Home » Geologie

Categoriearchief: Geologie

‘Wat is de mens?’ (2) – Prof. dr. Edgar Andrews over de wereldwijde zondvloed en zondvloedgeologie

In 2018 was prof. dr. Edgar Andrews te gast op ‘De Bronckhorsthoeve’ in het Gelderse Brummen. Hij sprak daar over zijn verschenen boek ‘Wat is de mens?’. Voorafgaande aan de boekpresentatie werden hem een zevental vragen voorgelegd. Dit is op video opgenomen door Geloofstoerusting. Vandaag het tweede deel. Veel zegen bij het kijken en luisteren.

Wim de Jong publiceerde dit jaar twee artikelen in ‘Journal of Geology and Geophysics’

In het tijdschrift ‘Journal of Geology and Geophysics’ verschenen dit jaar twee artikelen van dr. ir. Wim M. de Jong en zijn collega drs. Gea V.A. Mulder. Het eerste artikel gaat over de viscositeit van gesteenten. Het tweede artikel gaat over zoutdiapirisme in een catastrofaal scenario. Hieronder een korte samenvatting.

Viscositeit

Binnen de standaard geologie wordt ervan uitgegaan dat harde gesteenten zich onder hoge stress (druk en/of temperatuur) stroperig gedragen (‘behave like a fluid’). Deze gedachte berust op de theorie van David Griggs uit 1939 over de viscositeit van gesteenten. De Jong en Mulder hebben deze theorie uitgebreid bestudeerd en komen tot zeven fouten die, volgens hen, ‘elk een of meer principes van correct wetenschappelijk onderzoek schenden’.1

Diapirisme

In Nederland zijn zoutpijlers (zoutdiapieren) welbekend. Het ‘omhoogkomen’ van deze zoutpijlers wordt ook wel diapirisme genoemd. Hierover is al veel geschreven en gepubliceerd, bijvoorbeeld door creationisten zoals ing. Stef Heerema.2 Binnen de huidige geologie wordt het ‘omhoogkomen’ van deze zoutdiapieren verklaard door een langzaam, miljoenen jaren durend, proces van ‘zoutstroming’. Dit is, volgens De Jong en Mulder, gebaseerd op de theorie van Griggs, dat vast gesteente zich stroperig kan gedragen. De Jong en Mulder verwijzen voor fouten in deze theorie naar hun voorgaande artikel (zie hierboven). Als diapirisme niet op deze wijze kan zijn ontstaan, wat is het alternatief? Het alternatief van De Jong en Mulder lijkt op die van Heerema. Volgens de onderzoekers zijn de zoutdiapieren ontstaan als zoutmagma’s die in korte tijd omhoog zijn gestuwd in kilometers diep, modderig en turbulent water. Dit vereist uiteraard wel een catastrofaal scenario. De geleerden geven aan dat dit scenario niet alleen kan verklaren hoe de zoutdiapieren ontstaan zijn, maar ook andere belangrijke geologische kenmerken van de aarde, zoals door water gevormde geologische macro-structuren.3

Voetnoten

Derde volume van online tijdschrift e-Origins verschijnt met een bemoediging voor studenten, snelle olievorming en gevederde dinosauriërs

Wereldwijd zijn er ontzettend veel creationistische organisaties die actief bouwen aan een creationistisch-wetenschappelijk wereldbeeld. Een van die organisaties is Biblical Creation Trust. Deze week kwam het derde volume uit van hun online tijdschrift e-Origins. Volume 3 bevat een editorial, een drietal populair-wetenschappelijke artikelen en een boekbespreking.1

Bemoediging voor studenten

Het eerste artikel is van student aardwetenschappen Sophie Southerden. Zij moedigt, net als ik dat recent deed, (aankomende) studenten aan om een studie te kiezen die raakvlakken heeft met het debat over ‘geloof en wetenschap’.2 Southerden noemt dit ‘studying historical sciences’. Door in deze vakgebieden te studeren leren we meer over Gods schepping en kunnen studenten met hun onderzoeksresultaten een bijdrage leveren aan de opbouw van het creationistische wereldbeeld.3

Snelle olievorming

Het tweede artikel is van de petroloog Richard Bruce (BSc.). Hij bestudeert de vorming van aardolie in het verleden. Volgens hem zijn er geen miljoenen jaren nodig om olie te vormen. De sleutel voor olievorming is niet de factor ‘tijd’, maar de factor ‘temperatuur’. Als de temperatuur stijgt zorgt dat voor een exponentiële stijging in de ontwikkeling van koolwaterstoffen. Realistische condities in de natuur en in het laboratorium laten zien dat olie snel kan vormen. Dit artikel is een welkome aanvulling in het debat.4

Gevederde dino’s?

In het derde artikel onderzoekt zoöloog dr. Marc Surtees het bewijsmateriaal voor gevederde dinosauriërs. Hij komt tot de conclusie dat sommige theropoden inderdaad veren hadden en doet enkele suggesties voor de classificatie van deze beesten. Volgens hem was er meer biologische diversiteit in het verleden, veel meer dan tegenwoordig.5

Ten slotte

De boekbespreking is van de natuurkundige dr. William Worraker. Hij bespreekt het boek ‘The Human Cosmos: A Secret History of the Stars’ van Jo Marchant.6 De editorial is geschreven door de geoloog Paul Garner (MSc.). Garner is ook de general editor van e-Origins.7Hoewel het online tijdschrift niet veel artikelen bevat is het goed om te zien dat ook deze Angelsaksische organisatie, Biblical Creation Trust, haar steentje bijdraagt aan de opbouw van het scheppingsparadigma.

Voetnoten

Vragen over het VZM-overzicht (3): Waar sta je zelf?

Op 17 augustus 2021 werd op deze website een overzicht van het zogenoemde Vulkanisch Zoutmodel (VZM) gepubliceerd. Het is een (nog niet helemaal compleet) overzicht van alle activiteiten en publicaties rondom het VZM van ing. Stef Heerema. Sindsdien krijg ik regelmatig vragen van creationisten en niet-creationisten over dit overzicht. In een drieluik wil ik ingaan op deze vragen.1

De eerste bijdrage is een toelichting van de motivatie om een overzicht te maken. Deze bijdrage is hier te vinden.2 De tweede bijdrage in dit drieluik gaat over de vraag waarom ik in het overzicht aandacht geef aan theïstische evolutionisten, naturalistische geologen en/of niet-creationisten. Deze bijdrage is hier te vinden.3 De derde en laatste bijdrage in dit drieluik gaat over mijn eigen positie in het debat over het ontstaan van de wereldwijde zoutlagen. Deze bijdrage is hier te vinden.

We weten het niet

Als reactie op het VZM-overzicht kreeg ik vaak als commentaar: ‘Leuk zo’n overzicht, maar waar sta je zelf?’ In dit artikel daar wat duidelijkheid over. Toen geoloog en bioloog drs. Tom Zoutewelle door Weet Magazine werd geïnterviewd liet hij weten dat hij worstelde met de evaporieten.4 Deze worsteling herken ik. Ondanks dat verschillende creationisten zich hebben beziggehouden met evaporieten is er nog geen (goede) oplossing voor dit vraagstuk binnen een chronologie van minder dan tienduizend jaar. We moeten hier eerlijk toegeven dat we het (nog) niet precies weten hoe deze afzettingen gevormd zijn. Een scenario van pure zoutmagma’s (zoals wordt voorgesteld binnen het VZM) is onwaarschijnlijk én tientallen snel achter elkaar gevormde gigantische pekelzeeën (zoals wel geopperd is binnen het Rekolonisatiemodel) is onrealistisch. Daarnaast zijn er te weinig creationistische experts met het evaporietenvraagstuk bezig. Graag zou ik zien dat een creationistische geochemicus samen met een creationistische geofysicus, een creationistische sedimentoloog en wellicht nog een expert op een ander vakgebied de handen ineen slaan en dit vraagstuk, binnen een korte chronologie van minder dan tienduizend jaar, zouden willen oplossen. Tot die tijd is het meest eerlijke antwoord: ‘We weten (nog) niet hoe deze evaporieten (zijn) ontstaan binnen een korte chronologie’.

Vulkanisch Zoutmodel

In de loop der jaren dat ik hiermee bezig ben heb ik de problemen met het Vulkanisch Zoutmodel zien opstapelen. Met alle respect voor het werk van ing. Stef Heerema aan dit zoutmodel denk ik dat zijn model het ontstaan en bestaan van steenzout niet kan verklaren. Momenteel zie ik dat er allerlei ‘epicykels’ ingebouwd moeten worden om het model te redden. Uiteraard moedig ik Heerema van harte aan om aan zijn model verder uit te bouwen. Ik meen ook dat hij daarvoor de ruimte en het vertrouwen moet hebben en krijgen om dat te doen. Dat gezegd hebbende hoop ik wel dat Heerema wil ingaan op de tientallen bezwaren die zijn aangedragen door critici (zowel door creationisten als door naturalisten).5 Ik heb erg veel respect voor de berg werk die Heerema verzet heeft, maar uiteindelijk denk ik dat zijn model tekortschiet.

Wat dan wel?

Welke kant moeten we dan wel op? Ik ben al sinds dat ik in aanraking kwam met evaporieten onder de indruk van het werk van de marien geoloog dr. Martin Hovland. Bij mijn weten is Hovland geen creationist, maar wil hij wel een alternatief ontwikkelen voor het standaard indampingsmodel. Hij schreef diverse papers in vaktijdschriften over het zogenoemde ‘hydrothermal salt model’. Als praktijkvoorbeeld zijn de zoutformaties in de Rode Zee aan te wijzen en te bestuderen. Een bestudering van de processen op het gebied van zoutvorming die daar nog steeds gaande zijn loont de moeite.6 De op een dergelijke wijze ontstane zoutformaties gecombineerd met een proces van serpentinisatie7 zou een begin van een nieuw creationistisch zoutmodel kunnen zijn. Je zit dan nog steeds met een tijdsprobleem, maar die is vermoedelijk minder groot dan verschillende momenten van langdurige indamping binnen de geologische kolom en mogelijk zelfs op te lossen. Zelf probeer ik de evaporieten die in Hongarije zijn gevonden te verklaren binnen deze modellen.8 Dit kan ook omdat ten tijde van het ontstaan van deze evaporieten dit gebied tektonisch erg actief was. Zijn er in Nederland creationistische geochemici, geofysici, sedimentologen en andere experts die bij de ontwikkeling van zo’n nieuw creationistisch zoutmodel zouden kunnen en zouden willen helpen?

Voetnoten

Vragen over het VZM-overzicht (1): Wat is je motivatie om een overzicht te maken van het Vulkanisch Zoutmodel?

Op 17 augustus 2021 werd op deze website een overzicht van het zogenoemde Vulkanisch Zoutmodel (VZM) gepubliceerd. Het is een (nog niet helemaal compleet) overzicht van alle activiteiten en publicaties rondom het VZM van ing. Stef Heerema. Sindsdien krijg ik regelmatig vragen van creationisten en niet-creationisten over dit overzicht. In een drieluik wil ik ingaan op deze vragen.1

Haliet (NaCl) uit de zoutmijn van Wieliczka in Małopolskie (Polen). Bron: Wikipedia.

De eerste bijdrage is een toelichting van de motivatie om een overzicht te maken. Deze eerste bijdrage is hier te vinden.2 De tweede bijdrage in dit drieluik gaat over de vraag waarom ik in het overzicht aandacht geef aan theïstische evolutionisten, naturalistische geologen en/of niet-creationisten. Deze tweede bijdrage is hier te vinden.3 De derde en laatste bijdrage in dit drieluik gaat over mijn eigen positie in het debat over het ontstaan van de wereldwijde zoutlagen.

Intensief

De laatste tien jaar is onder creationisten intensief gediscussieerd over het ontstaan van de zoutlagen. Je kunt er van alles van vinden, maar het feit blijkt dat deze discussie dankzij het werk van ing. Stef Heerema gevoerd is. Als Heerema zich niet intensief met dit thema zou hebben beziggehouden zouden sommige creationisten nooit nagedacht hebben over het ‘evaporietenprobleem’. Creationisten die het oneens waren met het Vulkanisch Zoutmodel, waren min of meer verplicht om een grondige studie te doen naar (het ontstaan van) deze zoutlagen. In de eerste plaats om meer kennis erover te krijgen en in de tweede plaats om een fatsoenlijk weerwoord te kunnen formuleren. De gedrevenheid van Heerema heeft zelfs sommige niet-creationisten bewogen om meer hierover te weten te komen. Een andere reden is dat de modelbouwer op geologisch gebied een van de weinige Nederlandstalige creationisten is die veel naar buiten treedt en flink aan de weg timmert. Het loont daarom de moeite dat zowel creationisten als niet-creationisten Heerema in de gaten houden. Wat heeft deze gedreven man die van zout zijn passie heeft gemaakt ons te zeggen? Een overzicht kan ons daarbij helpen.

Geologie van Hongarije

Afgelopen jaren ben ik vrij intensief bezig geweest met de geologie van Hongarije.4 Ik zie deze geologie als belangrijke testcase voor een natuurwetenschappelijk zondvloedmodel. Mijn persoonlijke hoofdreden voor het VZM-overzicht is dat er onlangs (2017) de vondst van evaporieten werd beschreven in Hongarije (Soltvadkert Trough) die correleren met de zogenoemde Badenian Salinity Crisis.5 En ook al eerder (in 2016) werd de vondst van evaporieten gepresenteerd op een Kroatisch geologisch congres in Zagreb.6 Hoe verklaren creationisten deze evaporieten in het algemeen en kloppen zijn deze verklaringen ook van toepassing op de gevonden evaporieten in Hongarije? Dat is de vraag die belangrijk is voor de hierboven genoemde testcase. Wie de koppeling maakt tussen creationisten en evaporieten kan niet om het werk van ing. Stef Heerema heen. Om het werk van Heerema te kennen moet je studie maken van zijn presentaties, artikelen, excursies en mogelijk andere activiteiten. Om het VZM van Heerema te toetsen moet je ook op de hoogte zijn van de kritieken op zijn model. Uiteraard is het belangrijk om ook op de hoogte te blijven van andere creationistische verklaringen, wellicht daarvan in de toekomst ook nog een overzicht. Zoals gezegd heeft Heerema van alle creationisten veruit het meeste gepresenteerd en geschreven over het ontstaan van de zoutlagen. Al met al belangrijk om totaaloverzicht te hebben.

Voetnoten

Artikel van ‘Oorsprong’ besproken in ‘This Week in Creationism’-serie van dr. Joel Duff

Twee weken geleden werd er op deze website een artikel geplaatst van mijn hand.1 Het artikel ging over nieuw onderzoek dat gepresenteerd werd op de conferentie van de Geological Society of America (GSA). Vorige week werd dit artikel besproken in de YouTube-serie ‘This Week in Creationism’ (TWiC)2 van de theïstische evolutionist dr. Joel Duff.

Dr. Joel Duff

Dr. Joel Duff is een botanist en professor biologie aan de University of Akron. Hij is gelieerd aan de theïstisch evolutionistische organisatie Biologos en een kritisch op ideeën van creationisten die uitgaan van een jonge aarde. Hij publiceert zijn kritische commentaren op het blog Naturalis Historia.3 Onlangs is hij begonnen met de YouTube-serie ‘This Week in Creationism’ (TWiC). Hoewel ik het op principiële punten met hem oneens ben, vind ik hem een van de meest sympathieke theïstische evolutionisten die ik ken. In mijn ogen is zijn ‘tone-of-voice’ de juiste manier voor het aangaan van een gesprek. Veel commentaar van hem heeft mijn instemming. Op veel punten dient creationistisch onderzoek aangescherpt te worden anders houdt het geen stand. Die waardering geldt ook voor zijn serie ‘This Week in Creationism’ en voor de aflevering waarin hij mijn artikel van de website ‘Oorsprong’ bespreekt.

This Week in Creationism #9

Platte aarde

Het negende deel van de serie begint met het geven van een compliment aan het adres van dr. Danny Faulkner. Deze astronoom schreef op 8 oktober 2021 een artikel voor Answers in Genesis waarin hij reageert op claims van mensen die denken dat de aarde plat is.4 Duff vraagt zich wel af of Faulkners kritiek op de platte-aarde-gelovigen ook niet van toepassing is op de jongeaardecreationisten zelf. Als laatste geeft Duff aan dat hij onder de indruk is van de manier van omgang van dr. Faulkner met andersdenkenden. De presentator verwijst hierbij naar het overlijdensbericht dat Faulkner plaatste op de website van Answers in Genesis rondom het overlijden van Rob Skiba, een prominente platte-aarde-gelovige.5

Creation College Expo

In de tweede plaats verwijst dr. Duff in deze negende video van ‘This Week in Creationism’ naar een conferentie die Answers in Genesis van 4 tot 6 november 2021 hoopt te organiseren met als titel ‘Creation College Expo’. Deze conferentie is primair bedoeld voor (aankomende) studenten. Op deze conferentie worden ook hogescholen en universiteiten uitgenodigd om zichzelf te presenteren. Dit zijn hogescholen en universiteiten die sympathiek staan tegenover het creationistische gedachtengoed. Duff verwijst voor deze zogenoemde ‘creation colleges’ naar een artikel op de website NewCreation (een website gesponsord door de organisatie Is Genesis History?) waar de creationistische hogescholen en universiteiten op een rij staan.6 Het volgende artikel dat voorbij komt in deze negende aflevering is een artikel op de website van Institute for Creation Research.7 Duff plaatst hier wat kritische kanttekeningen bij.

Geological Society of America (GSA)

In het laatste deel van deze video wordt aandacht gegeven aan de presentatie van geologisch werk door creationisten op de conferentie van de Geological Society of America (GSA) en daaraan gekoppeld mijn artikel op deze website.8 Volgens dr. Duff gaat het bij de presentatie van data door creationisten slechts om posters. Dit is incorrect. Dr. Whitmore hield één keer een ‘oral presentation’. Vanwege de geldende coronamaatregelen moest deze presentatie van te voren opgenomen worden en werd deze tijdens de conferentiedag op de website afgespeeld. Dr. Duff bespreekt de posters en de presentatie op een nuchtere wijze. Dat siert hem! Hij geeft terecht aan dat als de Coconino Sandstone gevormd is in een woestijnachtige omgeving dit niet past bij een afzetting tijdens de wereldwijde zondvloed. Het bekritiseren van de claim dat het hier gaat om een eolische afzetting is inderdaad de ‘common ground’ van de besproken posters en de presentatie. Dr. Duff geeft aan dat hij er geen problemen mee heeft dat creationisten hun werk presenteren op een geologische conferentie. Vanuit (theïstisch) naturalistische hoek zijn maar al te vaak lobby’s ontstaan van verstokte naturalisten die koste wat het kost creationisten willen buitensluiten van dergelijke reguliere activiteiten. Bij Duff is dat gelukkig anders!9 Terecht geeft Duff aan dat de onderzoekers in de posters en presentatie de data niet vanuit creationistisch perspectief beschouwden, maar slechts de data (‘the facts’) presenteerden. In de video wordt de creationistische invulling van het onderzoek door Duff wel besproken door te verwijzen naar een artikel van Whitmore in Answers Magazine. Overigens had Duff beter kunnen verwijzen naar de 2018 ICC-paper dan het artikel uit 2015 in Answers Magazine.10 De bioloog bespreekt kort het stukje van hellingshoeken in zandsteen. Met zijn bespreking ben ik het helemaal eens. Alleen afgaande op de hellingshoeken kan de Coconino Sandstone onderwater zijn afgezet, maar hoeft dat niet zo te zijn. Uiteraard moeten we kijken naar alle data en niet alleen naar de data van de hellingshoeken.11 Volgens dr. Duff is alle hoop voor creationisten verloren als de Coconino Sandstone niet onder water is afgezet. Dit is geheel onterecht! In Nederland zijn verdedigers van het zogenoemde Rekolonisatiemodel actief.12 Zij plaatsen het Perm ná de zondvloed en hebben daar ook goede argumenten voor. Volgens creationisten die deze werkhypothese verdedigen zijn de zandstenen van het Perm vooral eolische afzettingen. Dit argument vormt zelfs een van de belangrijkste argumenten om het einde van de zondvloed dáár te plaatsen. God deed aan het einde van de zondvloed een wind (eolisch) over de aarde gaan én de aarde lag als het ware te roesten (rode kleur). Het werk van Whitmore et al. is wel belangrijk voor jongeaardecreationisten die de werkhypothese hanteren dat de Krijt/Paleogeengrens het einde van de zondvloed markeert. Wanneer zal blijken dat Permische zandstenen echt alleen eolisch kunnen zijn, heeft dat inderdaad gevolgen voor deze werkhypothese. Ik bedank dr. Joel Duff voor de op nuchtere wijze bespreken van de posters, de presentatie én mijn artikel op de website ‘Oorsprong’.

Voetnoten

Novohrad-Nograd Geopark – Geologische activiteit na de zondvloed

In 2019 organiseerden we samen met Lorens Knap van Hongarije Holidays een geologiereis naar Hongarije. We bezochten onder andere enkele locaties in het Novohrad-Nograd Geopark. Enkele van deze locaties staan ook in de planning voor de Cultuur- en geologiereis naar Hongarije van 2022 D.V. Hieronder een promotievideo van dit Geopark. In de video komt één keer ‘the last 30 million years’ voor. Creationisten denken daar uiteraard anders over. Deze geologiereis gaat uit van de werkhypothese dat de Krijt/Paleogeen-grens het einde van de zondvloed markeert, als komen ook andere hypothesen aan bod. Het Pannoonse bekken is daarmee ná de zondvloed gevormd. Als we uitgaan van een gesloten chronologie is dit bekken meer dan vierduizend jaar geleden ontstaan. Kijk en geniet van het Novohrad-Nograd Geopark.

Nieuw onderzoek door creationisten gepresenteerd op een conferentie van Geological Society of America (GSA)

Deze week presenteerden enkele wetenschappers die uitgaan van een recente schepping hun onderzoek op een conferentie van de Geological Society of America (GSA). Gepresenteerd werd een vergelijkend onderzoek naar de hellingshoeken van moderne zandduinen en cross-bedding dat zichtbaar is in zandsteen (dr. John Whitmore), vermeende regendruppelafdrukken in de Coconino Sandstone (dr. Sarah Maithel et al.) en experimenteel onderzoek naar afdrukken van geleedpotigen in zand (Cedric Clendenon en dr. Leonard Brand).

Hellingshoeken

Het onderzoek naar hellingshoeken in zandsteen kunnen we zien als een onderdeel van ‘ongoing research’ door dr. John Whitmore c.s. naar onder andere de Coconino Sandstone en vergelijkbare zandstenen.1 In de literatuur wordt de hellingshoek van de kruisbedding als ‘steil’ aangegeven. Helaas ontbreekt voor deze claim meestal de onderbouwing met data. Whitmore wil daar verandering in brengen. Met deze voorlopige studie publiceert hij data van zandsteen en vergelijkt dit met moderne eolische kruisbeddingen. Zijn doel was om te kijken welke verschillen er waren tussen deze twee verschijnselen. De uitkomst van het onderzoek was dat de hellingshoek van de kruisbeddingen van oude zandstenen clustert tussen 15,5 en 24,0 graden en vrijwel nooit boven de 30 graden uitkomt, terwijl bij moderne eolische afzettingen de hellingshoek meer verspreid is waarbij het geclusterd is tussen de 9,0 en 27,0 graden, maar ook veel waarden boven de 30 graden bevat. Opvallend was dat er geen verschil zichtbaar was tussen monsters van de Coconino Sandstone, Tapeats Sandstone én het zandsteen van Wescogame. Dit terwijl ze op een andere manier geïnterpreteerd worden in de literatuur, resp. eolisch, marien én fluviatiel. Het onderzoek is voor creationisten van belang, omdat hier zichtbaar zou kunnen worden onder welke omstandigheden deze zandstenen zijn afgezet.2

Ichnieten van geleedpotigen

Veel ichnieten (fossielen sporen) zijn gemaakt door geleedpotigen. Hoewel we veel van die sporen kennen is er nog steeds behoefte aan een diepgaande studie naar ichnieten van geleedpotigen. Dit om de meest waarschijnlijke (paleo)sedimentaire omgeving te kunnen vaststellen. Promovendus Cedric Clendenon en zijn promotor dr. Leonard Brand presenteren een poster met nieuw onderzoek naar deze ichnieten. Clendenon doet momenteel promotieonderzoek3 naar de voorgenoemde ichnieten van geleedpotigen om zo het paleoafzettingsmilieu van zandstenen te bepalen.4 De GSA-presentatie vormt daarmee een onderdeel van zijn promotieonderzoek. De geleerden deden experimenten met schorpioenen (Hadrurus arizonensis), vogelspinnen (Grammostola rosea) en rivierkreeften (Procambarus clarkii). Tijdens het testen hebben ze gebruik gemaakt van verschillende zandvochtigheidsniveaus en verschillende hellingshoeken. De schorpioenen en rivierkreeften maakten de sporen volledig onder water, terwijl de vogelspinnen begrijpelijkerwijs alleen konden waden. Een definitieve vergelijking kon nog niet worden gemaakt, maar als onderdeel van ‘ongoing research’ is dit prachtig. Een bezwaar tegen de onderwaterafzetting van de Coconino Sandstone is bijvoorbeeld het bestaan van ichnieten van geleedpotigen. Mogelijk kan dit onderzoek van Clendenon en Brand enkele vragen oplossen en bezwaren van sceptici tackelen.5

Vermeende regendruppelafdrukken in de Coconino Sandstone

Een ander onderzoek, waar ook de bovengenoemde geleerden dr. John Whitmore en dr. Leonard Brand aan meewerkten, is van dr. Sarah Maithel. De sedimentoloog deed onderzoek naar vermeende regendruppelafdrukken in de Coconino Sandstone. Ondiepe concave afdrukken zijn overvloedig aanwezig in de Permische Coconino Sandstone. Deze werden vaak geïnterpreteerd als regendruppelafdrukken. Uit het onderzoek blijkt dat er variatie is tussen deze afdrukken. Volgens de onderzoekers geeft de waargenomen variatie aan ‘dat mogelijk andere parameters de vorming en preservatie van deze afdrukken hebben bepaald’. Meer onderzoek is nodig, maar ook hier lijkt een belangrijk bezwaar van sceptici te worden getackeld. We zijn benieuwd naar meer onderzoek op dit vlak en moedigen Whitmore, Brand en Maithel aan om dit nauwkeurig en op korte termijn uit te voeren.6

Bemoedigend

Het is bemoedigend om te zien dat gelovigen die uitgaan van een recente schepping gedegen onderzoek doen en dit presenteren op wetenschappelijke congressen en dit ook publiceren in wetenschappelijke tijdschriften. Ik hoop dat dit ook Nederlandstalige gelovige academici die uitgaan van een recente schepping zal aanmoedigen om vergelijkbaar Europees onderzoek uit te voeren naar diverse geologische verschijnselen en dit op bekende Europese geologische congressen te presenteren.

Dr. Joel Duff heeft dit artikel besproken in zijn serie ‘This Week in Creationism’. Mijn reactie daarop is hier te vinden.

Voetnoten

Het vieren van Gods schepping in 2020 – Verslag van een CORE-conferentie

Vorig jaar november vond de digitale conferentie van CORE Academy of Science plaats onder de titel Creation Celebration 2020.1 Bioloog en biochemicus dr. Todd C. Wood2 leidde deze conferentie die ging over de hoekstenen van het scheppingsparadigma: de schepping, de zondeval en de zondvloed. In dit artikel doen we verslag van de conferentie. Het is goed mogelijk dat binnenkort óók voor de buitenstaander de opnames beschikbaar worden gesteld.

Het was bemoedigend om deel te nemen aan deze conferentie. Wat ik van Todd Wood en consorten waardeer is de nuchtere benadering van zowel de evolutietheorie als het zogenoemde ‘creation science’. Ook deze keer was het weer aangenaam toeven bij deze groep wetenschappers. Elk dagdeel van deze conferentie werd ingeleid door Wood. Hij vertelde dan wat over de organisatie waar hij directeur van is, CORE Academy of Science3 of over de Sanders scholarship Award.4 Na deze opening was er tijd voor een ‘devotional’, waarbij Wood een stukje uit de Bijbel voorlas, daarover mediteerde5, door een musicus een lied werd gezongen en waar Wood als laatste een gebed uitsprak voor het dagdeel. Ieder dagdeel werd gelezen uit Genesis 1 en kwam er een scheppingsdag voorbij. Per dagdeel kwam er ook één ‘testimonial’ voorbij waarbij een wetenschapper of theoloog getuigde van de waarde van het scheppingsparadigma voor zijn persoonlijk geloof. Dit deel van de conferentie was goed opgezet.

Eerste dagdeel: vrijdag 6 november 2020 – ‘Celebrating the Doctrine of Creation’

Het eerste dagdeel werd op de gebruikelijke wijze, zoals hierboven geschetst is, gestart. Na deze opening gaf de ingenieur en systematisch theoloog dr. Maël L.D.S. Disseau een ‘testimonial’ en getuigde van de waarde van het scheppingsparadigma voor zijn persoonlijk geloof.6 Na dit persoonlijke getuigenis besprak systematisch theoloog dr. Hans Madueme7 de vraag: ‘Why Does Creationism Matter to Average Church-Going Evangelical?’.

Madueme geeft aan dat de critici gelijk hebben: er zijn ontzettend veel slechte creationistische argumenten te koop. Maar dat wil nog niet zeggen dat alle argumenten slecht zijn.

Niet iedere christen is het eens met de stelling dat creationisme belangrijk is voor het christelijk geloof. Ze zullen ook de vraag negeren. Voor hen is creationisme niet intellectueel, wordt gedreven door geld, is onwetenschappelijk, is niet Bijbels, is naïef, is literalistisch en zorgt voor uiteendrijving. Waarom denken deze christenen zo over het creationisme? Daar zijn twee redenen voor: namelijk de inhoud en de stijl. Creationistische argumenten zouden zwak zijn of geen hout snijden. Wetenschap heeft het creationisme onderuitgehaald. De andere reden is stijl. Deze medechristenen zien creationisten als boos, polemisch en dogmatisch. Mensen die niet welwillend zijn om te luisteren naar de rede. Ze verwerpen ook de discussiestijl van sommige creationisten en zien daarin niet de liefde van Christus weerspiegeld. Madueme neemt als creationist deze kritiek heel serieus. Hij geeft toe dat sommige creationisten gebruik maken van verkeerde en misplaatste retoriek. Dat is verkeerd en de kerk heeft dat soort creationisme niet nodig. Snijden creationistische argumenten geen hout tegenover mainstream wetenschap? Er zijn ontzettend veel slechte creationistische argumenten in de wereld. Madueme noemt dat echter geen uniek en bij creationisten passend probleem. Hij geeft als voorbeeld dat er heel veel slechte films te koop zijn, maar dat dit nog niet wil zeggen dat alle films slecht zijn. Of om een ander voorbeeld aan te halen: er zijn veel hypocriete christenen in de wereld, maar dat wil nog niet zeggen dat alle christenen hypocriet zijn. Hetzelfde geldt voor het creationisme. Madueme geeft aan dat de critici gelijk hebben: er zijn ontzettend veel slechte creationistische argumenten te koop.8 Maar dat wil nog niet zeggen dat alle argumenten slecht zijn. Dat gezegd hebbende de vraag wat het creationisme bijdraagt voor de gemiddelde kerkganger. Madueme geeft vijf argumenten:

Rhea County Courthouse, het gebouw waar de Scopes Trial plaatsvond in 1925.

  1. Theology. Creationisme is een diep verankerde theologische positie. Dogma’s zijn geen marmerstenen in een tuin, maar organisch en als parels in een ketting. Het is als een borduurwerk, je trekt een draadje los en het wordt een rommeltje. Creationisten denken consistent na over God, de schepping en de wereld om ons heen. Creationisme maakt het beste van het tapijt van christelijke theologie.
  2. Biblical Picture of the World. De werkelijkheid is niet slechts materialistisch of fysisch. Er is ook een bovennatuurlijke werkelijkheid. Denk aan duivelen, engelen, de menselijke ziel en wonderen. God draagt deze schepping op elk moment. Soms besluit God om niet volgens de natuurlijke orde te handelen. Dat noemen we een wonder. Daarom wijzen creationisten ten diepste ook het methodologisch naturalisme af, omdat wij geloven dat God tijdens zijn schepping op een niet-naturalistische manier handelde. Dat geldt ook wanneer Christus terugkomt. Dit is het Bijbelse plaatje.
  3. The Authority of Scripture. Creationisten nemen het Schriftgezag serieus. Ze geloven dat de Schrift onfeilbaar is. Dat is niet gelimiteerd tot de geestelijke zaken, maar geldt ook voor de historische zaken. Er zijn duizenden manieren waarop christenen onder het Schriftgezag proberen uit te komen. Maar als het gaat om het Schriftgezag dragen creationisten dit het meest consistent uit.
  4. The Catholic Tradition. Creationisme staat in verbinding met de pre-moderne kerk. Christenen door de eeuwen heen waren allemaal creationisten. Het is natuurlijk waar dat zij niets wisten over geologie of wisten van Darwins ‘Origin of Species’. Het is ook waar dat niet iedereen de eerste hoofdstukken van Genesis exact op dezelfde manier lazen. Maar het feit blijft staan dat voor de eerste 1800 jaar van de kerk, christenen geloofden in een jonge aarde en de wereld ook verstonden op die wijze. Volgens Madueme is dat een significant gegeven.
  5. The Fruit of the Holy Spirit. Creationisten zijn niet erg populair en vaak het onderwerp van spot. We moeten dit slechte gedrag ontmoeten met de vrucht van de Geest. Madueme wijst op Galaten 5:22-23. Het is aantrekkelijk om agressief naar onze opponenten te reageren. Om vuur met vuur te bestrijden. Madueme geeft aan dat dit geen voorbeeld is. Onze generatie heeft een vriendelijk en op Christus lijkend creationisme nodig. We moeten nederig zijn tegenover naturalisten. We moeten altijd onze afhankelijkheid tegenover God tonen.

Madueme sluit af met een laatste aandachtspunt. De meeste christenen zullen het eens zijn met wat Hans Madueme gezegd heeft. Creationisten zijn heus niet de enigen die zich zorgen maken over deze zaken. Christenen zullen op sommige punten ook met Madueme van mening verschillen. Hij vindt dat prima. Juist de verschillen van mening tussen christen laat zien hoe belangrijk deze issues zijn. Creationisme op zijn best is een van de grootste giften voor orthodoxe, Bijbelgetrouwe en vol van de Geest zijnde christenen.

Wordt vervolgd.

Voetnoten

Adam of Aap? – Aflevering 4: De stenen spreken

In 1977 van de vorige eeuw zond de Evangelische Omroep de serie Adam of aap? uit. Er verscheen in hetzelfde jaar ook een boekje met de gebundelde teksten van de uitzending. De serie werd uitgezonden onder leiding van de onlangs overleden drs. Koos van Delden. In dankbare herinnering aan hem delen wij de komende periode iedere zaterdag een aflevering van Adam of aap? Vandaag deel 4: De stenen spreken. In deze vierde aflevering gaat het over de ouderdom van de aarde. Is de aarde miljarden jaren oud of duizenden jaren jong?