Home » Euthanasie » Euthanasie is normaal geworden – Leven in een veranderende wereld

Euthanasie is normaal geworden – Leven in een veranderende wereld

Milou is zeventien. Ze lijdt aan een zeer ernstige depressie en wil niet meer verder leven. Na een zoektocht van anderhalf jaar vindt ze een psychiater die haar doodswens wil vervullen. Op 2 oktober 2023 vindt de euthanasie plaats. “Meisje, goede reis”, zegt de psychiater, nadat hij het narcosemiddel heeft toegediend.

Milou is een uitzondering. Euthanasie bij zulke jonge patiënten gebeurt maar zelden. De meeste patiënten die euthanasie kregen, zijn (ver) boven de zestig. Toch heeft het verhaal van Milou veel aandacht gekregen. Van die tienduizend andere personen van wie jaarlijks het leven op eigen verzoek wordt beëindigd, lezen we nauwelijks iets in de media.

Tienduizend mensen per jaar. Dat zijn 27 mensen per dag, één op de 17 van alle sterfgevallen. Zulke cijfers stemmen intens verdrietig. Hoe kon het zo ver komen? Christelijke Kamerleden drongen aan op zuiver wetenschappelijk onderzoek. Terecht, want al te vaak worden hun bezwaren weggewuifd. De resultaten van het onderzoek zijn begin juli aangeboden aan minister Hermans van Volksgezondheid en zijn te vinden op de website van ZorgOnderzoek Nederland (zonmw.nl).

Het is nu 25 jaar geleden dat de euthanasiewet werd aangenomen. De eerste jaren werd euthanasie toegepast bij circa 2000 patiënten per jaar, die bijna allemaal (90 procent) leden aan kanker. Intussen zijn er allerlei andere aandoeningen die voor mensen reden zijn om euthanasie aan te vragen: hart- en vaatziekten, longkwalen, maar ook gewrichtsklachten, oorsuizen en blindheid.

Psychisch lijden

De laatste jaren laten ook mensen met dementie of psychische klachten hun leven op verzoek beëindigen. Opvallend, want dat was in de eerste jaren van de euthanasiewet ondenkbaar. Die wet is strenger dan menigeen denkt. Euthanasie is strafbaar. Er staat zelfs een gevangenisstraf op, tot maximaal 12 jaar. Dat euthanasie tóch vaak wordt toegepast, komt door de uitzondering op die regel: alleen in bijzondere gevallen is de arts die euthanasie pleegt niet strafbaar. De arts moet daarvoor aan een reeks zorgvuldigheidseisen voldoen. De belangrijkste daarvoor is dat de patiënt uitzichtloos en ondraaglijk lijdt. Een andere belangrijke regel is dat de patiënt zelf weloverwogen en vrijwillig om euthanasie heeft gevraagd.

Terug naar Milou en andere patiënten met psychische klachten of dementie: hoe weet je nu of hun lijden inderdaad uitzichtloos is? En wie bepaalt of iemand wilsbekwaam is en helder kan denken bij zo’n verzoek? Desondanks waren er in 2024 in totaal 427 meldingen van euthanasie vanwege dementie en werd 219 keer euthanasie uitgevoerd vanwege psychisch lijden – ook vaak bij jonge mensen.

Milou en haar leeftijdsgenoten zijn daarmee typerend voor de grote verschuiving in het denken over euthanasie. Het laat zien dat de ruimte voor het toepassen van euthanasie door de jaren heen wordt opgerekt. Dat is het belang van dit onderzoek: het laat niet alleen de veranderingen zien, maar ook de oorzaken ervan.

‘Recht’ op euthanasie

De belangrijkste verklaring is dat mensen euthanasie steeds meer zien als een normale, waardige manier van levensbeëindiging, iets waar je ‘recht’ op hebt. Het gevolg kan zijn dat de patiënt of de familieleden denken dat hij of zij de ander tot last is en dat euthanasie de enige goede oplossing is. Verder blijkt dat zorgverleners vaak met een patiënt spreken over het levenseinde en dat euthanasie dan als een optie wordt genoemd.

De onderzoekers die dit rapport samenstelden zijn daarover heel bezorgd en pleiten voor goede voorlichting. Euthanasie is géén normaal medisch handelen en het is zeker niet zo dat een patiënt daar recht op heeft. Bovendien weten patiënten vaak weinig af van de alternatieven. Intussen voelen artsen de druk toenemen, terwijl ze euthanasie als belastend ervaren. Ze beschrijven de handelingen als ‘ontzettend moeilijk’, ‘diep ingrijpend’ of ‘iets heel vreemds’.

Vanzelfsprekend betreuren christenen deze ontwikkelingen. Of niet? Hoofdonderzoeker Els van Wijngaarden ziet daar verschuivingen. “Ook in de christelijke achterban zie je dat euthanasie steeds meer overwogen wordt als het lijden ondraaglijk is”. zei ze tegen de EO.

Blijkbaar dringt de tijdgeest ook door in christelijke kring. Dat mensen die geen rekening houden met Gods geboden zelf over hun levenseinde willen beslissen, kun je nog enigszins begrijpen. Zij hebben vaak geen besef van zonde, straf en een hiernamaals. Maar de Bijbel is glashelder over Wie de Schepper van het leven is – en dat Hij dat leven ook weer neemt op de door Hem bepaalde tijd. In Deuteronomium 32:39 zegt God: “Ziet nu, dat Ik, Ik DIE ben, en geen God met Mij;  Ik dood en maak levend.” Ook artsen moeten zich houden aan het zesde gebod: “Gij zult niet doodslaan.” Ds. Samuel Rutherford schreef: “Het is niet aan ons om een zandloper neer te zetten voor de Schepper van de tijd.” Het is van groot belang om hierop te wijzen in gesprekken met andersdenkenden. Deze verschuivingen zijn immers niet het eindstation: er loopt ook een politieke discussie over levensbeëindiging bij mensen die niet ernstig lijden maar hun leven als voltooid beschouwen. Ze zijn ‘klaar met het leven’.

Vier zomers per jaar

Het is niet eenvoudig om met andersdenkende te spreken over euthanasie. Laten we steeds bedenken dat iemands lijden inderdaad ondraaglijk en uitzichtloos kan zijn. Ook dan blijft het nuttig om hem of haar te wijzen op de alternatieven rond het levenseinde, zoals palliatieve zorg.

Daarbij is het raadzaam om niet alleen te wijzen op het verbod van God, maar ook op de waarde van het menselijk leven, dat door God gegeven is. Daar komt bij dat de Bijbel het lijden, ook als dat heel zwaar is, beschrijft als een beproeving en loutering. Voor Gods kinderen is dat een ‘lichte verdrukking, die zeer haast voorbijgaat’, 2 Kor. 4:17a.

De rijkste zegen valt te verwachten als de ander zich werkelijk bewust wordt van het gewicht van zijn ziel, het eeuwig bestaan daarvan en de twee wegen na dit leven. Nogmaals ds. Rutherford: “Wat is de eerste dood vergeleken met de tweede? De eerste dood is nog geen schrammetje in het vel van een vinger vergeleken bij de eindeloze tweede dood.” Deze Schotse predikant bezat de gave om mensen jaloers te maken op de heerlijkheid die Gods kinderen wacht na de dood. Zij leven ‘voor eeuwig pachtvrij in een zeer aanzienlijk land, dat meer dan vier zomers in het jaar heeft. O, wat is het daar een lentetijd! Overal de geur van die grote en eeuwige bloeiende Roos van Saron tot in alle eeuwigheid! Wat is het daar een zingend leven! Er is geen stomme vogel in heel dat wijde veld, maar allen zingen en jubelen van de hemel, blijdschap, heerlijkheid en heerschappij voor de hoge Vorst van dat nieuw gevonden land’.

Dit artikel is met toestemming van de redactie overgenomen uit het Kerkblad der Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland. De bronvermelding luidt: Bruijn, S.M. de, 2026, Euthanasie is normaal geworden, Kerkblad der Oud Gereformeerde Gemeente 49 (16): 186-188.