Home » Recensie (Pagina 2)

Categoriearchief: Recensie

Paul en Hoek schrijven over een belangrijk onderwerp – Bespreking ‘Een stem uit de hemel’

Een stem uit de hemel‘ Dit boek bestaat uit twee delen. Deel A is van de hand van prof. dr. M.J. Paul en deel B is door prof. dr. J. Hoek geschreven. Dr. Paul schrijft over Gods spreken in de Bijbel, dr. Hoek over het Schriftgezag in deze tijd. Samen hebben ze elkaars hoofdstukken doorgesproken, zodat het boek toch een eenheid vormt.

Paul bespreekt allerlei (alle?) facetten van zijn onderwerp, zoals de manier van Gods spreken (niet alleen door mensen, maar ook vanaf het verzoendeksel, in de geschiedenis, en dergelijke). Het is te veel om op te noemen. Paul gebruikt hierbij wel enkele honderden Bijbelteksten. Daarna schrijft hij over buiten-Bijbelse dingen die met zijn onderwerp te maken hebben, zoals het ‘spreken’ van andere goden, Gods spreken in apocriefen en pseudepigrafen. Na dat alles noemt Paul de consequenties uit wat hij geschreven heeft voor het lezen van Genesis 1 tot en met 3, Job, Jesaja, Jona en Openbaring. Hoek bespreekt het gezag van Gods Woord voor een groot deel in confrontatie met andere theologen, bijvoorbeeld Kuitert, Berkhof en Bavinck. Daardoor is zijn bijdrage moeilijker te lezen dan die van Paul.

Een belangrijk onderwerp is de hermeneutiek. Daarbij is het de vraag in hoeverre je er bij de uitleg van de Bijbel rekening mee moet houden dat de Bijbelschrijvers in een andere cultuur leefden dan wij nu. Dat aspect staat momenteel in delen van de gereformeerde gezindte ter discussie. Heel actueel dus. Hoek neemt het orthodoxe standpunt in. Er komen nog tal van andere aspecten van het Schriftgezag voorbij. Een stem uit de hemel is een waardevol en actueel boek, met de nodige registers en een literatuuropgave.

Dit artikel is met toestemming overgenomen uit de GezinsGids. De volledige bronvermelding luidt: Methorst, W., 2022, Schriftgezag. Een stem uit de hemel, GezinsGids 75 (6): 72.

‘Voor gek versleten’ – Bespreking ‘Operatie Noa’

Over de kade klinken voetstappen. Hij kijkt opzij en ziet zijn maat Joshua komen aanhollen. Hijgend komt zijn vriend tot stilstand. ‘Weet je zeker dat je het gaat doen?’ Mordechai knikt. Joshua is een van de weinigen die hij van zijn plannen op de hoogte heeft gebracht. ‘Ja, ik weet het zeker. Zolang er niet in de marine geïnvesteerd wordt, moeten we zelf onze trucs uithalen.’

Inhoud en waardering

Bert Wiersema is momenteel een productieve kinderboekenschrijver. Het ene na het andere jeugdboek rolt van de pers. Zij het dat het bij de serie ‘Logboek Lammers’ om aangepaste herdrukken gaat. Wiersema is een nieuwe serie gestart onder de titel ‘Spectaculaire acties van de Mossad’. Het eerste deel ging over de ontvoering van Albert Eichmann (1906-1962) in Argentinië. Eichmann, een van de hoofdverantwoordelijken voor de Holocaust, werd op 11 mei 1960 ontvoerd door geheime agenten van de Mossad. Dit boek kreeg als titel ‘Operatie Alef’.1 Nu heeft Bert Wiersema ook een tweede deel in de serie geschreven met als titel ‘Operatie Noa’.2 Opnieuw een zeer spannend geschreven boek over een van de huzarenstukjes van de Mossad. De Mossad is de Israëlische geheime dienst. ‘Operatie Noa’ is een spannende beschrijving van een actie van geheim agenten van de Mossad. Bij deze actie zijn vijf kanonneerboten Frankrijk uit gesmokkeld. Deze boten waren besteld door de Israëlische marine. Door het uitbeken van de zesdaagse oorlog in Israël onderwierp de Franse president Charles de Gaulle (1890-1970) de wapenuitlevering aan Israël aan zeer strenge eisen. Na nog meer schermutselingen besloot de volgende Franse premier Georges Pompidou (1911-1974) tot een volledig wapenembargo tegen de Joodse staat. De Joodse Staat en de Mossad lieten het hier niet bij zitten en smokkelde in het diepste geheim de vijf kanonneerboten uit de haven.3 Hoe dat precies ging en wat daaraan vooraf ging beschrijft Wiersema spannend en haarfijn in het boek. Om dat te lezen laat ik echter aan de lezers over. Het boek is geschikt voor tieners vanaf 12 jaar. Van harte aanbevolen!

Operatie Noa

Waarom werd het ‘Operatie Noa’ genoemd? Dat legt Bert Wiersema in verhalende vorm uit op bladzijde 70-71:

Op de achtste dag leunt Bini achterover in zijn stoel. Voor zijn gevoel hebben ze nu de laatste eindjes aan elkaar geknoopt. ‘We moeten nu alleen nog een naam verzinnen voor deze operatie.’ Mordechai kijkt hem aan. ‘Daar heb jij vast al over nagedacht.’ Bini grinnikt en lacht. ‘Inderdaad. Mijn jongste dochter heet Noa. Wat denk je van Operatie Noa? Noach bouwde een ark en werd door iedereen voor gek versleten. Wie bouwt er nu een enorme boot ver van het water? Maar uiteindelijk had hij gelijk. Als we iemand zouden vertellen dat we van plan zijn vijf zwaarbewaakte kanonneerboten uit de haven van Cherbourg te stelen, zullen mensen ons voor gek verklaren en lachend op hun voorhoofd tikken.’ ‘Maar uiteindelijk zullen we toch gelijk krijgen en iedereen bij de neus nemen,’ vult Mordechai aan. ‘Prima naam wat mij betreft. Laten we daar morgen maar mee naar de president en de minister van Defensie stappen.’

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

“Zolang wetenschappers niets van een Architect willen weten zullen ze aan de gang blijven met dit model” – Bespreking ‘Boven tijd en toeval’

Ooit was er een Nederlandse Nobelprijswinnaar die vond dat je als fysicus wel een gespleten persoonlijkheid moest hebben om nog in God te kunnen geloven. Gelukkig heeft niet iedereen daar last van. Ruimtevaarders of mensen als Einstein worden veel meer gedreven door de verwondering over het heelal, de aarde, de natuur en de mens. Verwondering leert je om open vragen te stellen. Die zeggen vaak veel meer dan gesloten antwoorden. Bijvoorbeeld: hoe is het mogelijk dat een vogel beter navigeert dan onze TomTom? Wat zegt het ons dat DNA als genetische code een veel grotere informatiedichtheid heeft dan die van de geheugenchips in onze laptop? Vanuit deze open wetenschappelijke vragen zie je hoe onwaarschijnlijk ingenieus en superieur de natuur is. In hoeverre kunnen wij met noties als schepping en evolutie de wijze waarop het universum en de natuur in elkaar zitten volledig begrijpen? En hoe logisch is schepping of evolutie zonder Schepper? Uiteindelijk blijken al deze zaken een open geheim dat boven tijd en toeval staat.

De opzet van het boek

Arie Sonneveld is opgevoed met de Bijbelse leer van de schepping maar toen hij studeerde in Wageningen kreeg hij te maken met de leer van de evolutie.1 De vraag of wetenschap kan samengaan met schepping kwam toen in zijn leven centraal te staan. Daar heeft hij een leven lang over nagedacht en telkens kwamen er inzichten en ontdekken vanuit allerlei wetenschappelijke invalshoeken. Die ontdekkingen heeft hij vastgelegd in dit boek. Sonneveld laat zien dat de evolutie geen plan heeft en dus alles toevallig is ontstaan maar kan dat wel?

Aan het denken gezet

Hoe groot is de kans dat de planeet aarde zonder plan is ontstaan? Sonneveld vergelijkt de aarde met andere planeten waarop geen leven mogelijk is. Venus bijvoorbeeld is te heet. Andere planeten zijn weer te koud. De aarde zou zonder de dampkring gemiddeld -18 graden zijn. Nu houdt de dampkring de warmte vast.

  • De dampkring, of atmosfeer, is een dunne deken van lucht om de aarde. De dampkring is opgebouwd uit vier lagen: troposfeer, stratosfeer, mesosfeer en de ionosfeer.
  • De dampkring houdt onze planeet op een comfortabele temperatuur (ongeveer 15 graden). Het laat de warmte van de zon tot op de grond doordringen en verhindert dat de uitgaande warmte in de ruimte ontsnapt. De deken is dun in vergelijking met de aarde zelf. De aarde heeft een straal van gemiddeld 6370 kilometer. De atmosfeer is slechts gemiddeld duizend kilometer dik.2

De planeet aarde heeft allerlei hulpbronnen zodat er 8 miljard mensen op kunnen leven. Calvijn zou dit Gods Vaderlijke zorg noemen waarin alle mensen mogen delen. Zo’n imposant bouwwerk is boven tijd en toeval verheven.

Alles is altijd ingewikkelder

Arie Sonneveld laat in hoofdstuk 4 zien hoe de aarde is gebouwd uit bijzondere bouwstenen: atomen en moleculen. Sonneveld merkt terecht op: “Gezien het onvermijdelijke meer betawetenschapskarakter hiervan kan ik mij goed voorstellen dat je dit een meer ingewikkeld deel van het boek vindt” (p. 35). Bij de referenties verwijst Sonneveld naar de inaugurele rede van Han Zuilhof uit 2008 die de mooie titel heeft “Alles is altijd ingewikkelder“. Die rede gaat over het heelal. Zuilhof laat zien dat de zaken vaak ingewikkelder liggen en dat de wetenschap de neiging heeft de zaken te vereenvoudigen. Zo gaf Kepler het heliocentrische stelsel van Copernicus vereenvoudigd weer. Wie de materie die Sonneveld aansnijdt moet dus bedenken dat de werkelijkheid nog ingewikkelder is. De wetenschap is als de maker van een landkaart. Die kaart kan nuttig zijn om allerlei zaken in kaart te brengen maar is slechts een flauwe schaduw van de werkelijkheid. Kortom de wetenschap doet aan reductionisme, versimpeling om greep te krijgen om de werkelijkheid. De ingewikkeldheid van de werkelijkheid verklein de kans dat alles spontaan is ontstaan enorm. Het ontstaan moet wel boven tijd en toeval verheven zijn.

Je gaat het pas zien als je het doorhebt

Dit is een uitspraak van Johan Cruijff die Arie Sonneveld ter hand neemt om het wonder van de schepping te verduidelijken. Neem de fotosynthese. De bladgroenkorrels nemen zonlicht op en zetten kooldioxide (CO2) om in zuurstof (O2) en glucose. De planten voorzien ons dus van vitale zuurstof en nu komt het! Dit proces is namelijk vele malen efficiënter dan zonnepanelen. Bij zonnepanelen worden niet al de zonnestralen omgezet in energie. Bovendien zijn er vervuilende accu’s nodig. De plant heeft schone accu’s! en stel je nu eens voor dat de planten dit niet zouden hebben gekund dan zou er op aarde geen leven mogelijk zijn (p 90). Je gaat het dus pas zien als je het doorhebt. Hier zien we wat Calvijn Gods Vaderlijke zorg noemt die alle mensen raakt maar helaas niet iedereen onderkent en erkent. Ook het ontstaan van de primitieve cel is ingewikkelder dan wetenschappers kunnen bevatten. Een evolutiebioloog zegt van het DNA: “De oorsprong van het leven is de meest moeilijke problematiek voor een evolutiebioloog” (p 70)

Een te simpel en verouderd model

De kern van het boek is dat de wetenschap met de visie van Darwin werkt die eigenlijk niet past bij de kennis die we nu hebben. Michel Bahe sprak van Darwin’s Black Box. Het ontwikkelingsproces wat Darwin beschreef leek aannemelijk. Ook al zijn er geen tussenvarianten ontdekt. Deze zinnen zijn het die wetenschappers die met het systeem van Darwin werken aan het denken zouden moeten zetten: “Je zou kunnen zeggen dat Darwin er als eerste in slaagde een soort biologisch Theory of everything voor levende organismen te formuleren, iets wat Einstein zo’n 75 jaar later zelfs nog niet lukte voor de fysica van levenloze materie”. (…) “Nogmaals conceptueel is de evolutietheorie goed te volgen, ze gaat erin als koek. Maar niet alles is wat het lijkt. Vaak is het veel ingewikkelder. Naarmate we meer weten begrijpen we minder“.

Helaas werkt de wetenschap nog altijd met dit onhoudbare denksysteem wat niet anders is dan een versimpeling van de complexe werkelijkheid. Zolang wetenschappers niets van een Architect willen weten zullen ze aan de gang blijven met dit model. Dat neemt niet weg dat Sonneveld mijns inziens in elk geval een heel goede en sympathieke poging gewaagd heeft om hier wat aan te doen. Neem en lees zou ik zeggen.

Dit artikel is met toestemming overgenomen van de website van de auteur. Het originele artikel is hier te vinden.

Voetnoten

Lijmen en de gevolgen van de zondeval – Bespreking van ‘Lijmen’

“De tranen sprongen in haar ogen. Tranen van woede en machteloosheid. Wat kon ze nu nog doen? Niets meer, toch? Ze ging echt geen allergietest doen. Als er al wat uit kwam, zou ze na een paar weken van de diëtiste wel weer te horen krijgen dat ze haar niet meer kon helpen. Niemand wist wat er met haar aan de hand was. Ze beet op haar lip en vocht tegen de nieuwe tranen.”

Docente Mirjam Schippers schreef in 2017 een boek voor jongeren met als titel Lijmen. De hoofdpersoon, Nikki Bakker, is blijvend moe. Ze heeft weinig zin om leuke dingen te doen en naar school fietsen lukt uiteindelijk ook niet meer. Waar die moeheid vandaan komt is een groot deel van het boek een raadsel. Dat maakt Nikki onzeker en zorgt voor spanningen in vriendschappelijke relaties. Haar vriendin Lynn begrijpt Nikki niet en Nikki is bang dat Tim, met wie ze verkering heeft, het uit zal maken omdat ze continu moe is. Uiteindelijk blijkt ze de ziekte van Lyme te hebben. Mirjam Schippers heeft een mooi boek geschreven. Ze weet de gevoelens van Nikki goed te beschrijven. Ook de spanningen wat er achter de moeheid zit zijn meeslepend geschreven.

Gevolgen van de zondeval

Door het hele boek heen kun je merken dat Nikki Bakker een christin is. We lezen bijvoorbeeld van de bekende klei in de hand van de pottenbakker maar ook van de gevolgen van de zondeval. Lees maar mee op bladzijde 160:

“’Er waren eens twee mensen die er een enorme puinhoop van hadden gemaakt’, zei mama. ‘Ze waren ongehoorzaam en dat zorgde ervoor dat de wereld nooit meer werd zoals ze geweest was. Door hen kwamen er ziektes, ellende en haat in de wereld. Je weet vast wel wie ik bedoel.’ Zonder op antwoord te wachten vervolgde mama: ‘Adam en Eva konden hun puinhoop niet opruimen, ze probeerden te vluchten voor God. Maar God hield zo veel van de mensen dat Hij hen weer opzocht. Hij gaf straf, maar ook beloften. Er zou Iemand komen door Wie de zonde vergeven kon worden!’ Natuurlijk wist Nikki precies wat mama bedoelde, maar ze had het verhaal nog nooit zo intens aangehoord. ‘Jezus is gekomen om de gebroken wereld weer te herstellen’, zei mama. ‘Het is iets wat jij niet kunt, wat ik niet kan. Wij doppen graag onze eigen boontjes, maar we kunnen het nooit meer maken zoals het was. Alleen God maakt wat gebroken is weer heel!’”

Op bladzijde 190 wordt nog een keer verwezen naar de gevolgen van de zondeval:

“’Zoals God dat met Israël deed, doet Hij dat ook met ons’, ging De Roo verder. ‘We zijn geschapen naar Gods beeld, maar door de zondeval is dat beeld, om maar dezelfde woorden te gebruiken als die hier staan, verdorven geworden. Dus gaat God weer opnieuw kneden. Soms maken we dingen mee die niet fijn zijn, zoals de ziekte van Lyme’, hij keek naar Nikki, ‘maar het is allemaal onderdeel van dat proces om het beeld te worden dat God in gedachten heeft. Het kan ook zijn dat je het moeilijk vindt om dat beeld te dragen.’”

Goed dat de auteur oog heeft voor de gebrokenheid van het leven sinds de zondeval, maar ook wijst naar een weg van herstel. Dit boek is een aanrader voor onze jongeren.

Dit artikel werd geschreven in 2021.

In deze serie zijn ook nog twee andere boeken besproken: Vrije val en Chaos.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Waar lag het paradijs? – Bespreking van ‘Overboord’

“Rinkeldekinkel. Samuel zit recht overeind in bed. Zijn hart bonkt tegen zijn ribbenkast. Hij knipt het nachtlampje naast zijn bed aan. Een auto rijdt met piepende banden weg. Droomt hij nog of heeft hij het echt gehoord? Het leek wel of er een glas kapot viel, maar dan erger.”

Na zijn debuut Onder vuur, waarmee de auteur de EigenWijsPrijs 2018 heeft gewonnen, schreef Rijk Arends in 2019 het boek Overboord.1 Het boek Overboord gaat over de vluchtelingenjongen Samuel. Samuel is een vluchteling uit Syrië met een verblijfsvergunning. Hij woont in een eenvoudig huis in een rustig dorp. In Aleppo was zijn vader christenarts en had hij veel bezittingen. Nu moet het gezin van Samuel het met een stuk minder doen, ze zijn onderweg zelfs belangrijke erfstukken kwijtgeraakt. Het gezin is op de vlucht voor het geweld in de Syrische burgeroorlog. Onderweg hebben ze vreselijke dingen meegemaakt, zaken die Samuel niet koud hebben gelaten en waar hij hulp bij nodig heeft. Pas later, als een vriendin aangeeft ook hulp gehad te hebben na de scheiding van haar ouders, accepteert hij de hulp en wil hij erover praten. Het dorp waarin het gezin van Samuel woont was rustig, totdat er besloten wordt dat er een asielzoekerscentrum gevestigd zal worden. De mensen zijn daar faliekant op tegen en vooral jongeren misdragen zich zo, dat tijdens een demonstratie de ME opgeroepen wordt om het plein ’schoon te vegen’. Omdat het gezin van Samuel ook uit een dergelijk ‘vluchtelingenland’ komt, moeten ook zij het ontgelden. Er wordt een groot vuur gebouwd in de buurt van het huis van Samuel, er wordt gedronken, gejoeld en geschreeuwd. Een van de jongeren, Jannick, heeft benzine over zich heen gekregen en doordat hij te dicht bij het vuur komt vliegen zijn kleren in de brand. De vader van Samuel ziet het vanaf de huiskamer gebeuren, bedenkt zich geen ogenblik en rent naar buiten. Hij duwt Jannick op de grond en rolt hem flink wat keren rond totdat het vuur gedoofd is. Voor Samuel is deze daad van zijn vader een voorbeeld van ‘hebt uw vijanden lief’. En ook de dorpsbevolking zien dat ze een verkeerd beeld hebben van vluchtelingen alsof het allemaal schurken en terroristen zijn.

Paradijs

Op de school van Samuel is het projectweek. Het thema voor de projectweek is ‘reizen’. Het project van groep 8 zal gaan over de reis van Samuel, vanaf Syrië tot Nederland. De meester gaat uit van de historiciteit van de Schrift. Ik citeer:

“’Syrië is een heel bijzonder land,’ klinkt de stem van de meester achter hem. Samuel had niet eens in de gaten dat de meester mee stond te luisteren. ‘Joden, moslims en christenen hebben daar eeuwen in vrede met elkaar geleefd. Wisten jullie dat Abraham daar gewoond heeft en Paulus er is geweest? Denk maar aan de bekering van Saulus op weg naar Damascus. En het paradijs lag waarschijnlijk ook in de buurt van Syrië.’ Het hele groepje staart met open mond naar de meester. ‘Het Paradijs,’ fluistert Josefine eerbiedig. Samuel denkt aan de kapotgeschoten huizen en alle verschrikkelijke dingen die hij in Syrië heeft gezien. Dat was eerder het tegenovergestelde van het paradijs.”

Het doet mij altijd goed wanneer een auteur in een kinderboek alledaags schrijft over de historiciteit van de Schrift. Niet er dik bovenop, maar zo alsof het de normaalste zaak van de wereld is dat we geloven dat de Bijbel, naast dat de verhalen zondermeer een diepere betekenis hebben, óók historisch waar is. Het boek is bedoeld voor kinderen vanaf 9 jaar en wordt door mij warm aanbevolen. Niet alleen omdat er een verwijzing naar het paradijs in staat en de Schrift ook als historisch waar wordt gezien, maar zeker ook omdat het verhaal meeslepend geschreven is en het de kinderen stilzet bij het voorrecht om in vrede te mogen leven en niet op de vlucht te moeten zijn voor oorlogsgeweld, hongersnood of andere rampspoed. Ik hoop dat de schrijver in de toekomst meer kinderboeken zal schrijven over deze thema’s.

Dit artikel werd geschreven in 2020.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

Adam en Eva, Noach en bijbelverhalen op rijm – Een omkeerboekje

Om onze kinderen de geschiedenissen uit de Bijbel aan te leren bestaan verschillende vormen. Sommigen doen dat spelenderwijs, bijvoorbeeld door middel van spellen zoals memory of kwartet. Andere lezen hun kinderen uit de zogenoemde kinderbijbels. Van de laatste categorie bestaan weer allerlei varianten. Bij Uitgeverij De Banier verscheen onlangs een boekje waarin het ‘bijbelverhaal’ op rijm is gezet. Het voorste deel bevat de geschiedenis van Adam en Eva. Het achterste deel bevat, wanneer het boekje omgekeerd wordt, de geschiedenis van Noach.

Gedicht

Alles wat je om je heen ziet,
Is gemaakt door onze God.
Dat staat in Gods boek, de Bijbel.
Lang geleden schreef Hij ’t op.

Eerst is alles nog heel donker,
Maar God zorgt voor heel veel licht.
Dan opeens, kijk: groene bomen!
Wat is dat een mooi gezicht!

De geschiedenis

De scheppingsdagen worden niet in chronologische volgorde gezet, dat hoeft ook niet omdat we in het eerste couplet en op de eerste bladzijde, kinderen zien en horen die zich over Gods schepping verwonderen. Alles is door Hem gemaakt. De geschiedenis zelf begint bij het feit dat alles zeer goed is geworden en dat God blij is met Zijn werk. We vervolgen de geschiedenis door te letten op het paradijs, waar Adam en Eva in mochten wonen. Helaas is alles niet zeer goed gebleven, de zonde is in de wereld gekomen. God straft hen, ze mogen niet meer in het paradijs blijven. Illustratief is het plaatje bij dit couplet: we zien Adam naar Eva wijzen en Eva naar de slang. Gelukkig eindigt de geschiedenis van Adam en Eva niet negatief. De auteur verwijst naar de Heere Jezus als drager van de straf, als bron van hoop! De tweede geschiedenis begint bij Kaïn en Abel. We zien een wereld die steeds slechter wordt. Maar Noach is God wél gehoorzaam. Hij moet een ark gaan bouwen. Noach wil nog zoveel mogelijk mensen meenemen, maar niemand wil er naar hem luisteren, ze lachen hem zelfs uit. Het water komt en bedekt de hele wereld. Na veel lange dagen maakt God de aarde toch weer droog. Het verhaal eindigt met het zien van de regenboog.

Aanbevolen!

De auteur, Peter Boer, maar ook de tekenaar, Daan van Oostenbrugge, hebben mooi werk geleverd met deze uitgave. Zowel de tekst als de tekeningen spreken aan. Als het gaat om het deel over ‘Adam en Eva’ start de auteur bij de belevingswereld van de kinderen. Als het gaat om het deel over ‘Noach’, beginnen de auteur en de tekenaar niet direct bij de zondvloed, maar vertellen ze eerst de voorgeschiedenis. Zo kan het achterste deel over Noach als vervolg gelezen worden van het voorste deel over Adam en Eva. De tekst volgt de Bijbelse Geschiedenis en is daarmee als bijbelgetrouw aan te merken, ook de plaatjes passen daar goed bij. Hoe het venster in de ark eruitzag daar kunnen we over discussiëren, maar we zien gelukkig geen ‘vrolijk kijkende’ of ‘spelende’ dieren wanneer de ark in het zondvloedwater wordt afgebeeld. Ook zijn de patrijspoorten weggelaten. De ark is ook groot en robuust afgebeeld, zodat de kinderen met dit boekje meekrijgen dat de geschiedenis van Noach beslist geen sprookje is. Het is aan te raden om dit boekje uw (klein/buurt)kind voor te lezen.

Dit artikel werd geschreven in 2020.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’.

Voetnoten

McDonald’s leert onze kinderen miljoenen jaren – Bespreking van ‘Avonturen van de Boomtop-tweelingen’

“Professor Pablo schrok wakker en zag ongerust zijn gezin op hem af komen rennen, zwaaiend met hun armen. En de enorme spinosaurus kwam op hen af rennen. Het zag ernaar uit dat hij de familie Boomtop een heerlijke picknick vond voor een spinosaurus op een warme, winderige dag.”

McDonald’s geeft zogenoemde Happy Meal Readers uit om het lezen bij kinderen ‘te stimuleren en gezinnen even dichterbij elkaar te brengen. Door lezen leuk te maken, kunnen we kinderen een leven lang plezier in lezen geven’. Wanneer kinderen een Happy Meal bestellen kunnen ze een boek kiezen als onderdeel van de maaltijd. Het is mooi wanneer een bedrijf het leesplezier van een kind wil bevorderen.

Eén boekje gaat over de avonturen van de familie Boomtop. De familie Boomtop heeft de eerste tijdmachine ter wereld uitgevonden en reist terug naar lang vervlogen tijden. Ze houden een heerlijke picknick aan de oever van een rivier. Wanneer Alfred in een van de bomen klimt krijgt hij de schrik van zijn leven. Hij ziet een gigantisch zeil, groter dan de zeilen van de bootjes waar Ted mee speelde. Hij schreeuwt hard naar zijn familie: zo snel mogelijk uit het water. De Spinosaurus rent op hen af, kan de familie dit grote beest nog verjagen? Ze maken van het rode tafellaken een groot rood Spinosauruszeil. Het angstaanjagende beest druipt af, hij heeft geen zin in ruzie met een nog grotere Spinosaurus. Op de laatste bladzijde staan nog allerlei weetjes over de Spinosaurus.

Het is mooi dat de kinderen op een leuke wijze kennismaken met de Spinosaurus. Het boekje begint goed met ‘lang, lang geleden scheen de zon…’, maar op dezelfde pagina wordt al gezegd dat deze Spinosaurus vijfennegentig miljoen jaar geleden leefde in Afrika. De kinderen worden zo door McDonald’s ondergedompeld in de miljoenen jaren, zonder dat hun een alternatief wordt aangeboden. Als ze de eerste zin van ‘lang, lang geleden scheen de zon…’ zonder aanvulling hadden laten staan, dan hadden ook de creationisten geen problemen met dit boekje gehad. Een creationistische beschrijving van de Spinosaurus wordt in het oktobernummer van Weet Magazine 2019 gegeven.1 Het is goed om de kinderen ten minste twee visies op de werkelijkheid mee te geven. We hopen dat McDonald’s in de volgende druk van dit boekje dat ook doet. Het is namelijk een leuk kinderboekje.

Dit artikel werd geschreven in 2019.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’.

Voetnoten

De val in de ENCI-groeve – Bespreking ‘Kerkroof in Maastricht’

“Het schot galmt door het onderaards gewelf. Henry geeft een kreet van schrik. Hij voelt de kogel vlak naast zijn lichaam door de stof van zijn kleren gaan. “Dat was de laatst waarschuwing,” dreunt de stem va de bendeleider. “Nog één stap en de volgende is raak.” Henry durft zich niet te verroeren. Doodstil blijft hij staan. “Ga weer op je plaats zitten,” klinkt de stem achter zijn rug. “Een vergissing mag je maken, maar de volgende is meteen je laatste.” Nog trillend loopt Henry naar de tafel terug en gaat zonder verder nog een woord te zeggen op zijn plaats zitten.”

De Bokkenrijders

In 1997 gaf Uitgeverij De Vuurbaak te Barneveld de tweede druk uit van ‘Kerkroof in Maastricht‘. Dit tienerboek is het vierde deel in de serie ‘Chris en Jorieke‘ van Bert Wiersema. Wiersema kan spannend schrijven en ook dit deel blijft tot het laatst toe spannend. Dit vierde deel gaat over de bokkenrijdersbende die uiteindelijk de schatkamers van de Sint Servaeskerk te Maastricht beroven1 en de buit met de nachttrein naar Parijs willen smokkelen. Het bestaan van de bende is gebaseerd op de ‘Legende van de Bokkenrijders‘.2 Het lukt de bende om de alarminstallatie van de Servaeskerk uit te schakelen en zo de schatten van St. Servaes te stelen. Door een misverstand komt de vader van Chris en Jorieke echter in het bezit van een map die te maken heeft met de overval. Chris en Jorieke willen dit tot de bodem uitzoeken. Dit is het begin van een enorm avontuur. Gelukkig loopt het uiteindelijk goed af. Om te weten hoe het verhaal gaat en afloopt, raad ik je aan om het boek zelf te lezen.3

De ENCI-groeve en de donkere Middeleeuwen

“Daar op de bodem van de kuil ligt het brandende wrak van de Mercedes. “Dit is een kalkgroeve van de cementfabriek”, zegt hij somber” (blz. 97). Eén hoofdstuk van het boek speelt voor een deel in de ENCI-groeve in Maastricht af. Wanneer de bendeleider probeert te ontsnappen bij de Sint Pietersberg in Maastricht stort hij met zijn auto in de kalksteengroeve. Hij probeert namelijk de politie te slim af te zijn door een zijpad van de grote weg te kiezen. Helaas had hij er niet mee gerekend dat het pad zou stoppen. Gelukkig, voor de bendeleider, wordt hij uit de auto geslingerd en kan hij zich ternauwernood aan een rotsrichel vastgrijpen. De politie, die ondertussen ter plaatse is, kan hem uiteindelijk in de boeien slaan. De groeve is onlangs gesloten voor de winning van kalk, maar is wel geopend als toeristische trekpleister.4 In deze kalksteengroeve zijn enkele fossielen van Mosasauriërs gevonden.5 Helaas besteed Wiersema hier geen aandacht aan, maar dat zou ook niet in lijn met het verhaal zijn. Een klein puntje van kritiek is dat Wiersema het karikatuurbeeld van de ‘donkere Middeleeuwen‘ op blz. 31 van zijn boek in stand houdt. De middeleeuwen worden in de Engelse taal onterecht ‘dark ages‘ genoemd. Dit karikatuurbeeld is ontstaan door het opkomende Verlichtingsdenken dat wilde afrekenen met het verleden. Historicus Seb Falk geeft in zijn boek ‘De verlichte Middeleeuwen’ een ander beeld.6 Het zou goed zijn wanneer we niet meer spreken van de middeleeuwen alsof dit primitieve tijden waren.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

‘Uw gedachten worden hierdoor op een eerlijke manier gevormd’ – Recensie ‘Transgenderisme in Bijbels perspectief’

Wie had enkele jaren geleden kunnen denken dat in korte tijd allerlei boeken zouden verschijnen over genderproblematiek en zelfs over transgenders? Wat is er toch aan de hand in de maatschappij? Het is dit helder geschreven boek dat daar antwoord op geeft: ‘Transgenderisme in Bijbels perspectief’.

We leven met elkaar in een tijd van een seksuele revolutie die in verschillende golven door de samenleving spoelt. De eerste en tweede golf bestond uit de maatschappelijke acceptatie van het feminisme en homoseksualiteit, de derde golf is die van het transgenderisme.

Een transgender is iemand die het gevoel heeft in het verkeerde lichaam te zitten. Het lichaam is gezond en biologisch geheel mannelijk of vrouwelijk, maar toch beleeft iemand het niet zo. Tot voor kort behoorde een transgender tot een zeldzame afwijking die om psychologische begeleiding vroeg. Steeds agressiever wordt door de genderideologie uitgedragen en opgedrongen dat iedereen geboren wordt met een biologisch geslacht, maar dat het zélfbewustzijn daarvan om nadere ontwikkeling vraagt. Dit maakt dat allerlei variaties rondom het man en vrouw-zijn mogelijk zijn en ook geaccepteerd worden.

De christenplicht

In het boek vinden we veel bruikbare informatie over achtergronden, maatschappelijke processen, praktische adviezen en een Bijbels denkkader. Onze christenplicht wordt verwoord in Romeinen 12:1: ‘Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode welbehaaglijke offerande, welke is uw redelijk godsdienst’.

Om twee voorbeelden van een praktisch advies te noemen: ‘De beste manier waarop pre-puberale kinderen met genderdysforie geholpen kunnen worden, is door hen aan te moedigen om hun genderidentiteit in hun biologische geslacht te vinden. Het is belangrijk om te beseffen en duidelijk te maken dat jongens nooit in meisjes kunnen veranderen of omgekeerd, alle hormonen en chirurgie ten spijt’ (blz. 34). En over het omgaan met een transgender kind: ‘Trek heldere lijnen. Maak vanaf het begin duidelijk dat je de eigen naam van het kind zult blijven gebruiken en wees hierin consequent’ (blz. 35).

De kerk krijgt het advies om bij mensen met genderdysforie te proberen de nood te voelen. Zorgvuldig luisteren is heel belangrijk. Probeer met elkaar naar de Bijbel te luisteren.

Ervaringsverhalen

Het boek heeft een enorme meerwaarde gekregen door het opnemen van ervaringsverhalen. Indrukwekkend is het verhaal van Laura Perry, die 10 jaar als transgenderman heeft geleefd. Zij ervoer tot haar schrik dat geen enkele chirurgische ingreep haar echt tot man maakte. In plaats van vrijheid beleefde zij een gevangeniscel. Laura had blijvend biddende ouders. Romeinen 12:1-2 ging erg aanspreken. De Heere gaf de liefde weer terug voor het lichaam waarmee ze geschapen was. Een wonder!

Een centraal hoofdstuk is ‘Transgender – Wat zegt de Bijbel?’ Scribenten zijn ds. C. Sonnevelt en dr. B.A. Zuiddam. Onze tijd beleeft een frontale aanval op Gods scheppingsorde, op het huwelijk en op het gezin. Op bladzijde 108 lezen we: ‘Deze tijd met haar onderwaardering van het lichaam en haar focus op psychische gevoelens heeft dringend behoefte aan een theologie van het lichaam’. Deze zin riep bij mij een spanningsveld op. Enerzijds worden de geslachtelijke kenmerken ondergewaardeerd door de psychische beleving, anderzijds is mijns inziens iemand juist overmatig gefocust op het lichaam en impliceert dat weer een tijd van juist óverwaardering van het lichaam, dat sterk geleid wordt door psychische gevoelens die een andere beleving van het lichaam kunnen geven.

Onbarmhartig

Het boek is zorgvuldig en evenwichtig geschreven. De conclusie is duidelijk: ‘Niet alleen voor volwassenen, maar ook voor jongeren en met name voor meisjes is de transgenderideologie, hoe geweldig ze ook lijkt, uiteindelijk onbarmhartig. Het wordt hoog tijd dat wij in Nederland wakker worden. In naam van de liefde. Of beter nog: in naam van de enige waarachtige God en van Jezus Christus Die Hij gezonden heeft’ (blz. 110). Het taalgebruik maakt het boek toegankelijk voor de eenvoudige lezer. Van harte aanbevolen als u met een enkel boek wil weten wat er in onze samenleving allemaal aan het verschuiven is op seksueel gebied. Uw gedachten worden hierdoor op een eerlijke manier gevormd.

Als ik u wijs op de doelgroep, dan weet u genoeg: ouders, onderwijzers en gemeenteleden. Eigenlijk ontbreekt dus niemand. Bijbels Beraad m/v heeft er goed aan gedaan dit boek in samenwerking met uitgeverij De Banier uit te geven. Mag ik u ook vragen om eens te kijken op de lezenswaardige site www.bijbelsberaadmv.nl.

Het boek wordt te koop aangeboden via de website van uitgeverij De Banier.

Dit artikel is met toestemming van de auteur en de redactie overgenomen uit De Saambinder. De bronvermelding luidt: Agteresch, H.J., 2022, Transgenderisme in Bijbels perspectief, De Saambinder 100 (48): 10.

“Ik zou willen dat iedere christen in Nederland het las” – Recensie ‘God op Zijn Woord vertrouwen’

Ik ken geen ander boek dat zo helder en aansprekend uitlegt wat precies het gezag van Gods Woord inhoudt. Dus ben ik erg blij dat dit boekje van Kevin DeYoung nu in het Nederlands vertaald is.

In de afgelopen jaren heb ik heel wat blogs geschreven die te maken hadden met het onderwerp ‘Schriftgezag’. Sterker nog, dit thema was voor mij misschien wel de belangrijkste reden om met schrijven te beginnen. Er is veel in beweging in kerkelijk Nederland als het gaat om het gezag van Gods Woord. En de grote verschuivingen in opvattingen over vrouwen in het ambt, homoseksualiteit en schepping en evolutie hebben naar mijn overtuiging allemaal te maken met een andere kijk op de Bijbel. Niet zomaar een nadere uitleg, nee, een andere manier van uitleggen, volgens andere principes. Principes die een andere opvatting over het gezag van de Schrift verraden.

Bij mijn studie naar dit onderwerp heb ik inmiddels al weer heel wat jaren geleden bijzonder veel gehad aan een boekje van de Amerikaanse predikant Kevin DeYoung: Taking God at His Word. Why the Bible is Knowable, Necessary, and Enough, and What that Means for You and Me uit 2014. Onder andere mijn blog over de vier eigenschappen van de Schrift is direct op dit boekje geïnspireerd.1

Al die jaren heb ik gehoopt op een Nederlandse vertaling en ik was erg blij dat het er vorig jaar eindelijk van gekomen is. Ik ken geen ander boek dat zo helder, beknopt en aansprekend uitlegt wat nu precies het gezag van Gods Woord inhoudt en wat dat concreet betekent voor ons geloof en voor ons leven. Daarom wil ik hier heel graag aandacht aan besteden.

Kevin DeYoung begint met wat hij een liefdesgedicht noemt: Psalm 119. Een saaie, langdradige psalm? Nee, een vurig liefdeslied over Gods Woord, waar iedere christen van harte mee zou moeten instemmen. Dat ziet hij als het doel van zijn boekje: dat je van harte leert instemmen met deze eindeloze lofzang op Gods Woord. Dat jij de Bijbel net zo lief krijgt als de dichter van Psalm 119. Dat je gelooft, voelt en doet wat je volgens de dichter van Psalm 119 moet geloven, voelen en doen als het gaat om Gods Woord.

Wat dat dan is? Nou, je moet geloven dat Gods Woord waar is, eist wat recht en juist is en zorgt voor wat goed is. Wat je betreft je gevoel: je moet er je vreugde in vinden, ernaar verlangen en ervan afhankelijk zijn. En wat je ermee moet doen, dat is een hele lijst: bezingen, naspreken, overdenken en bestuderen, bewaren in je hart, gehoorzamen, God erom loven en prijzen en bidden dat God zal handelen overeenkomstig zijn Woord.

In het volgende hoofdstuk bespreekt DeYoung dan wat het betekent dat de Bijbel Gods Woord is en hoe het dan zit met de menselijke inbreng daarin. Mensen hebben de Bijbel opgetekend, maar dat gaat op geen enkele manier ten koste van het goddelijke karakter van de inhoud. Die is absoluut zeker en betrouwbaar. Onfeilbaar.

Daarna wijdt DeYoung vier hoofdstukken aan de vier eigenschappen die de Heilige Schrift volgens de klassieke gereformeerde theologie heeft: de Bijbel is genoeg, is duidelijk, heeft het hoogste gezag en is noodzakelijk. Ik zal nu niet verder op die eigenschappen ingaan, maar verwijs naar mijn eerder genoemde blog. Deze hoofdstukken vormen wel de kern van het boekje. DeYoung legt heel helder en concreet uit wat de vier eigenschappen inhouden en hoe ze moeten functioneren, bijvoorbeeld in het debat over actuele vraagstukken. Hij wijst bij elke eigenschap duidelijk aan waar het tegenwoordig zo vaak fout gaat wanneer klassieke christelijke opvattingen verschuiven.

Zo gaat hij bijvoorbeeld in op de verhouding tussen Gods openbaring in de natuur en in zijn Woord. Die twee kunnen elkaar natuurlijk niet tegenspreken. Maar dat kan geen argument zijn om theorieën in de natuurwetenschap te laten bepalen hoe we de Bijbel moeten uitleggen. Want ook al kunnen beide openbaring elkaar niet tegenspreken, ze zijn ook niet gelijk. De Bijbel leert ons veel meer over God dan de schepping doet. De Bijbel spreek duidelijker, openlijker en met meer gezag.

In hoofdstuk 7 bespreekt DeYoung hoe Jezus zelf tijdens zijn leven op aarde met de geschriften van het Oude Testament omging. Aan de hand van een aantal voorbeelden uit de evangeliën laat hij zien dat Jezus die geschriften beschouwde als Gods eigen Woord, onfeilbaar en met goddelijk gezag.

Het laatste hoofdstuk is een aansporing om vast te houden aan het geloof in de Bijbel als Gods Woord en om dat Woord ijverig te blijven bestuderen en eruit te leven. Dat is een ernstige zaak, zegt DeYoung. ‘Vasthouden aan de Schriften lijkt nu misschien eenvoudig, maar op een dag zullen we het gewicht ervan voelen. Er zal een moment komen waarop zal blijken of ons leven is gefundeerd op onbeduidende dingen of op de werkelijkheid.’ Dat is het moment waarop we moeten sterven. Vasthouden aan het Schriftgezag is uiteindelijk een zaak van leven en dood. Dat is de indringende boodschap waar DeYoung zijn boekje mee afsluit.

Je snapt inmiddels dat ik dit boekje van harte wil aanbevelen. Ik zou willen dat iedere christen in Nederland het las.

De uitgave door de stichting Geloofstoerusting ziet er verzorgd en aantrekkelijk uit. De vertaling is van erg goede kwaliteit. Het enige wat mij een beetje stoort aan deze uitgave is de lange lijst aanbevelingen voor in het boek, niet alleen van bekende Amerikaanse voorgangers, maar ook van Nederlanders, die ieder hun best doen dit boekje aan te prijzen. Het gevolg is dat Kevin DeYoung zelf pas aan het woord komt op pagina 21 (17 volgens de nummering). Terwijl zijn eigen woorden je volgens mij sneller het boek intrekken dan ook maar één van die aanbevelingen kan doen. Wat mij betreft hadden die beperkt mogen worden tot hooguit één pagina. Maar goed, je kunt ze natuurlijk ook overslaan.

Deze gastbijdrage is met toestemming overgenomen van de website van drs. G. Veldman. Het originele artikel is hier te vinden.