Home » Astronomie

Categoriearchief: Astronomie

Orion-capsule van Artemis 1 weer veilig op aarde teruggekeerd

De Orion-capsule van Artemis 1 is afgelopen zondag weer teruggekeerd naar de aarde. De raket heeft een rondje rond de maan gemaakt en is nu weer terug op aarde. Op YouTube heeft het NOS Jeugdjournaal er een aflevering over.

Op weg naar de maan en verder – Lancering Artemis 1 van NASA

Vandaag, woensdag 16 november 2022, is een belangrijke stap genomen in de Artemis-1-missie van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA. NASA wil uiteindelijk met de Artemis-missies weer mensen naar de maan brengen. De laatste bemande vlucht naar de maan was in 1972 (Apollo 17). In 2019 werd het Artemis-programma gestart. Na veel opstartproblemen de afgelopen maanden kan er, met de lancering van de raket, nu eindelijk een begin gemaakt worden aan de uitvoering van het programma. Het gaat met Artemis 1 om een onbemande vlucht die zo’n 26 dagen zal duren. Het doel van de missie is om het Space Launch System (SLS) en de Orion Ruimtecapsule te testen. De vlucht gaat om de maan heen en dan weer terug.1 Met Artemis 3 wil NASA mensen op de maan zetten, dit zal op z’n vroegst in 2025 gebeuren. Met dank aan NASA en het YouTube-kanaal VideosfromSpace voor het delen van deze video.

Voetnoten

De lifter en bruine dwergen – Bespreking ‘Hitchhiker’

“Mijn broer en zus lieten het er niet bij zitten. Ze hadden goed door dat ik hetzelfde luizenleven bij opa en oma had als zijn in Saskatoon hadden. Ze zonnen op wraak en haalden flauwe grapjes uit, zoals zout in mijn thee doen en kleefkruid tussen mijn lakens stoppen. Veel fantasie hadden ze niet, maar ik bleef erg op mijn hoede.”

In 2019 verscheen bij Uitgeverij De Banier het boek Hitchhiker. Een boek dat bedoeld is voor jongeren uit de bovenbouw van de middelbare school. De hoofdpersoon, Nadia, uit Canada is eenzaam en wordt na de scheiding van haar ouders door haar moeder als slaaf en ‘voetveeg’ gebruikt. Ze moet het hele huishouden doen en daar lijden haar schoolresultaten onder. Op school is ze eenzaam, maar ook thuis wordt ze vaak dwars gezeten door haar broer en zus. Na haar examen en na haar negentiende verjaardag besluit ze om zelf keuzes te maken en de wijde wereld in te trekken. Ze wil zo ver mogelijk bij haar familie vandaan wonen en besluit naar de stad Victoria, op Vancouver Island, te trekken. De tocht gaat het eerste stuk met de trein en daarna liftend, waarbij ze allerlei soorten mensen ontmoet en van alles meemaakt. Aangekomen in Victoria blijkt dat niet Utopia te zijn. Doordat het toeristenseizoen voorbij is, is er amper werk te vinden en de huur van de kamers is vrijwel onbetaalbaar. Nadia belandt in een zwerverstentenkamp en maakt daar allerlei dingen mee. Uiteindelijk na veel omwegen vindt Nadia werk en een eigen huurwoning en komt het allemaal weer goed.

Bruine dwergen

Op een avond zit Nadia samen met een andere zwerver, Brian, naar de sterren te kijken. Brian weet heel veel van sterren. Hij vertelt Nadia deze avond over bruine dwergen1 en gasreuzen. Ik citeer:

“’Bruine dwergen’, zei hij, ‘zijn kleiner dan sterren, maar groter dan gasreuzen. Bruine dwergen ontstaan door contractie van een wolk watergas, maar de massa van het samentrekkende gas is onvoldoende om fusie van protonen op gang te brengen. ‘Eigenlijk’, zei hij op vertrouwelijke toon, ‘zijn ze helemaal niet bruin, maar rood. Bruine dwergen en gasreuzen kun je van elkaar onderscheiden door de manier waarop ze ontstaan en door het formaat dat ze hebben.’ Ik knikte en wachtte tot hij verder zou gaan. ‘De eerste bruine dwerg werd in 1995 ontdekt. Wist je dat? ‘Nee’, zei ik, ‘vertel er eens meer over.’ Ik vond het leuk om naar hem te luisteren, hoewel zo midden in de nacht de helft van zijn geleerde praat langs mij heen ging. ‘De eerste bruine dwerg die niet in een sterrenhoop werd aangetroffen was de Kelu-1. Die ontdekten ze in 1997’, vervolgde Brian onverstoord. Hij vertelde over lithium en methaan dat aanwezig is in bruine dwergen en praatte over de temperatuur, gemeten in Kelvin. Ik had geen flauw idee hoe ik dat naar Celsius of Fahrenheit om moest rekenen, maar ik knikte weer.”

Brian heeft vroeger in een laboratorium gewerkt en vertelde Nadia ook over het nieuwsfeit dat in Californië de kleinste bacterie is gevonden. Brian gaf gastlessen aan de universiteit van Californië. Hoe hij in het tentenkamp was beland wist Nadia niet. Volgens Brian had dat lesgeven allemaal geen zin. Hij zegt: “Kijk naar de sterren (…), hoe groot ze zijn. Kijk naar die kleine bacterie, hoe klein die is. Kijk dan naar jezelf en vraag je af wat we nu eigenlijk betekenen in het grote geheel dat we heelal noemen. Kijk hoe we lopen te ploeteren en te sloven voor een beetje geld en comfort en dan gaan we dood.

Nadia kan niet helemaal meekomen in dit negatieve beeld dat Brian schetst maar stelt hem een vraag:

“Als het heelal zo oneindig groot is en bacterieën [sic] zo onnoemelijk klein, denk je dan niet dat er Iemand is Die alles in Zijn hand houdt en de boel regelt?”

Tegelijkertijd denkt Nadia aan de zondagschooljuffrouw van de kerk van haar opa en oma. Daar leerde Nadia het lied ‘He’s got the whole world in His hands’.1 Brian gelooft dat er wel ergens een God is maar geeft aan dat Die God hem dan vergeten is. Dat zet Nadia aan het denken: Is dit tentenkamp werkelijk een Godverlaten plek? Het boek eindigt gelukkig niet in deze mineur. In de epiloog lezen we van iemand die het manuscript van Nadia’s tekst (dit boek) gelezen heeft: “Ik keek omhoog. De lucht was helder en er pinkelden duizenden lichtjes boven me. Ik dacht aan Brians worsteling met de betekenis van zijn leven. Verwonderd vroeg ik me af waarom een God Die bij machte was dat enorme heelal te scheppen, aan ons, kleine mensjes, dacht en onze zelfs onuitgesproken gebeden verhoorde.

Nettie Leeflang heeft een indrukwekkend boek geschreven en mijn gedachten gingen ook uit naar de vluchtelingen op Lesbos en overal ter wereld die in tentenkampen, met de nodige ontberingen, moeten leven. Mooi dat Leeflang ook aandacht heeft voor de wetenschap en dit koppelt aan God de Schepper. De laatste zin in het citaat hierboven doet denken aan Psalm 8 de verzen 4 en 5 (SV): “Als ik Uw hemel aanzie, het werk Uwer vingeren, de maan en de sterren, die Gij bereid hebt; Wat is de mens, dat Gij zijner gedenkt, en de zoon des mensen, dat Gij hem bezoekt?

Dit artikel werd geschreven in 2020.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

Congres over ‘Bijbel & Wetenschap’ 2022 – 3. dr. Peter Korevaar – Onze aarde: een speciale planeet voor leven en onderzoek

Op 22 oktober 2022 organiseerden Fundamentum, Geloofstoerusting en Logos Instituut een congres over ‘Bijbel & Wetenschap’.1 Astrofysicus dr. Peter Korevaar gaf een lezing met als titel ‘Onze aarde: een speciale planeet voor leven en onderzoek’. Veel zegen bij het kijken en luisteren! Vragen kunnen gesteld worden via het contactformulier: https://oorsprong.info/contact/.

Voetnoten

De pyromaan en het heelal – Bespreking ‘De pyromaan’

“Wat nou? Er is niemand. Hij kan zo z’n gang gaan. Het hooi ruikt heerlijk. Hij pakt z’n aansteker en zoekt, voelt. Dit hooi hier is lekker droog. Hij steekt het hooi aan de onderkant aan. Het vat geen vlam. Hij trekt er wat sprieten uit, maakt een stuk losser en probeert het nog een keer. Zo gaat het beter.”

Volgens het Van Dale woordenboek is een pyromaan een ‘brandstichter die handelt uit ziekelijke aandrang’.1 In het boek van Lenze Bouwers, De pyromaan, gaat het over een jongen (uit groep 8) die deze ziekelijke neiging heeft. Het boek verscheen in 1996 bij uitgeverij Kok Voorhoeve en is geschikt voor de bovenbouw van de basisschool.2 In de donkere avond loopt een jongen met zijn hond Snuffel langs een stoffeerdersbedrijf. Hij heeft een krant onder zijn jas en een aansteker in zijn zak. Hij steekt de krant aan en legt deze bij een bank in de stoffeerderij. De deur was kennelijk open gelaten. Al snel staat het gebouw in lichterlaaie. Dat is het begin van een reeks van brandstichting onderbroken door soms ene dromen van de jongen. Totdat hij op een avond er genoeg van heeft en de politie tipt. Hij wordt gearresteerd.

Een spreekbeurt over het heelal

Tegelijkertijd met het verhaal van de brandstichting lezen we van dezelfde jongen een verhaal ter voorbereiding van zijn spreekbeurt. De spreekbeurt gaat over het heelal. De leerlingen die dit boek lezen, leren zo ook dingen over het heelal. Op bladzijde 20 is dat voor het eerst. Daar staan namen als ‘Grote Beer’ en ‘Orion’ en leren ze dat wanneer de maan de vorm van de ‘p’ van première heeft dat wil zeggen dat de maan gaat ‘groeien’.3 Op bladzijde 22 leren de kinderen dat de zon een bol is met een hitte van wel 6000 graden aan de buitenkant en dat een zonnevlam wel een half miljoen kilometer hoog kan komen. “De zon is eigenlijk een ster. Sterren schijnen minder sterk dan de zon omdat ze zo ver weg staan. Sirius is wel zo fel als 31 zonnen. Die staat wel 500.000 keer zo ver weg als de zon. En er zijn wel sterren die 3000x de middellijn van de zon hebben. Wat een vlammen, wat een vuurkracht, wat een warmtebronnen.” Op bladzijde 25 leren de lezers over het bepalen van de afstand van sterren. “Hoe bereken je dat? Z’n boek brengt de oplossing. Het licht legt in één seconde 300.000 km af. Het licht van de zon doet er 8 minuten over om bij ons te komen en de maan anderhalve seconde. Maar de dichtstbijzijnde ster heeft vierenhalf jaar nodig om bij de aarde te komen. Het oog kan 5000 sterren zien, maar het melkwegstelsel waar we bij horen telt 100 miljard sterren. Eén lichte ruimte. En de reuzentelescopen hebben al 100 miljoen van die stelsels ontdekt.” De afstand van de sterren en de lichtsnelheid kan later nog een probleem vormen voor de leerlingen, daarom had de auteur er goed aan gedaan om voor dit schijnprobleem een oplossing te verwerken in het boek. Er zijn namelijk verschillende oplossingen mogelijk hiervoor.4 Op bladzijde 56 wordt nog kort gesproken over het Melkwegstelsel.

Het boek noemt ook nog de Schepper tegenover de zogenoemde oerknal:
“Vanavond heeft hij echt gebeden om kalmte, om diepe slaap. Hij heeft niet z’n gebed opgezegd dat hij al jaren afraffelt, maar met eigen woorden gezocht naar… Ja, naar wat? De Schepper? Die moet er wel zijn. Voor een oerknal is alles te geordend: de sterren, de planeten, zon en maan, dag en nacht. Na zo’n knal kan alles toch niet zo lopen als het loopt.”

Het is goed dat de auteur aangeeft dat een oerknal in strijd is met Gods schepping. Deze theorie is ook in strijd met Genesis 1 waar de zon, maan en sterren pas geschapen werden op de vierde dag. De schrijver maakt met de laatste zin echter een karikatuur van de oerknal. Er was namelijk geen geluid te horen of sprake van een knal, maar eerder van een (snelle) uitdijing waarbij gigantisch veel energie vrij kwam. Er zijn christenen die in de oerknal juist Gods scheppende hand zien. Op grond van Genesis 1 moeten we hier afstand van nemen. Jammer dat de auteur dit argument niet opvoert tegen de oerknal. Overigens is de geschiedenis van Genesis 1 de auteur niet onbekend. Op bladzijde 38 schrijft hij namelijk “Was er voor de schepping alleen duisternis, nu had je nog wat zon.

In hoofdstuk 12 houdt de jongen zijn spreekbeurt. Hij laat allerlei tekeningen en plaatjes zien aan de klas. Aan het einde van de spreekbeurt stelt hij de klas voor dat ze wel een club kunnen oprichten van sterrenkijkers. “Die kunnen dan samen alle sterren opsporen en boeken erover lezen.” Hij krijgt uiteindelijk een negenenhalf voor zijn spreekbeurt, het beste cijfer van de klas.

Een interessant boek over een pyromaan die graag sterrenkundige zou willen worden. Het boek is wel wat verouderd. We lezen dat de jongen zijn spreekbeurt bijvoorbeeld houdt met een ‘overheadprojector’. Tegenwoorden gebruiken jongens en meisjes van groep 8 een digitaal schoolbord en een beamer. We kunnen kinderen helpen met het voorbereiden van een spreekbeurt over bijvoorbeeld het heelal. Meer informatie over spreekbeurtmateriaal is te verkrijgen via info@oorsprong.info.

Dit artikel werd geschreven in 2020.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. Dit opvoedings- en onderwijsproject is onderdeel van het jaarplan ‘Fundamentum 2022’. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

Wetenschap kan raadsel schepping niet oplossen

Hoe kan het licht van verre sterren reeds na enkele duizenden jaren de aarde bereikt hebben, gezien de eindige snelheid van het licht? Het Reformatorisch Dagblad (13-7) schonk aandacht aan deze vraag. Toch is de oplossing niet bevredigend.

In zijn zoektocht naar een antwoord gaat Jason Lisle uit van de veronderstelling –zelf spreekt hij van een ”conventie”– dat het licht naar de aarde tóe, in de richting van de waarnemer, met oneindige snelheid reist. Dat zou inhouden dat de aanblik van het heelal ook de werkelijke situatie van dat moment weerspiegelt. In de omgekeerde richting zou dan de helft van de algemeen aanvaarde lichtsnelheid gelden, dus 150.000 kilometer per seconde.

Hoewel deze curieuze opvatting door enkele creationisten wordt omarmd, heb ik er toch moeite mee. Immers, wat gebeurt er als bron en waarnemer van plaats zouden wisselen? Lisle beweert ook hierop een antwoord te hebben. Zelfs geeft hij aan dat je pas kritiek mag uiten als je een aantal van zijn, nogal wiskundige, publicaties hebt gelezen!

Tijdsverschil

Er zijn waarnemingen gedaan van zogeheten gravitatiegolven. Deze zijn afkomstig van een energierijke gebeurtenis in het heelal, zoals het samensmelten van twee zwarte gaten. Die golven gaan met de lichtsnelheid. Men zou dan verwachten dat deze golven twee verschillende plaatsen op aarde met een klein tijdsverschil zullen bereiken. Dat blijkt inderdaad zo te zijn. Bij een PET-scan gaat het ook om stralen die tegelijk worden uitgezonden maar, omdat ze verschillende afstanden moeten afleggen, niet op hetzelfde moment worden geregistreerd. Dat is zelfs essentieel voor een juist resultaat van het onderzoek. Het lijkt echter in strijd met de conventie van Lisle. Maar deze reageert daarop in de trant van: „wie zegt dat de klokken op de plaatsen van registratie echt gelijklopen?”

Kortom, aan de opvatting van Lisle zitten nogal wat haken en ogen en, eerlijk gezegd, weet ik ook niet wat je ermee aan moet.

Lichtshow

Anderen hebben voorgesteld dat God de wereld in ”volwassen vorm” heeft geschapen, inclusief het licht dat zich vanaf de sterren naar de aarde spoedt. Die laatste mogelijkheid wordt gelukkig ook door Lisle afgewezen. Immers, het sterrenlicht bevat ”informatie” – de ster zelf kan variaties in helderheid vertonen en het licht kan onderweg een donkere nevel passeren. Dat heeft gevolgen voor de op aarde waargenomen straling. Deze variaties moeten we blijven interpreteren als het gevolg van werkelijke gebeurtenissen. Anders moet de conclusie zijn dat de Schepper (bij wijze van spreken) ”fake news” zou verspreiden, dus ons gebeurtenissen zou voorspiegelen die nooit hebben plaatsgevonden. En dat alles wat we aan de hemel waarnemen deel uitmaakt van een kosmische lichtshow. In een creationistisch werk las ik zelfs dat de bomen in de hof van Eden gewoon jaarringen hebben gehad…

De gevestigde wetenschap heeft sterk de neiging te extrapoleren naar het verleden. Veel wetmatigheden die we nu kennen, moeten dan óók in het verre verleden hebben geheerst. Maar wees voorzichtig: de natuurwetten dateren van een voltóóide schepping. Niemand weet hoe en in welke volgorde die wetten zijn gemaakt. In de woorden van prof. dr. Marc de Vries: „De wording van hemel en aarde bevindt zich buiten het bereik van ons natuurwetenschappelijk instrumentarium.” Ook volgens wijlen Robert Jastrow van de NASA is de mens niet in staat de sluier over de schepping op te lichten. Over de natuurwetenschapper zei hij: „Hij heeft de bergen van onwetendheid beklommen, hij staat op het punt de hoogste top te bereiken, en als hij zich over de laatste rotspunt hijst, wordt hij begroet door een horde theologen die daar al eeuwenlang hebben gezeten.”

Bovendien zien velen –intuïtief– de tijd als een soort vast ”decor” waartegen de gebeurtenissen zich afspelen. Alsof in het heelal een fictieve klok hondstrouw de seconden wegtikt. Dan zou er dus één tijd gelden voor het hele universum. Einstein heeft radicaal met deze gedachte afgerekend. De loop van de tijd wordt beïnvloed door bewegingen en de aanwezigheid van massaconcentraties (zoals in de buurt van een zwart gat, waar de tijd zeer sterk vertraagt). Wie weet hoe de constellatie van het heelal was tijdens of direct na de schepping? Is één dag op aarde gelijk te stellen aan een dag elders in het universum? Sommige creationisten hebben met dit idee gespeeld en er zelfs aan gerekend!

Verwondering

De biologische evolutietheorie drijft vooral op interpretaties en ”wishful thinking”. Echter, in de astronomie moeten we veel duidelijke observaties uiterst serieus nemen. Toegegeven, kosmologische theorieën hebben vaak grote problemen. Denk aan de oerknal of de onvolledig verklaarde draaiing van sterrenstelsels. Maar kunnen Bijbelgetrouwe christenen die wel in een handomdraai oplossen? Meer leren we van Job (weergave van P. Oussoren): „Zie, dit zijn de uitlopers van Zijn weg, en wat een flard woord maar horen wij van Hem! – een donderslag van Zijn kracht, wie kan die verstaan?” (Job 26:14)

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit het Reformatorisch Dagblad. Bronvermelding: Ligtenberg, H., 2022, Wetenschap kan raadsel schepping niet oplossen, Reformatorisch Dagblad 52 (104): 22-23 (artikel).

Eerste ‘Deep Field’ van de James Webb Space Telescope (JWST) – “De hemelen vertellen Gods eer”

De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt Zijner handen werk. De dag aan den dag stort overvloediglijk spraak uit, en de nacht aan den nacht toont wetenschap.” (Psalm 19:2-3, SV)

Vanmorgen presenteerden geleerden van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA een nieuwe infrarode composietfoto van de verste uithoeken van het heelal. De James Webb Space Telescope (JWST)1 produceerde ‘het diepse en scherpste infraroodbeeld van het verre heelal’. We kunnen nu duizenden sterrenstelsels zien die we eerder niet of nauwelijks konden waarnemen. De telescoop heeft slechts een zeer klein deel van het heelal te pakken, vergelijkbaar met een zandkorrel die op armlengte wordt gehouden. De composietfoto staat nu bekend als Webb’s First Deep Field.2 Duizelingwekkend! Woorden schieten tekort, verwondering blijft over.

Voetnoten

LEGO IDEAS draagt met Saturn V bij aan een rijke leeromgeving voor kinderen

Het is 20 juli 1969. Voor Neil Armstrong en Edwin Aldrin is het een bijzondere dag. Ook voor de mensheid is het een bijzondere en memorabele dag. Armstrong en Aldrin zullen als eerste mens een voet op de maan zetten en daar een tijdje verblijven. De derde astronaut, Michael Collins, is achtergebleven in de commando-module en cirkelt rond de maan. De landing op de maan lukt en ook het verlaten van de maan verloopt goed. De astronauten keren weer veilig terug naar de aarde.1 Een huzarenstukje van de ruimtevaart.2

Voor- en achterkant van de Saturn-V-doos van LEGO IDEAS. Bron: LEGO.

Vijftig jaar later, in 2019, hebben diverse LEGO-designers opnieuw een huzarenstukje geleverd. Zij bouwden met dit speelgoed de raket Saturn V, de maanlander en de landingsmodule na. De doos bevat 1969 stukjes waarmee de raket opgebouwd kan worden en maakt onderdeel uit van LEGO IDEAS. Met deze raket krijg je een kleine indruk van het verlaten van de aarde, de landing op de maan én de terugkeer naar de aarde. Dit omdat de raket net als de oorspronkelijke raket bestaat uit verschillende ‘trappen’. Je kunt zo laten zien hoe de maanlanding te werk ging. Eerst verloor de raket trap-X, daarna gebeurde er dit en daarna dat. Dit staat ook goed uitgewerkt in het bijgeleverde boekje met bouwinstructies van de raket.

Verschillende basisschooldocenten, zeker van de bovenbouw, nemen de maanlanding als thema. Of denken met hun leerlingen na over het heelal. Ook gebeurt het wel eens dat dit tijdens een projectweek als thema wordt genomen. Het is dan belangrijk om een rijke leeromgeving voor de kinderen te creëren. Om de leerlingen zoveel mogelijk te ondersteunen de werkelijkheid te begrijpen, denk je als docent goed na over de inrichting van de leeromgeving (bijvoorbeeld het klaslokaal). Tijdens de uitvoer kies je passende werkvormen. Wanneer je uitlegt hoe het er bij de maanlanding er aan toe ging is de LEGO-raket zeer geschikt als voorbeeldmateriaal. De les kan ook verrijkt worden door bijvoorbeeld de recent verschenen documentaire Apollo 11 te bekijken met de kinderen (zie voor de trailer hieronder). Deze documentaire bevat de maanlanding van A tot Z. Samen met de raket Saturn V van LEGO krijgen de kinderen een uiterst goed beeld van de maanlanding. De LEGO-raket is helaas wel prijzig, maar wanneer het project afgelopen is, kan de raket worden afgebroken en bij een volgend project met een andere klas opnieuw ingezet worden. Je kunt de raket ook door een aantal (meer)begaafde kinderen laten opbouwen tijdens een (plus)klassenactiviteit. De raket is ook geschikt voor een tentoonstellingsruimte in een museum.3

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2022’. In de komende maanden zal dit project verder uitgekristalliseerd worden. Een dergelijk opvoedings- en onderwijsproject zal ook onderdeel zijn van het jaarplan ‘Fundamentum 2022-2023’.

Voetnoten

Marsrover Perseverance vandaag een jaar op Mars: 12 maanden op Mars

Het is vandaag precies een jaar geleden dat de Perseverance-rover geland is in de Jezero-krater op Mars. Het gaat om een voertuig op Mars met aan boord een minihelikopter om verkenningsvluchten te doen. Een knap staaltje werk en techniek. Geniet van onze buurplaneet. Helaas is de video wel in het Engels en heeft het geen ondertitels. Op deze website hebben we ook video’s over de vorige maanden. Deze zijn hieronder in een kader gezet. Met dank aan ElderFox Documentaries voor het plaatsen van deze video op het YouTube-kanaal.

HET EERSTE JAAR VAN MARSROVER PERSEVERANCE
ElderFox Documentaries geeft ons iedere drie maanden een update van de Perseverance-missie op Mars. Hieronder de vorige videodelen.

“In een zonsverduistering mag je de wonderlijke hand van God zien” – Interview in GezinsGids met dr. Herbert Koekkoek

Een kijkje in het uitdijende heelal zorgt voor verwondering. Die ervaring heeft de sterrenkundige dr. Herbert Koekkoek1 met dit machtige scheppingswerk van God. Hoe verder je het heelal inkijkt, hoe kleiner je wordt. In het Winternummer van GezinsGids2 gaat hoofdredacteur Chris Jan de Leeuw op bezoek bij de sterrenkundige.

Een zonsverduistering, “toeval, zegt de wetenschap. Nou, dat is wel heel, toevallig. Daar mag je toch de wonderlijke hand van God in zien.” Bron: Pixabay.

Van jongs af aan

Al van jongs af aan is Koekkoek gefascineerd door sterren en planeten. “Als kind maakte ik zonnewijzers. Heel basaal: je neemt een plankje en een stokje. Elk uur zet je een streepje bij de schaduw. De volgende dag kun je de tijd aflezen.” Met zijn eerste verrekijker, die hij als vijftienjarige kocht, zag hij de komeet Halley. Daarna volgde zijn eerste telescoop waarmee hij de ringen van Saturnus bestudeerde. Hij besluit om theoretische sterrenkunde te gaan studeren. Omdat het in de woorden van de hoofdredacteur ‘vrijwel onmogelijk is om er werk in te vinden’ is hij later in de IT terechtgekomen, maar de sterrenhemel is hem blijven boeien. Koekkoek trekt er daarom regelmatig ’s nachts op uit om waarnemingen te doen, bijvoorbeeld bij de dark sky parks: Lauwersmeer en Terschelling, of naar het Dwingelerveld in Drenthe.

Verwondering

Wanneer Koekkoek door de telescoop tuurt, valt er een deken van diep ontzag en verwondering over hem. Koekkoek over de wetmatigheden in het heelal:

“Naast chaos is er veel orde en regelmaat in het heelal. Dat weerspiegelt Gods trouw. We vinden het vanzelfsprekend dat de zon elke dag opgaat, dat er seizoenen zijn. Maar dat is het helemaal niet. Het is Gods hand. In Genesis lezen we dat de zon en maan geschapen zijn tot ‘tekenen en gezette tijden’.”

De bescherming van onze dampkring tegen inkomend ruimtepuin is voor de geleerde een voorbeeld van Gods bewarende hand. Ook de omstandigheden op aarde zorgen voor verwondering. Onze buurplaneet Venus is onleefbaar, de druk is er bijvoorbeeld negentig keer zo hoog. Op Uranus kan het wel tientallen jaren zomer zijn. De sterrenkundige roept daarom op zuinig te zijn op de aarde.

Wanneer Koekkoek een zonsverduistering bestudeert dan ziet hij daarin de wonderlijke hand van God.3 De sterrenkundige maakte in 1998 op Aruba voor het eerst een zonsverduistering mee. Het overweldigde hem.

“De zon is ongeveer vierhonderd keer groter dan de maan en staat veel verder weg. Vanaf de aarde gezien dekt de maan de zon vrijwel precies af. De strook waarin je een zonsverduistering kunt zien is maar enkele tientallen kilometers breed. Hoe is het mogelijk! Toeval, zegt de wetenschap. Nou, dat is wel heel, toevallig. Daar mag je toch de wonderlijke hand van God in zien.”

‘De hemelen vertellen Gods eer’

Wanneer Koekkoek op een donker plekje naar de sterrenhemel kijkt, schieten hem de woorden van Psalm 19 in gedachten. Sterrenstelsels en sterrenhopen, ‘het is zo wonderlijk gemaakt’. Venus, de Morgenster, doet denken aan Christus. De ster van Bethlehem was mogelijk een samenstand van Venus en Jupiter, maar mogelijk juist een bijzondere (onverklaarbare) gebeurtenis. De geleerde wijst ook nog op het teken van Hizkia. ‘Dan draait de zon tien graden terug. ‘Onmogelijk’, zegt een wetenschapper dan. Inderdaad, het is niet te verklaren. Maar daarom is het juist een teken’.

Geloof en wetenschap

Bij veel wetenschappers blijft er weinig ruimte voor religie over. De hele werkelijkheid kan volgens deze wetenschappers op een wiskundige manier beschreven worden. Veel sterrenkundige zijn daarnaast overtuigd van de oerknaltheorie. Herbert Koekkoek maant tot voorzichtigheid:

“Maar als je ervan uitgaat dat de wetenschap de complete werkelijkheid beschrijft, kom je in een heel ijzige wereld terecht. Want de wetenschap beschrijft alleen wetmatigheden. Het zegt niets over zingeving, over de vraag naar het doel van het leven. Daarnaast is het niet gezegd dat de grote theorieën in stand blijven. Hoe meer je waarneemt, hoe meer vragen er kunnen ontstaan. Telescopen worden bijvoorbeeld steeds preciezer en zo is ontdekt dat het heelal niet alleen uitdijt – zoals de verwachting was – maar zelfs versneld uitdijt. Dat staat dan weer haaks op de gangbare theorie.”

Dit alles zou moeten leiden tot bescheidenheid. ‘Dan kom je erachter dat het menselijk verstand de complexiteit niet kan bevatten. Hoe meer ik weet, hoe meer ik me verwonder over de schepping.’ De geleerde beschouwt geloof en wetenschap als twee aspecten van de werkelijkheid die je niet kloppend kunt krijgen. Volgens Koekkoek hoeft dat ook niet, ‘je moet het naast elkaar laten staan’. Voor hem is alles wat we weten een duidelijke bevestiging van de grootsheid van de schepping. Het maakt de sterrenkundige klein, want we weten nog zo weinig.

“We kunnen veel leren van onze kinderen. De kinderlijke eenvoud, het vertrouwen. Wij willen alles kloppend maken, maar in onze verhouding tot God is dat kinderlijke vertrouwen zo belangrijk.”

Laten we daarom met veel verwondering naar de sterrenhemel blijven kijken en de Schepper voor Zijn scheppingswerk de eer geven!

Voetnoten