Dit jaar wordt de beroemde en beruchte Synode van Assen (1926) herdacht. In het Nederlands Dagblad (ND) verschenen een aantal historisch-inhoudelijke artikelen over deze kwestie, de kwestie-Geelkerken genoemd. Op deze artikelen van Willem Bouwman kwam geen reactie. Dat veranderde toen er door de redactie van het ND een artikel uit het maandblad Onderweg (van de Nederlandse Gereformeerde Kerken) werd aangehaald. In het originele artikel gaf ds. Ulbe van der Meer kort gezegd aan dat het paradijsverhaal niet werkelijk (dus historisch) zó plaats heeft gehad. Deze aanhaling en het originele artikel kregen veel kritiek (maar soms ook bijval) in de krant. In dit artikel wil ik op chronologische volgorde de artikelen samengevat weergeven en waar ik het nodig acht van beknopt commentaar voorzien. De kwestie-Geelkerken blijkt nog steeds actueel, nu in de Nederlandse Gereformeerde Kerken.

Op de Synode van Assen 100 jaar geleden ging het om de paradijsgeschiedenis. Dr. Geelkerken, predikant van de Gereformeerde Kerk te Amsterdam-Zuid, deed met zijn preek over de slang in het paradijs veel stof opwaaien. Geelkerken vroeg zich af of de slang werkelijk gesproken had. Een hele discussie volgde. De paradijsgeschiedenis zorgde zo voor strijd, verbittering, spot en verbijstering. De Synode van Assen moest de stofmist weer wat doen opklaren. Uiteindelijk kwam de synode tot overeenstemming dat de slang ‘zintuigelijk waarneembaar’ had gesproken. Geelkerken werd geschorst en afgezet en rond zijn persoon ontstond een klein gereformeerd kerkverband: de Gereformeerde Kerken in Hersteld Verband.1
Het vermaledijde beest
In de rubriek ‘Niet onopgemerkt’ bespreekt het ND een artikel uit de bladen over kerk en geloof. Op dinsdag 26 mei 2026 is het oog gevallen op een artikel van de Tilburgse NGK-predikant ds. Ulbe van der Meer. Hij publiceerde het artikel in ‘Onderweg’, het maandblad van dezelfde kerkelijke denominatie.2 Overigens, omdat de redactie van ‘Onderweg’ al nattigheid voelde heeft men er in het voorwoord van het blad ook aandacht aan besteed.3 Zie ook de reactie van de redactie hieronder. Na een korte introductie over de sprekende slang en de kwestie-Geelkerken wordt het artikel van ds. Van der Meer besproken. Volgens hem was de uitspraak van de Synode van Assen ‘rampzalig en hebben we er tot vandaag last van’ (vetgedrukt door JvM). De toon is daarmee gezet. Honderd jaar na dato rust er volgens de Tilburgse predikant nog steeds een taboe op deze kwestie. “Predikanten moeten op eieren lopen om de jeugd niet in verwarring te brengen of hun ouders ongerust te maken vanwege vermeende vrijzinnigheid.” Dat moet anders. De slang heeft niet gesproken en de predikant stelt een andere lezing voor. Volgens hem moet je Genesis 3 niet geheel cancelen, maar lezen als een mythisch verhaal over de oertijd. Hiervan zou iets geleerd worden over het geestelijk leven van alledag. Om de tekst recht te doen, moet je deze tot je nemen als ‘profetische vertelling’. Van der Meer meent dat het in deze tekst gaat over meer dan één slang, namelijk over het gehele diersoort. De schrijver van de tekst heeft zich laten leiden door ‘gangbaar cultureel taalgebruik in de oudheid’. Hiermee wordt de cultuur leidend voor het lezen van de Schrift. In werkelijkheid zijn slangen niet per definitie sluwer dan andere dieren. Van der Meer ontkent bovendien dat de vervloeking van de slang door God de hele diersoort betreft. Met deze stellingen gaat hij lijnrecht in tegen de tekst, waarin dat juist wél zo genoemd wordt. We moeten de tekst lezen in literaire zin (en niet in historische zin). Van der Meer: “Elk mens hoort in zijn of haar leven iedere dag de fluisterstem van de zonde. Die stem is áls die van een slang”. De teksten willen ons niet iets mee geven over het verleden, ze geven echter wél een geestelijke kijk op het heden. “Tegenover deze leugen blijken wij weerloos, onbedachtzaam.” Dit gaat lijnrecht tegen het zelfgetuigenis van de Schrift, maar ook de belijdenis, in. Geen wonder dat op dit eenzijdige betoog veel reactie op gekomen is.4
Rapen gaar
De eerste reactie op de samenvatting van het artikel in ‘Onderweg’ is een ingezonden stuk van ND-lezer Johan van Veen. Volgens de lezer zet ds. Van der Meer de historische betrouwbaarheid van de Schrift ‘bij het grofvuil’. Van Veen meent dat de predikant er wel mee wegkomt in de NGK, zeker als men bedenkt dat men ook alverzoening mag verkondigen vanaf de kansels. Van Veen geeft aan dat als men daarom beweert dat de NGK zich ontwikkeld in de richting van vrijzinnigheid ‘de rapen gaar’ zijn.5
Zondeval komt boven de geschiedenis te hangen
In haar wekelijkse column verwijst journaliste Reina Wiskerke naar de geschiedenis van de zondeval en het artikel van ds. Van der Meer. Ze vraagt zich af dat áls Adam en Eva niet letterlijk geleefd hebben, ook elk leerstuk één voor één in duigen moet vallen.6 Ze vermoedt dat dit niet het hele verhaal is, maar Wiskerke wil niet ontkennen ‘dat het omvallen van vertrouwde geloofswaarheiden je geloof kan (helpen) fnuiken’. Wiskerke meent ook dat dit geen reden is om geloofswaarheden opnieuw te doordenken. Dat doordenken is, zo geeft de journaliste aan, zelfs onvermijdelijk. Volgens haar vindt een heroverweging van bijvoorbeeld de eerste hoofdstukken van Genesis allang plaats in orthodoxere kringen. Ze verwijst daarvoor naar een uitspraak van oudtestamenticus dr. Koert van Bekkum in de ND-podcast Dick en Daniël Geloven het Wel. Volgens Van Bekkum vertellen de eerste hoofdstukken van Genesis ons een taal die sterk symbolisch van aard is. De journaliste ontgaat de indruk niet dat ds. Van der Meer veel verder gaat. Wiskerke meent dat de zondeval zo boven de geschiedenis komt te hangen. “In die zin dat de ‘profetische vertelling’ kennelijk niets openbaart over een (mistig) verleden, maar enkel betrekking heeft op het hier en nu van de lezer.” Dit heeft gevolgen voor de historische lijn in de Bijbel en de klassieke geloofsleer. Waarom dropt de redactie van ‘Onderweg’ dit vraagstuk zonder reflectie bij de doelgroep? Wiskerke mist in het betoog van ds. Van der Meer het feit dat God zich bemoeit met ons en onze geschiedenis. Alles over Boven, komt ook van Boven. “Als ik het idee krijg dat op dat geloof wordt beknibbeld, en ik daarin zou meegaan, dan gaat er bij mij veel schuiven, zo niet alles.”7
Geen zwerfkei maar hoeksteen
Volgens emerituspredikant binnen de NGK, ds. Klaas de Groot, is de leer van de zondeval geen zwerfkei maar een hoeksteen. De predikant geeft aan dat ds. Ulbe van der Meer eenzijdig naar de sprekende slang heeft gekeken. “Er staan immers meer teksten in de Bijbel over de slang.” De Groot verwijst daarvoor naar 1 Korinthe 11:3, 1 Timotheüs 2:14 en Openbaring 12:9. Hoewel Genesis 3 op zichzelf ook duidelijk is dat de slang gesproken heeft. Een klassieke benadering bij de uitleg van de Schrift is dat de Schrift zichzelf uitlegt. “Het spreken van de slang is dus historisch (toen gebeurde het) en de slang heeft alles te maken met Satan. Door de slang sprak Gods grote vijand.” Naast historisch, heeft het ook een geestelijke betekenis. “De He[e]re haalt hen uit elkaar door hen vijanden van elkaar te maken. Niet tussen mens en slang, maar tussen Gods kinderen en alles wat tot Satan behoort. Dat is de profetische prediking van deze geschiedenis. Wij moeten goed de consequenties zien als we de zondeval geen historische gebeurtenis vinden, maar enkel de fluisterstem van de zonde die mensen elke dag horen.” Wat zijn de gevolgen? De drieslag van ellende-verlossing-dankbaarheid komt onder vuur te liggen of zelfs ontkend. De predikant verwijst naar Romeinen 5:12. “Tegenover Adam komt Christus te staan. Maar als Adam niet gezondigd heeft, hoe moeten we dan de redding door Christus zien? Was die dan nog wel nodig?”8
Alle verstand te boven
ND-lezer Jantien van Wageningen geeft aan dat theologen en predikanten niet zo stellig het bestaan van Adam en Evan en het spreken van de slang moeten ontkennen. Ze vraagt zich af of hier niet meer bescheidenheid past. Het is de vraag of Genesis 1-3 alléén symbolisch begrepen kan worden. Jezus beschouwt Abel, bijvoorbeeld, wél als persoon die echt geleefd heeft. “Welk gezag kennen we toe aan Jezus en Zijn woorden? Moeten deze ons niet tot bescheidenheid brengen? Wat Zijn woord ons heeft bekend gemaakt, gaat alle verstand te boven!”9
Niets is voor God onmogelijk
ND-lezer Adriaan Hoogendoorn maakt zich, net als journaliste Reina Wiskerke (zie hierboven), zorgen over de publicatie van ds. Ulbe van der Meer. Hoogendoorn zegt niet of de aarde in exact zes dagen geschapen is of dat de slang wél gesproken heeft. Wat wel ondermijnend is voor het geloof in God de Almachtige is stellig beweren dat de slang niet gesproken kan hebben. Niets is voor God onmogelijk: Hij sprak en het was er, Jezus stond op uit de dood. “De mens is geneigd gebeurtenissen die we niet begrijpen, te ontkennen. God stelde de mens in het paradijs op de proef of hij God zou gehoorzamen. De mens viel in zonde, want wilde als God zijn. Dat blijft de oerzonde.” Hoogendoorn moedigt bestudering van de Schrift aan, maar wil er voor waken té veel vraagtekens bij de tekst te plaatsen. “Voor je het weet, ligt de bijl aan de wortel van ons geloof.”10
Alle reden om van gedachten te wisselen
De hoofdredactie van Onderweg, bestaande uit predikant ds. Louren Blijdorp en universitair hoofddocent dr. Marinus de Jong, reageren in een opiniestuk op de vraag van Riena Wiskerke (zie hierboven) waarom de redactie van Onderweg deze visie zomaar in haar achterban dropt zonder enige reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van de opvatting van ds. Van der Meer. Ze menen dat de NGK een zoekend kerkverband is geworden dat richtingsaanduiding nodig heeft. Daarom is het volgens de hoofdredactie nodig dat alle stemmen mogen klinken die aanwezig zijn binnen de NGK. Er is ruimte nodig voor de overweging in welke richting het kerkverband zich wil ontwikkelen. Is dít de richting die het kerkgenootschap op wil? Ontkenning van de historiciteit van de zondeval én van de eerste hoofdstukken van Genesis. Nee toch? De geschiedenis van de Gereformeerde Kerken (synodaal) hebben laten zien waar dát schip strandt. Enfin, de hoofdredactie meent dat het gesprek hierover moet plaatsvinden.
Blijdorp en De Jong geven ook aan dat de visie van ds. Van der Meer breder resoneert binnen de kring van de NGK en de Theologische Universiteit Utrecht. “Hoogleraren en predikanten spreken gevarieerd over de zondeval. Voor de een is het de oermythe buiten de geschiedenis, een ander leest het mogelijk als emancipatieverhaal, weer een ander spreekt over een repeterend patroon van schepping-val-verlossing.” Het gaat er hier toch niet om wat mensen, hoe geleerd ook, hiervan vinden, maar veel meer wat Gods Woord er Zelf van zegt? Onderweg wil, volgens de hoofdredactie, informeren waar predikanten binnen de NGK staan qua interpretatie van de Bijbel en de verhouding tot de kerkelijke belijdenis. Lezers zijn vrij om te reageren op wat gepubliceerd wordt. De redactie merkt tenslotte op dat oudtestamenticus dr. Koert van Bekkum een verdiepend artikel artikel voor Onderweg aan het schrijven is over deze kwestie. Het blijft uiteindelijk aan de kerken om richting te geven aan de koers die gevaren moet worden.11
Lees Job
Gereformeerd emerituspredikant binnen de Protestantse Kerk in Nederland, dr. Wout van Herwijnen, meent dat mensen die moeite hebben met de historiciteit van de Schrift Job zouden moeten lezen. Dr. Van Herwijnen verwijst eerst naar de oud-politicus die de historiciteit van de zondeval ontkende en daardoor uiteindelijk alles in duigen viel.12 Daarna kwam het stuk van ds. Van der Meer hem onder ogen waarbij een Nederlands Gereformeerd predikant de historiciteit van de zondeval ontkent. “In mijn werk als predikant in een volkskerk kom ik geregeld tegen dat mensen zeggen dat ze niet meer in God kunnen geloven door wat ze elders gelezen hebben over het ontstaan van de wereld en het heelal.” In de Bijbel vinden ze geen antwoorden, ze weten het beter en geloven niet meer. “De oorzaak dat mensen de Bijbel niet meer letterlijk kunnen nemen, is dat ze niet geloven kúnnen dat de verhalen die in de Bijbel staan werkelijk gebeurd zijn.” De predikant meent dat dit geen onwil is. Voor dergelijke mensen heeft ook zo’n ‘profetische vertelling’ geen enkele waarde of houvast. “Wat eerder geen geschiedenis kan zijn, kan dat straks ook niet worden!” ‘Maar zijn wij wel in staat om een beoordeling van de Bijbelse waarheid te geven?’, zo vraagt de predikant zich af. Dr. Van Herwijnen denkt van niet. Hij verwijst naar het Bijbelboek Job. Job krijgt veel ellende over zich heen, hij vindt dat hij onschuldig is en kan God helemaal niet meer volgen. De verhalen van zijn vrienden helpen hem ook niet verder. Maar dan gaat God spreken: ‘Job, waar was jij toen Ik de aarde schiep en de mens? Weet jij hoe Ik de zon gemaakt heb, Job’. Toen moest de hand op de mond. “Job kreeg geen antwoord, maar een handwoord: God nam Job bij de hand zodat hij weer verder kon.” Als je God alleen maar uit verhalen van anderen kent, dan ben je ook niet in staat om ook maar iets over God te zeggen. “Pas als we gezag aan de Bijbel toekennen, heeft de Bijbel ons wat te zeggen. Anders heeft het ons niet meer te zeggen dan een boek als ‘Bartje zoekt geluk’.” Dr. Van Herwijnen begrijpt het niet, maar hij gelooft het wel. Dat kan ook niet, want om het te begrijpen zou je groter moeten zijn dan God Zelf!13
Ruimdenkender verband
ND-lezer Willem Holdijk schrok bij het lezen van het opiniestuk van de hoofdredactie van ‘Onderweg’. Hoewel de NGK een ruimdenkender kerkverband mag zijn, vindt Holdijk deze bandbreedte té groot. “Blijkbaar zijn we al zover van huis dat er predikanten zijn die het begin van Genesis niet meer historisch letterlijk nemen.” Dat is zorgelijk. Deze veranderingen komen Holdijk niet uit de lucht vallen. Hij verwijst daarbij naar onbijbelse beslissingen van de synode door praktiserende ‘homoseksuele broeders en zusters’ toe te laten in de ambten en aan het Heilig Avondmaal.14 Nu is er weer sprake van of de slang wel of niet gesproken heeft (een nieuwe kwestie-Geelkerken). Holdijk roept zijn medeleden op tot bezinning en verwijst met instemming naar het artikel van zijn eigen oud-predikant Klaas de Groot (zie hierboven). “Als we deze lijn doorzetten, staan de deuren naar de vrijzinnigheid wagenwijd open. Ik kan helaas niet iets anders concluderen.”15
Genesis lezen vanuit een nederige houding
ND-lezer Lodewijk van Bekkum reageert op het opiniestuk van dr. Wout van Herwijnen over een nederige houding zoals Job bij het Bijbellezen (zie hierboven). Van Bekkum is vijf jaar lid geweest van een christelijke studentenvereniging en ziet deze houding als waardevol en vruchtbaar. “Tegelijk zag ik ook dat dit voor mij en vele leeftijdsgenoten niet voldoende is.” Vanuit de maatschappij komen kritische vragen over bijvoorbeeld de schepping. Deze kunnen wij volgens Van Bekkum niet links laten liggen. Op studentenverenigingen is er gelukkig ruimte om dit te bediscussiëren en ook boeken, artikelen en podcasts kunnen in een antwoord voorzien. “Het gaat dan niet over het beter willen weten dan God, maar er is juist de wil om God en Zijn Woord serieus te nemen en deze dus aan hete vuren te durven blootstellen.” Kritische vragen negeren is voor Van Bekkum hetzelfde als de kop in het zand steken en dit kan juist leiden tot ongeloof en kerkverlating.16
Sprekende slang leidt af van waar het echt om draait
Redacteur Laura Dijkhuizen mengt zich in haar redactioneel commentaar ook in de discussie. Ze vraagt zich af waarom de sprekende slang regelmatig het onderwerp van discussie is en of het laatste woord hierover niet gezegd is. “Is het de angst om via het letterlijk loslaten van de tekst op een hellend vlak terecht te komen? Of omdat het scheppingsverhaal zo wezenlijk belangrijk is voor het geloof in een almachtig God, een identiteitsmarkering voor de orthodoxie?” Dijkhuizen constateert dat in de discussie de liefde veelal naar de achtergrond verdrijft (hete hoofden en koude harten). Ze wil met hoogleraar prof. dr. Ad de Bruijne deze ‘hot items’ wat meer laten rusten en te ‘focussen op de raakvlakken met het dagelijkse leven’. Bijzonder is dat De Bruijne nu juist wel aangeeft dat het belangrijk is hoe God de wereld heeft gemaakt, dat is strijdig met het betoog om deze hot items te laten rusten. Historiciteit van de geschiedenissen in de eerste hoofdstukken van Genesis is voor de redacteur niet belangrijk. Het gaat erom dat we de wereld en daarin alle schepselen lief moeten hebben (want het grote ‘verhaal’ vertelt ons dat God dat ook doet). De volgende keer als er weer zo’n discussie voorbij komt, moeten we ons, volgens Dijkhuizen, afvragen wie hiermee gediend is. Wetenschappers kunnen zinnige dingen zeggen, maar de Bijbel is voor haar (al generaliseert ze hier door zich te vereenzelvigen met alle ‘gelovigen’) een boek ‘van inspiratie, leiding en troost’.17 Gods Woord in de Bijbel in plaats van de Bijbel als Gods Woord. In de ogen van ondergetekende een eeuwenoude gedachte. Het lijkt aantrekkelijk maar uiteindelijk is dit het failliet van de kerk (als instituut). Nee, de Schrift is niet slechts een boek van inspiratie, leiding en troost. Het is Gods Woord, het enige richtsnoer dat zal (moeten) leiden tot de enige troost in leven en sterven.
In dezelfde krant laat redacteur Willem Bouwman zien dat de Gereformeerde Kerken voorzichtig (maar zeker) afstand namen van de sprekende slang. Om met de woorden van Albertus Zijlstra (van het Gereformeerde Gezinsblad, voorloper van het Nederlands Dagblad) te eindigen: “Het is ontstellend voor ieder die deze durf der afvalligheid met smart aanschouwt.”18 Leg dit naast het hierboven genoemde redactionele commentaar en men ziet dat er niets nieuws onder de zon is. Hier zijn de Gereformeerde Kerken een waarschuwingsbaken in zee.
Opmerkelijk geluid
In reactie op het artikel van Willem Bouwman over de ontwikkelingen in de Gereformeerde Kerken ná de Synode van Assen wijst ND-lezer Jan Groenleer op het werk van prof. dr. B.J. Oosterhoff. Hij schreef in 1972 een opmerkelijke studie ‘Hoe lezen wij Genesis 2 en 3?’. Volgens Oosterhoff moeten we Genesis 2 en 3 niet westers-letterlijk lezen, maar zoals dat in het oude Oosten gebruikelijk was: in symbolisch, dichterlijk, profetisch taalkleed. “Het zou vandaag geschreven kunnen zijn, en dat na meer dan vijftig jaar.”19
De Voorzeide Leer
Wijst de vorige lezer op het boek van Oosterhoff, ND-lezer Peter van Dalen noemt ‘De Voorzeide Leer’. De reeks is geschreven door de predikanten ds. Cornelis Vonk en ds. Frans van Deursen. Volgens de predikanten (in 1960) had de auteur voor zijn tijdgenoten waarheid geschreven in Genesis. De schrijver heeft Gods scheppende Hand beschreven ‘waarbij Hij zich bediende van de taal die Zijn volk begreep. Deze beschrijving brengt mij reeds enkele decennia veel geloof en dankbaarheid’.20
Met deze reactie is er een einde gekomen aan de discussie over de sprekende slang in het Nederlands Dagblad. De discussie zal binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) nog wel even doorgaan. We volgen het op de voet en houden u op de hoogte.
Voetnoten
- Bouwman, Willem, 2026, Hoe spanning over de synode van Assen omsloeg in grote schrik, Nederlands Dagblad 82 (22.199): 17.
- Meer, Ulbe van der, 2026, Genesis 3 is een profetische vertelling, Onderweg 12 (5): 26-27.
- Hoofdredactie, 2026, Zoeken rond zondeval, Onderweg 12 (5): 5.
- Redactie, 2026, Sprekende slang is een ‘profetische vertelling’, Nederlands Dagblad 82 (22.291): 18.
- Veen, Johan van, 2026, Genesis 3, Nederlands Dagblad 82 (22.294): 16.
- Verwijzend naar een interview met oud-CDA-minister dr. Bert de Vries. Hierover heb ik hier een samenvatting geschreven: https://oorsprong.info/na-het-opgeven-van-een-historische-adam-viel-elk-leerstuk-een-voor-een-in-duigen-oud-minister-dr-bert-de-vries-in-het-nederlands-dagblad/.
- Wiskerke, Reina, 2026, Als je geloofswaarheden niet meer letterlijk neemt, slijt het geloof… Is dat zo?, Nederlands Dagblad 82 (22.301): 2.
- Groot, Klaas de, 2026, Leer over zondeval is geen zwerfkei maar hoeksteen, Nederlands Dagblad 82 (22.303): 16. Dit artikel is ook met toestemming van de auteur overgenomen op onze website: https://oorsprong.info/leer-over-zondeval-geen-zwerfkei-maar-hoeksteen/.
- Wageningen, Jantien van, 2026, Niet zo stellig ontkennen, Nederlands Dagblad 82 (22.304): 16.
- Hoogendoorn, Adriaan, 2026, Niets is onmogelijk, Nederlands Dagblad 82 (22.305): 16.
- Blijdorp, Louren, Jong, Marinus de, 2026, Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat slang in paradijs niet sprak, Nederlands Dagblad 82 (22.306): 16.
- Het gaat om oud-CDA-lid dr. Bert de Vries: https://oorsprong.info/na-het-opgeven-van-een-historische-adam-viel-elk-leerstuk-een-voor-een-in-duigen-oud-minister-dr-bert-de-vries-in-het-nederlands-dagblad/.
- Herwijnen, Wout van, 2026, Lees Job als je het moeilijk vindt de Bijbel letterlijk te nemen, Nederlands Dagblad 82 (22.308): 14-15. Dit artikel hebben we ook met toestemming op onze website geplaatst: https://oorsprong.info/lees-job-als-je-het-moeilijk-vindt-om-de-bijbel-letterlijk-te-nemen/.
- Een uitgebreid artikel (nog niet af) hierover zijn we we hier begonnen: https://oorsprong.info/doe-het-niet-doe-het-niet-ngk-synode-neemt-besluit-over-homoseksuele-praxis-in-de-ambten-en-aan-het-heilig-avondmaal/.
- Holdijk, Willem, 2026, Ik schrok bij het lezen van het opiniestuk van de hoofdredacteuren van ‘Onderweg’, Nederlands Dagblad 82 (22.310): 16.
- Bekkum, Lodewijk van, 2026, Letterlijk lezen van Genesis, Nederlands Dagblad 82 (22.311): 16.
- Dijkhuizen, Laura, 2026, De sprekende slang fascineert, maar leidt af van waar het echt om draait, Nederlands Dagblad 82 (22.313): 3.
- Omdat dit niet gaat over de huidige discussie in de Nederlandse Gereformeerde Kerken laten we een uitgebreide beschrijving hier achterwege: Bouwman, Willem, 2026, Voorzichtig namen gereformeerden afstand van de sprekende slang, Nederlands Dagblad 82 (22.313): 6-7.
- Groenleer, Jan, 2026, Genesis letterlijk lezen?, Nederlands Dagblad 82 (22.315): 16.
- Dalen, Peter van, 2026, De taal die Zijn volk begreep, Nederlands Dagblad 82 (22.316)”16.