we alleen nog maar over software op basis van AI.”

Belichaamde AI

Maar naast software, noemt De Vries ook belichaamde AI. Voorbeelden daarvan zijn de robotgrasmaaier of de automatische auto. “Gelukkig zijn we eigenlijk al een beetje voorzichtig geworden om dat verschil tussen mens en machine, dat dus omstreden is, volledig weg te moffelen. De Europese Unie laat in haar wetgeving blijken dat die verschillen tussen mens en machine niet weggemoffeld, maar juist naar voren gehaald moet worden. AI kan gevaarlijk zijn en daarom worden in die wetgeving een aantal risiconiveaus onderscheiden. Er zit als het ware een rood lampje in die wetgeving ingebouwd.”

AI moet onder controle staan van de mens

De Vries merkt vervolgens op dat het wat mager is om alleen bij de mogelijke gevolgen van AI stil te blijven staan. “Daarom is het ook goed om te kijken naar de vraag: wat is nu de relatie met de mens? Het mag niet bedreigend en discriminerend zijn. AI moet recht doen aan de waardigheid van de mens. Daarnaast moet altijd onder controle staan van de mens, dus de mens moet altijd de laatste beslissing kunnen nemen. Om het voorbeeld van de arts en het expertsysteem er maar weer bij te pakken: Je mag niet blindelings het advies van AI volgen. Denk erover na en neem dan pas de beslissing. AI mag de verantwoordelijkheid van de mens niet overnemen.”

Vervolgens richt De Vries zich in zijn lezing op ChatGPT, de ‘bekende’ chatbot die op verzoek teksten uitschrijft. In vele beroepsdisciplines wordt er al veelvuldig gebruik van het programma gemaakt. “Als je daarvan gebruikt maakt, zal je dat ook altijd nadrukkelijk moeten vermelden. Dan kan ik namelijk ook wegen wat ik ervan vind. Maak bij gebruik van ChatGPT duidelijk welke teksten door de mens of machine geschreven zijn.”

Belang van benadrukken verschil mens en machine

Waarom is het zo belangrijk om het verschil tussen mens en machine te benadrukken? “Sommige evolutionisten menen dat er geen verschil bestaat tussen mens en aap. Zo zijn er ook mensen die zeggen dat er niets anders is dan de materie en er dus ook principieel geen verschil bestaat tussen mens en machine. Allebei, zo zegt men dan, bestaan ze uit hardware en software. Als wij denken dat wij een geest of ziel hebben, dan is dat volgens die opvatting maar schijn. Het wordt immers bepaald door het brein waar stroompjes doorheen lopen. Wat krijg je dan een verschrikkelijk levensbeeld! We vernederden ons al door onszelf als apen te verklaren. Nu vernederen we ons opnieuw door onszelf als machines te zien.”

Wat betekent dat inzicht als het gaat om de vraag welke verwachtingen we moeten hebben van AI? De Vries: “We hebben een geest en ziel en daarmee kunnen we vrije beslissingen nemen. Dat wordt ook duidelijk in Genesis als God de mens als enige aanspreekt op wat hij gedaan heeft (refererend aan de zondeval, red.). De mens was voor God aanspreekbaar en Hij kan er een relatie mee onderhouden.”

God stelt mensen verantwoordelijk

Tegelijkertijd betekent dat ook dat God mensen verantwoordelijk houdt voor hun daden. “Dat hoort helemaal bij het unieke van de mens. In het woord ‘verantwoordelijk’ zit het woord ‘antwoord’. God kan aan de mens vragen wat hij gedaan heeft en de mens moet daar antwoord op geven. Bij Adam ging dat fout. Die legde de verantwoordelijkheid neer bij Eva en Eva weer bij de slang. Dat is herkenbaar voor onze tijd: Wij onttrekken ons vaak aan verantwoordelijkheid en schuiven dat door.”

De Vries noemt nog een verschil: “Als mensen kunnen we, doordat we een vrije keuzemogelijkheid hebben, buiten ons algoritme treden. Een machine kan dat niet en volgt juist het algoritme. Hij kan ook niet buiten zijn databestand en gegevens. Die kent hij en alles wat daar buiten zit, bestaat niet voor hem.”

Waarom de mens creatiever is dan AI

Hoewel AI indrukwekkende dingen kan creëren, is zij volgens De Vries toch niet creatief. “Al helemaal niet in vergelijking met de mens. Je kunt AI prachtige schilderijen laten maken, en toch is het niets anders dan het alleen maar combineren van bestaande dingen. Je kunt dat een ‘soort’ creativiteit noemen, veel ontwerpers doen dat ook. Maar iets geheel nieuws voortbrengen? Dat doet AI niet. Want dat vraagt dat je buiten je eigen begrenzingen kan treden. Ook voor ChatGPT geldt, dat hoe indrukwekkend echt die teksten op menselijke teksten lijken, ze alleen maar combinaties van bestaande dingen kan uitvoeren.”

Een prettige bijkomstigheid

Het feit dat AI enkel algoritmes kan afwerken, noemt De Vries een prettige bijkomstigheid. “Daarom hoeven we niet te vrezen dat robots de macht zouden kunnen overnemen. Dat zou namelijk een vrije wil vergen. Betekent dat dat robots niet meer gevaarlijk zijn? Ja dat wel, maar om een heel andere reden. Het kan zomaar dat we zo onder de indruk raken van de mogelijkheden van AI dat we vrijwillig de macht uit handen geven en dan hebben we evenzeer een groot probleem.”

De Vries licht dat vervolgens toe: “AI kan geen echte relaties van liefde en zorg aan gaan. AI heeft geen hart, ziel en geest. Hoewel die robotverpleegster in het verzorgingstehuis medicijnen uitdeelt en heel vriendelijk naar mevrouw Jansen glimlacht, zit daar geen liefde achter. Een robot doet alleen maar wat het algoritme zegt wat hij moet doen. Als mevrouw Jansen enkel maar een robotverpleegster te zien krijgt, dan ontvangt mevrouw Jansen nooit meer echte liefde en zorg.”

Dat geldt evenzeer voor een robotdocent, merkt De Vries op. “Stel dat Jantje in tranen uitbarst, dan kan een robotdocent daar helemaal niet mis mee. Een menselijke docent gaat naast hem zitten, slaat zijn armen om hem heen en zegt: ‘Gaat het allemaal wel goed thuis?’”

Wat is de juiste omgang met AI?

Waar ligt dan de goede omgang met AI volgens De Vries? “Ik denk dat het antwoord daarop is: een juiste combinatie van mens en AI. Je kan AI inzetten op plekken waar geen ziel, hart en geest nodig zijn. Denk bijvoorbeeld aan het rondbrengen van medicatie in het verzorgingstehuis of het inzetten van de brandweerrobot die een brandend huis kan inrijden en mensen uit levensgevaar kan halen. Maar als de mens eenmaal buiten is en bijkomt, dan vraagt het wel weer een menselijke brandweerman die zegt: ‘Meneer, gaat het?’ De combinatie van mens en AI kan goed werken, vooral op plekken waar hart, ziel en geest niet nodig zijn. Daar kan AI prima werk doen.”

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website CVandaag. Het originele artikel is hier te vinden.

Voetnoten

  1. https://oorsprong.info/bioloog-fileert-evolutiedenken-mens-is-geen-geevolueerde-aap-maar-gods-evenbeeld/.