Home » Embryologie » Nep of echt? Laat het echte embryo opstaan

Nep of echt? Laat het echte embryo opstaan

De Tweede Kamer bespreekt vandaag mogelijke wijzigingen van de Embryowet. Daarbij staat de vraag centraal of ook kunstmatig gemaakte embryo-achtige structuren juridisch als embryo moeten worden beschouwd. Deze ontwikkeling roept fundamentele vragen op.

Er ligt nu een voorstel om de definitie van embryo te verruimen. Ook synthetische embryo’s zouden daaronder vallen. De voorgestelde definitie luidt: ‘een cel of samenhangend geheel van cellen met het vermogen uit te groeien tot een mens.’ Hierdoor zouden ook deze kunstmatige structuren juridisch als embryo worden beschouwd.

Wetenschappelijke en ethische vragen

Deze ontwikkeling roept zowel wetenschappelijke als ethische vragen op. Is het terecht om natuurlijke en synthetische embryo’s gelijk te stellen? En opent dit mogelijk de deur naar menselijk klonen, wat nog steeds verboden is? Onderzoekers zijn verdeeld. Sommigen benadrukken dat deze embryo’s kunstmatig zijn en dus niet echt. Anderen wijzen erop dat ze zich gedragen als natuurlijke embryo’s en daarom bruikbaar zijn voor onderzoek naar vroege ontwikkeling.

Wat zijn ELS-embryo’s?

Een aparte categorie vormen de zogenoemde ELS-embryo’s. ELS staat voor Embryo Like Structures. Deze ontstaan niet uit een zaadcel en een eicel. In plaats daarvan worden lichaamscellen hergeprogrammeerd tot stamcellen. Deze stamcellen worden vervolgens samengebracht en onder invloed van chemische stoffen gestuurd in hun ontwikkeling. Zo ontstaan structuren die lijken op vroege embryonale stadia, zoals de morula of gastrula. In sommige gevallen ontstaan zelfs primitieve structuren van organen, zoals hart en hersenen.

PETITIE
Rond de voorgenomen wijziging van de Embryowet groeit het verzet onder wetenschappers. Vijf deskundigen waarschuwen dat het plan om synthetische ‘nep-embryo’s’ juridisch gelijk te stellen aan echte embryo’s innerlijk tegenstrijdig is. Deze structuren worden juist gebruikt om echte embryo’s te bestuderen, maar zijn volgens hen biologisch niet hetzelfde. Bovendien vrezen zij dat dit de deur opent naar toepassingen als klonen en zelfs kunstmatige voortplanting. Inmiddels hebben duizenden mensen deze petitie ondertekend.

Nieuwe mogelijkheden en nieuwe risico’s

Voor onderzoekers biedt dit belangrijke nieuwe mogelijkheden. Vroege embryonale ontwikkeling, die normaal verborgen blijft in de baarmoeder, kan nu in het laboratorium worden bestudeerd. Tegelijk wordt benadrukt dat deze structuren zich niet kunnen ontwikkelen tot een voldragen zwangerschap. Zij kunnen zich namelijk niet innestelen in een baarmoeder. Toch is niet uitgesloten dat technologische vooruitgang dit in de toekomst kan veranderen. Een belangrijk punt van zorg is dat deze namaak-embryo’s feitelijk klonen zijn. Het gaat om genetische kopieën van een individu, zonder biologische ouders. Als zulke structuren ooit zouden uitgroeien tot een mens, zou er sprake zijn van het geboren laten worden van menselijke klonen. Dat is tot nu toe verboden. Dit roept fundamentele vragen op over identiteit, verantwoordelijkheid en rechten.

Gelijkenis is geen gelijkheid

De discussie draait ook om de vraag in hoeverre gelijkenis gelijkheid betekent. Voorstanders wijzen op overeenkomsten in vorm en gedrag tussen synthetische en natuurlijke embryo’s. Critici stellen dat gelijkenis geen bewijs is van gelijkheid. De ontstaanswijze verschilt namelijk fundamenteel. Een natuurlijk embryo ontstaat uit één cel, de zygote, en ontwikkelt zich door celdeling. Een synthetisch embryo ontstaat door het samenvoegen en manipuleren van losse cellen. Dat beide op elkaar lijken, betekent dus niet dat ze biologisch hetzelfde zijn. Daarnaast wordt gewezen op een bredere visie op embryonale ontwikkeling. Een embryo is niet simpelweg een klompje cellen dat later een mens wordt. Het is vanaf het begin een georganiseerd levend organisme dat zich continu ontwikkelt. Deze procesgerichte benadering staat tegenover een reductionistische visie, waarin vooral naar vorm en uiterlijk wordt gekeken.

Gevolgen van de wetswijziging

De voorgestelde wetswijziging is gebaseerd op de gedachte dat synthetische embryo’s voldoende lijken op natuurlijke embryo’s om juridisch gelijkgesteld te worden. Volgens critici is dit problematisch. Het verdoezelt belangrijke verschillen en kan leiden tot ongewenste ontwikkelingen, zoals het impliciet toestaan van klonen. Daarnaast kan de bestaande grens van veertien dagen voor onderzoek onder druk komen te staan. Onderzoekers zouden deze grens willen oprekken bij gebruik van nieuwe embryo-modellen. Op dit moment is dat echter nog niet aan de orde.

Er zijn voldoende redenen om synthetische embryo’s niet als gelijkwaardig aan natuurlijke embryo’s te beschouwen. Het is daarom verstandiger om voor deze nieuwe categorie een aparte wettelijke regeling te ontwikkelen. Het aanpassen van de bestaande Embryowet kan leiden tot vervaging van ethische grenzen en ongewenste consequenties.

De uitgebreidere versie van dit artikel is ook verschenen op onze website.

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website CVandaag. Het originele artikel is hier te vinden.