Quarantaine, afstand houden, isolatie en zelfs een soort mondkapje: volgens Alie Hoek-van Kooten bevatten de bijbelse wetten rond melaatsheid opvallend veel maatregelen die doen denken aan moderne gezondheidsvoorschriften. In dit boekfragment laat zij zien hoe de regels uit Leviticus verrassend actueel blijken te zijn, juist in het licht van onze kennis over bacteriën, besmettingen en volksgezondheid.
Naast de pest is ook melaatsheid een gevreesde en veelvoorkomende ziekte in de Bijbel. Het is wel de vraag of de ‘bijbelse’ melaatsheid precies dezelfde aandoening is als de onder ons bekende ziekte van die naam. Verwekkers van ziekten kunnen in de loop van de tijd ook in meer of mindere mate veranderen. Muteren heet dat. Bovendien konden er vroeger geen testen worden gedaan, zodat je nooit met zekerheid kunt zeggen wat er precies met melaatsheid in de Bijbel bedoeld wordt. In sommige vertalingen wordt er gesproken van huidvraat (sara’át).
Het gaat in ieder geval wel over een huidziekte die men vreesde en die veel ellende bracht. De ziekte kon ook gemakkelijk van de ene op de andere mens overgaan en was dus besmettelijk. Als je melaats was, werd je onrein verklaard en moest je buiten de legerplaats wonen, zodat je een ander niet kon besmetten.
Quarantaine bij verdenking van melaatsheid
In Leviticus 13 kun je lezen dat wie bang was melaats te zijn, niet naar een arts ging, want die bestond nog niet, maar naar de priester. Die moest dan aan de hand van de verschijnselen kijken of iemand inderdaad melaats was. Als dat zo was, werd die persoon buiten de gemeenschap geplaatst, zodat hij of zij anderen niet zou besmetten.
Als het niet duidelijk was of de patiënt wel of niet de ziekte van de melaatsheid had, moest deze ook in quarantaine (vers 4). De patiënt mocht dan zeven dagen lang niet met anderen in contact komen. En als het na die zevende dag nog niet duidelijk was, kwamen er nog zeven dagen van quarantaine bij. Daarna werd die persoon ofwel rein, dat is gezond, ofwel ziek verklaard (vers 6). De patiënt is dus maximaal veertien dagen in quarantaine.
De term ‘quarantaine’ is afgeleid van het Franse woord quarante, wat veertig betekent. Dit begrip werd gebruikt tijdens de pestepidemie in de veertiende eeuw. Schepen die aanmeerden, werden verplicht om veertig dagen in de haven stil te liggen, waarbij de bemanning het schip niet mocht verlaten.
Later bleek dat een quarantaine van veertig dagen eigenlijk veel te lang is. Maximaal twee weken is bij allerlei besmettelijke infectieziekten meer dan voldoende. Eigenlijk had men dit dus al vanuit de Bijbel kunnen weten, waar mensen maximaal twee keer zeven dagen buiten de gemeenschap werden geplaatst om een ziekte vast te stellen.
Isolatie, afstand houden en ‘mondkapje’
Een quarantaine dient ertoe om te zien of bij iemand wel of niet een mogelijk besmettelijke ziekte zich zal openbaren. Als iemand inderdaad die besmettelijke ziekte blijkt te hebben, moet deze persoon vervolgens voor kortere of langere tijd afgezonderd worden. Dan gaat zo iemand in isolatie.
We wierpen al de vraag op of de melaatsheid in de Bijbel wel dezelfde melaatsheid is als wij die nu kennen, maar het gaat in de Bijbel in ieder geval om een besmettelijke ziekte die tot uiting komt aan de huid. Het is wel bijzonder dat allerlei elementen die vandaag de dag spelen bij een besmettelijke aandoening, in de bijbelse tijd ook al golden.
We zagen in Leviticus 13 dat de melaatse buiten de gemeenschap geplaatst moet worden. Ook moet hij al vanuit de verte herkend kunnen worden, zodat je bij voorbaat al afstand kunt nemen als je een zieke tegenkomt.
In vers 45 staat: De kleren van de melaatse bij wie de ziekte is vastgesteld, moeten ingescheurd worden, zijn hoofdhaar moet hij los laten hangen, hij moet zijn baard en snor bedekken en hij moet roepen: Onrein, onrein!
De SV zegt in vers 45b: en hij zal de bovenste lip bewinden/bewimpelen; daartoe zal hij roepen: Onrein, onrein!
Het bijzondere is dat de melaatse eerst de bovenlip moest bedekken en dan pas roepen: ‘Onrein, onrein’. Wij weten nu dat de leprabacterie via de uitademingslucht verspreid kan worden. Dit voorschrift is dus zeer relevant. Zo komen de besmettelijke bacteriën die met de uitademingslucht naar buiten gaan in een doek terecht en niet door de lucht bij iemand anders. Het werkt dus als een mondkapje.
Hoe vervelend deze maatregelen ook zijn voor de melaatse zelf, ze zijn wel effectief om besmetting van anderen te voorkomen.
Melaatsheid van een huis
In Leviticus 13 gaat het over de melaatsheid van mensen. In Leviticus 14:33-57 wordt gesproken over melaatsheid van een huis. Hoe kan nu een huis melaats zijn, zul je je afvragen.
Zoals ik al eerder schreef, hadden ziekten vroeger nog geen officiële naam. Alleen als men erg bang was voor een ziekte zoals die zich voordeed bij epidemieën, kreeg de ziekte een aanduiding die fungeerde als scheldnaam, zoals bijvoorbeeld de pest. Voor melaatsheid was men zoals gezegd in het Oude Testament ook erg beducht. Je kunt je voorstellen dat als er zich in een huis iets voordeed dat zich voortdurend uitbreidde, gezegd werd dat het huis melaats was. Veel en veel later is men dat pas schimmelgroei gaan noemen.
Het lijkt er dus om te gaan dat er in zo’n geval een schimmelinfectie in het huis is. De beschrijving ervan in vers 37, waar het gaat om groenachtige of roodachtige kuiltjes, doet ook denken aan schimmelgroei. In ieder geval wijst dat op een vochtig huis en dat is niet goed voor de gezondheid van de eventuele bewoners. Goed dat de priester dan dus moet komen om dat huis als het ware te keuren.
De priester komt dan om het huis te bezien (vers 36) en vervolgens moet de woning zeven dagen worden afgesloten (vers 38). Goed ook om dan zeven dagen te wachten voordat de priester weer naar dat huis toegaat om te zien hoe het er nu mee gesteld is. Als je iedere dag gaat kijken, zie je vaak geen verschil met de vorige dag.
Ik weet nog dat ik een co-schap op dermatologie deed en dat de begeleidende arts zei dat ik niet iedere dag naar een patiënt met de een of andere huidaandoening moest gaan kijken, want dan zou een eventueel verschil met de vorige dag niet opvallen. Je moet er echt een paar dagen overheen laten gaan om te zien of het erger wordt dan wel beter gaat. Daar moest ik aan denken toen ik dit las over zeven dagen wachten voordat de priester opnieuw naar dat huis gaat.
Wanneer de priester na zeven dagen constateert dat de schimmel erger is geworden, moeten de stenen waaraan die ‘ziekte’ zich bevindt, uitgebroken en buiten de stad gebracht worden, op een onreine plaats (vers 39). Het is opvallend dat men die stenen niet rondom het huis mocht laten liggen, maar echt moest afvoeren naar een onreine plaats, zelfs buiten de stad. Begrijpelijk ook, want anders blijft de schimmel daar liggen en kan die verder gaan groeien in de omgeving.
Zelfs wat afgeschrapt is (vers 41), moest naar een onreine plaats worden gebracht. Wat wordt dat toch precies gedaan. Zou je dat niet zo doen, dan kan de achterblijvende schimmel zich weer gaan vestigen en uitbreiden. Wij hebben tegenwoordig allerlei middelen om schimmels in huis te bestrijden, maar dat was toen nog niet het geval en daarom moest men op deze manier proberen die schimmel te bedwingen. En als dat allemaal niet hielp, moest zelfs het hele huis worden afgebroken en alles naar een onreine plaats buiten de stad worden gebracht (vers 45).
Onvoldoende ventilatie
Wijst schimmelgroei in een huis niet op een vochtig huis? Een vochtig huis veroorzaakt vaak allerlei klachten en infecties aan de luchtwegen. Wij weten ook dat bedompte en beschimmelde huizen slecht zijn voor de volksgezondheid. We hebben dat ook tijdens de coronapandemie gezien. Er werd sterk op gewezen dat de huizen en vooral ook de scholen waar veel kinderen uit veel verschillende gezinnen samenkomen, goed geventileerd moesten worden. De ramen moesten zelfs in de winter openblijven.
Wetten van Leviticus: moderne gezondheidswetten
We zijn in dit hoofdstuk de volgende maatregelen in Leviticus 13 tegengekomen:
• Quarantaine en isolatie
• Afstand houden
• Mondkapje
• Belang van droge behuizing
Maatregelen die wij ook hebben leren kennen tijdens de coronapandemie van 2020-2023. En we hebben gezien hoe nodig die adviezen waren om zo verdere verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.
Bij deze wetten van Leviticus in het Oude Testament komen we dus al dezelfde begrippen tegen, al worden ze misschien iets anders benoemd. De wetten van Leviticus zijn gestoeld op het verhinderen van de overdracht van micro-organismen van de ene op de andere mens. En dat in een tijd waarin men van het bestaan van micro-organismen nog niets afwist! Door je aan deze wetten te houden, kun je voorkomen dat iemand ernstig ziek gaat worden. Wij zeggen ook: ‘Voorkomen is beter dan genezen’ en dat komt hierin dus wel tot uiting. Het is dus niet zo dat je pas als je ziek bent, zou mogen handelen.
Nu we weten van het bestaan van micro-organismen en hoe bacteriën en virussen zich kunnen verspreiden, zijn die wetten ook veel beter te begrijpen en zie je dat door de wetten van Leviticus verdere verspreiding wordt verhinderd. Eigenlijk zijn de wetten van Leviticus dus regelrechte voorlopers van onze moderne gezondheidsvoorschriften.
Drs. Alie Hoek-van Kooten schreef een boek met als titel ‘Medische Verrassingen in de Bijbel’. Het boek verscheen bij KokBoekencentrum. Drs. Hoek-vanKooten werd eerder ook geïnterviewd door CVandaag naar aanleiding van haar boek. Dit interview is hier te lezen.
Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website CVandaag. Het originele artikel is hier te vinden.