In het Gelders Archief worden de stukken betreffende de aankoop door de Gelderse Rekenkamer van de rechten, die de erfgenamen van Johan van Brakell tot Kermesteijn bezaten op de jurisdictie te Lienden en te Driel. De transcriptie van de akte van transport door Johan Frederick van Brakell c.s. van deze rechten aan de Gelderse Rekenkamer is hieronder te vinden.1

“Wij Bart van Randtwijck, en Dirck van Rossendaell ijder onses Heeren Wegen gesúbstitúeerde Richters der Heerlickheijt Lienden, Doen kondt hier mede dat voor ons en schepenen nabent. Gecompareert en erschenen is, den Ho: Wel geb: Heer Johan Fredrick van Brakell Heer van Karmesteijn Majoir ten dienste deser Landen en Drost van Ter Lede voor hem selfs, en sigh sterck makende en de rato caverende voor sijn súster de Ho: Wel geb. Júffroúw Theodora Henrietta van Brakell tot Karmesteijn en als speciale volmacht hebbende van de Ho. Wel geb vroúwe Isabella Jacoba Pompe baronesse Doúagiere van Brakell, vroúwe van Carnisse en Thelinghsweerdt als moeder en vooghdesse over haer twee minderjarige kinderen, mitsgaders ten dienste deser Landen Goúverneúr van Willemstadt en omleggende forten en vroúwe Hermelina Petronella Schaep sijn Ho: Wel geb. gemaelinne, volgens procúratie voor Schout Búrgemr. schepenen en Regeerders van ’s Graven Hage den 28’ Maij 1709 gepasseert, alhier gelesen en geregistreerd, En verklaerde den Welgemelte Heer Comparant in voorsz: gt te cederen transporteren en in vollen vrijen eijgendom over te dragen aen en ten behoeve vande Ed: Mo: Heeren Raden en Seerkenmeesters van de Domeijnen van het Hartoghdom Gelre en Greafschap Zútphen, den Heere comparant en desselfs súster mitsgaders den constiúanten haer Ho: Ed: portien inde Heerlickheden van Lienden, en Driell, gelijck den Heer comparant deselve poriren overgeeft bij desen, renúncierende daer van ten behoeve van Hoogh gemelte Heeren, copers, bekennende vande coopspenn. Voldaen, en van den eijgendom onterft te sijn, en Hoogh gedachte copers daer aen geeijgent en geerft sijn en súllen blijven, nae den Landtrechten, en Costúijme deser Heerlickheijt en allen rechten, onder verbant en súbmissie als nae rechten, acctúm voor schepenen Willem van Grootvelt, en Húbert van Wijck de welcke hare zegelen neffens ons aen desen openen brieff hebben doen hangen, gegeven in den Jaere Dúijsent seven hondert en negen, opden sevenden dagh van de maent november.
In kennisse van mij
D.V.Rossendaell scrers 1709.”
Voetnoten
- 0012 Gelderse Rekenkamer, 602.01 Akte van transport door Johan Frederick van Brakell c.s. aan de Rekenkamer van de rechten die de erfgenamen van Johan van Brakell had op de heerlijkheden Lienden en Driel. Te raadplegen via de website van het Gelders Archief: https://www.geldersarchief.nl/bronnen/archieven?mivast=37&mizig=210&miadt=37&miview=inv2&milang=nl&micode=0012&minr=65188906.