Home » Column

Categorie archieven: Column

COLUMN: Geef mij een teken en ik word creationist

De laatste tijd roeren de monden (of beter gezegd: de toetsenborden) van atheïsten en theïstisch evolutionisten zich steeds vaker richting creationisten. Vaak zijn dat overigens geen woorden van waardering, maar is het veeleer het verspreiden van een onaangename geur. Steeds vaker komt uit het toetsenbord van deze zelfverklaarde tegenstanders de volgende zin: ‘Geef mij één overtuigend wetenschappelijk argument en ik word creationist.’ Na deze zin volgt soms: ‘Dus geen antwoord uit de Bijbel.’ Een zeer prikkelende en soms pijnlijke column over tekens.

Deze stelling, die tevens een indirecte vraag is, ruikt naar en lijkt op Haagse bluf – een Nederlands nagerecht dat bestaat uit stijf opgeklopt eiwit met bessensap en veel suiker. Je eigen basisovertuiging vanwege één argument opzijzetten, is heel onverstandig. Je moet namelijk niet over een nacht ijs gaan. Afgezien daarvan doet het aan onze Schepper en Koning denken. Hij kreeg wel vaker te horen: geef mij één overtuigend teken en ik zal geloven. Zijn antwoord was niet altijd even mals.1

Kom af van het kruis!

De Borg en Middelaar, onze Heere Jezus Christus, heeft het zwaar. Langs Zijn kruis loopt een spottende en lachende menigte. Zij roepen: ‘Gij, Die den tempel afbreekt, en in drie dagen opbouwt, verlos Uzelven’. Even daarna: ‘Indien Gij de Zone Gods zijt, zo kom af van het kruis’. Ook de overpriesters en Schriftgeleerden doen mee: ‘Anderen heeft Hij verlost, Hij kan Zichzelven niet verlossen. Indien Hij de Koning Israëls is, dat Hij nu afkome van het kruis, en wij zullen Hem geloven.’ Wat zou er gebeurd zijn als Christus werkelijk van het kruis afgekomen was? Ik vermoed dat de overpriesters en Schriftgeleerden ter plekke een excuus bedacht zouden hebben.

Jona, de profeet

Toen de Heere Jezus op aarde rondwandelde, kwamen op een dag de farizeeën en sadduceeën tot Hem. Zij verzochten Hem en wilden een teken uit de hemel ontvangen. Christus antwoordde hen: ‘Als het avond geworden is, zegt gij: Schoon weder; want de hemel is rood; en des morgens: Heden onweder; want de hemel is droevig rood. Gij geveinsden! Het aanschijn des hemels weet gij wel te onderscheiden, en kunt gij de tekenen der tijden niet onderscheiden?’ Christus luisterde niet naar het verzoek, maar Hij zei: ‘Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden, dan het teken van Jona, den profeet.

Zo iemand uit de doden opstond…

“Er is voldoende licht voor hen die Intelligent Ontwerp in de natuur verlangen te zien; er is voldoende duisternis voor hen die het tegenovergestelde (bruut toeval of onvermijdelijkheid) willen zien.”

Het laatste voorbeeld komt uit een gelijkenis die de Heere Jezus vertelde toen Hij op aarde was. Er was een rijke man en een arme Lazarus. Toen Lazarus stierf, werd hij gedragen in Abrahams schoot. Toen de rijke man stierf, deed hij zijn ogen open in een plaats waar hij pijn leed. Toen de rijke man erachter kwam dat niets hem meer kon verkoelen, smeekte hij Abraham of deze iemand naar zijn familie op aarde zou willen sturen. Vader Abraham zei toen: ‘Zij hebben Mozes en de profeten, dat zij die horen. (…) Indien zij Mozes en de profeten niet horen, zo zullen zij ook, al waren het, dat er iemand uit de doden opstond, zich niet laten gezeggen.’ Heldere taal! Geloof de tekenen die in de Heilige Schrift gegeven worden.

Eén wetenschappelijk argument (een teken) zal er niet voor zorgen dat de eigen basisovertuiging ingeruild wordt voor een andere basisovertuiging. Blaise Pascal zou zeggen: ‘Er is voldoende licht voor hen die slechts verlangen te zien, en voldoende duisternis voor hen die het tegenovergestelde willen.’ Er is voldoende licht voor hen die Intelligent Ontwerp in de natuur verlangen te zien; er is voldoende duisternis voor hen die het tegenovergestelde (bruut toeval of onvermijdelijkheid) willen zien. Een enkel teken zal daar niet aan bijdragen. Het geloof is ten diepste niet gebaseerd op tekenen, al kunnen deze wel versterkend en bemoedigend werken, maar op Zijn levende Woord. Geef mij een teken…? Lees de Heilige Schrift maar, en begin dan bij Mozes en de profeten. Als je dat niet gelooft, dan zul je het andere ook niet geloven, zelfs als er iemand uit de dood zou opstaan.

Dit artikel werd in 2018 geschreven.

Voetnoten

COLUMN: Het hart

Wanneer je de leeftijd van de zeer sterken mag bereiken, heeft het hart ruim twee miljard keer geslagen. Dat begint al in de baarmoeder (zo rond de 21 dagen) en dit kan doorgaan tot op hoge leeftijd. Iedere hartslag wordt veroorzaakt door een complex systeem en brengt een indrukwekkende hoeveelheid moleculen in beweging. Het hart is een wonderlijk orgaan, een Meesterwerk!

Wij zijn geschapen met een hart en kunnen absoluut niet zonder. Het hart pompt zuurstofrijk bloed naar de organen. Het zuurstofarme bloed keert weer terug. Zonder dit zuurstofrijke bloed zouden de organen binnen een enkel ogenblik beginnen met afsterven. Een willekeurig hartcentrum laat weten dat het hart bij een volwassen persoon zo’n zeventig keer per minuut pompt. Per minuut wordt zo’n 4 à 5 liter bloed rondgepompt. Alle daarbij komende processen doen zelfs artsen duizelen. Mocht je meer willen lezen over het ingenieuze ontwerp van het hart, dan is het boek Your Designed Body (Laufmann and Glicksman) lezenswaardig. Volgens creationist dr. Jerry Bergman is het, daartegenover, voor een naturalist niet mogelijk om tot een goede evolutionaire verklaring te komen voor het ontstaan van het menselijk hart.

Het hart werkt echter niet altijd goed. Dagelijks wordt ‘ten dage als gij daarvan eet, zult gij den dood sterven‘ werkelijkheid. In Genesis 5 klinkt het refrein: ‘En hij stierf‘. Dat is de tragische werkelijkheid: het hart stopt ermee en hij of zij sterft. Dit kan al heel vroeg misgaan, maar ook later openbaar komen, bijvoorbeeld dat het hart vanwege een genetische aandoening zo ver kan verslechteren dat het niet meer in staat is om alles rond te pompen. Dit laatste heb ik deze week (week 5) in levenden lijve ondervonden. Mijn hart sloeg op tilt, monomorfe ventrikeltachycardie, het pompen van het hart stopte, de hersenen ontvingen minder zuurstofrijk bloed en alles begon te draaien (near collapse). De Heere gaf dat de ingeplante ICD (een soort pacemaker) begon te pacen. Het hart kwam uit de ‘trilstand’ en begon weer de pompen. De Heere heeft nog wonderlijk gespaard. In het ‘hart’ resoneerde: ‘De Heer’ wou mij wel hard kastijden, Maar stortte mij niet in den dood; Verzachtte vaderlijk mijn lijden, En redde mij uit allen nood.

Het wachten is nog steeds op een donorhart. De dokters hebben (gelukkig) veel verstand gekregen en deze middelen moeten we ook gebruiken. De verwachtingen overstijgen echter deze medische molen en dienen opgeheven te worden naar Boven waar Christus is. ‘Zal het zo zijn, onze God, Dien wij eren, is machtig ons te verlossen (…) en Hij zal ons uit uw hand (…) verlossen. Maar zo niet, u zij bekend, o Koning! dat wij uw goden niet zullen eren, (…).‘ Dat is Gods vrijmacht!

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2024, Het hart, Om Sions Wil 2024 (5): 25. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2024
COLUMN 1: Het hart.

COLUMN: Rotterdam Terror Corps

Rotterdam, een prachtige stad aan de Nieuwe Maas. Vanwege de indrukwekkende hoogbouw ook wel Manhattan aan de Maas genoemd. Mijn vrouw en ik doen de stad tegenwoordig regelmatig aan, vanwege de voorbereidingen voor een harttransplantatie. In stil gebed of de Heere deze middelen wil zegenen. Naast medische indrukken doen we helaas ook andere indrukken op.

De energie is vanwege de reistijd laag en daarom overnachten we noodgedwongen meestal in een hotel. Je leert Rotterdam dan óók op een andere manier kennen. Een van de eerste ervaringen met een dergelijke overnachting staat nog in het geheugen gegrift. De dag voor het ziekenhuisbezoek waren we naar Rotterdam afgereisd. In de stad waren veel straten afgezet en hoorden we dronken gejoel en geschreeuw. Wat bleek: voetbalclub Feyenoord was landskampioen geworden en dat moest kennelijk gevierd worden met een huldiging. En hoe! Het hotel konden we na een uur dwalen pas bereiken én het afval dat was achtergelaten circuleerde door de straten: plastic, papier enzovoort. Over milieuvervuiling gesproken. Hoewel de huldiging vrij vroeg op de dag plaatsvond, waren de schoonmakers tot de volgende ochtend bezig om de stad weer in het gareel te krijgen.

Een andere ervaring. Ik kon de slaap niet goed te pakken krijgen. In het holst van de nacht hoorde ik beneden op straat hard geschreeuw. Aan de intonatie was te horen dat het een dronken man was die schreeuwde. De man bleef heen en weer lopen in de straat, al schreeuwende. Hij beukte af en toe tegen de luiken die de etalages van de winkels beschermen. Terwijl ik overdacht of ik uit bed zou stappen om, in liefde, deze man te helpen, hoorde ik de sirenes van een politiewagen. De wagen stopte voor het hotel en de man werd meegenomen. Verdrietig!

Ter afsluiting een laatste ervaring. Thuis op bed kwam een krantenartikel onder ogen met de informatie dat Rotterdam Terror Corps (RTC) de Laurenskerk heeft afgehuurd om hun dertigjarig bestaan te vieren. De kerk was omgebouwd tot feestzaal met lichtshows en het orgel werd ingezet om de hardcore te ondersteunen. Hardcore in een kerk! De muziek werd vergezeld door spottende en blasfemische teksten. ‘Tijdens het hardcore-festival in de kerk danste de duivel op tafel’, luidde een bijschrift.

Het is nog een wonder dat de kerk niet ter plekke instortte. De Heere is nóg lankmoedig over ons wegzinkend Nederland. Wie ontfermt zich over het arme Rotterdam? ‘Red degenen, die ter dood gegrepen zijn; want zij wankelen ter doding, zo gij u onthoudt.’ Of om met aartsvader Abraham te bidden: ‘Dat toch de Heere niet ontsteke, dat ik alleenlijk ditmaal spreke: misschien zullen er tien gevonden worden’. Rotterdam kent een rijk geestelijk verleden! ‘Zou God Zijn genâ vergeten?’ Nee toch?!

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2023, Rotterdam Terror Corps, Om Sions Wil 2023 (25): 21. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2023

COLUMN: Stinkende kortschild

Het bestuderen van Gods schepping leidt tot verwondering. Daarvoor hoef je niet eerst wetenschapper te worden of naar het buitenland te vliegen. In de achtertuin of langs de weg is zoveel moois te zien. De gevolgen van de zondeval zijn ook zichtbaar, insecten die elkaar opeten enzovoort. Het wordt dan een wonder dat de Heere nog enige lichtpuntjes in Zijn schepping heeft overgelaten en de mens vanwege zijn diepe val niet voor eeuwig weggevaagd heeft.

Afgelopen zomer kregen wij een vakantiehuis aangeboden in Ouddorp. Op een dag hoorde ik bij de buitendeur mijn dochter roepen: ‘Papa, kom eens kijken, een beest, een tor’. Ik liep naar de plaats waar het geroep vandaan kwam. Inderdaad liep er op de grond een bijzonder beest. Toen we met ons hoofd er te dichtbij kwamen, hief het beest haar achterlijfje omhoog als een schorpioen. We vormden kennelijk een té grote bedreiging. ‘Papa, hoe heet dat diertje?’ ‘Ik zou het niet weten, een soort oorwurm?’ Ik haastte mij naar binnen om de telefoon te pakken, maakte een aantal foto’s en voerde die, als eerste waarneming, in de zojuist geïnstalleerde waarnemingenapp ObsIdentify. Met deze app (die ik getipt kreeg van een vriend) kun je zelf waarnemingen doen en de wetenschap verder helpen. Ik las dat het vrijwel zeker een stinkende kortschild was.

Een stinkende kortschild (Ocypus olens) is een kever. Bij bedreiging wordt inderdaad het achterlijfje omhooggehouden. Ik lees op Wikipedia dat er, wanneer dit niet genoeg indruk maakt, een melkwitte vloeistof wordt afgescheiden. Hier heeft het beest ook zijn wetenschappelijke naam aan te danken. Olens betekent namelijk ‘geurig/stinkend’. In aanraking komen met het achterlijfje is niet het meest pijnlijke. We kunnen beter uitkijken voor zijn bovenkaken, want daarmee kan de kever een stevige beet geven. De stinkende kortschild is voor de moestuin nuttig, want het beestje eet slakken en aan planten knagende insectenlarven. Helaas staan ook regenwormen op het menu, die zijn dan wel weer bevorderlijk voor de moestuingroei. Het is wonderlijk dat de Heere, ondanks de zondeval, Zijn schepping nog in evenwicht wil houden. Maar het is ook verdrietig dat om de zonde van de mensheid het ganse schepsel zucht (Rom. 8).

Sinds de installatie van deze app heb ik al veel geleerd over Nederlandse planten en dieren. Ik ben meer te weten gekomen over het goudoogje, de pluimvoetbij, de oogstreeprandwants, de gegroefde lapsnuitkever en de gele rietklimmer. Een kennis, die ik de vondsten liet zien, sprak met verbazing: ‘Ik wist niet dat er zoveel insecten op dit kleine stukje grond te vinden zijn’. Laten we navolging geven aan het artikel van Arjan Verwoert (OSW 17): verken met een groepje Zijn schepping! Dat is leerzaam en tot verheerlijking van Zijn Naam.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2023, Stinkende kortschild, Om Sions Wil 2023 (20): 11. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2023

COLUM: ICC, geen internationale maar Angelsaksische conferentie

Waarom de ICC geen internationale, maar Angelsaksische conferentie is. De column van deze maand is een kritisch-sympathetische persoonlijke beschouwing van de International Conference on Creationism (ICC). Commentaar leveren is uiteraard erg makkelijk. Daarom probeer ik in deze column ook het begin van een oplossing aan te dragen. Deze column doet niets af aan de waardering van de ICC-organisatie.

De Oostelijke Karpaten in Roemenië, een boeiend onderzoeksgebied. Bron: Pixabay.

Angelsaksisch

De ICC wordt al jaren aangekondigd als een internationale conferentie voor het zogenoemde creationisme. Een snelle blik op de proceedings van deze belangrijke conferentie laat echter zien dat veruit de meeste creationistische wetenschappers Amerikanen (VS) zijn. Het overige smaldeel komt veelal uit Angelsaksische landen zoals Canada, Verenigd Koninkrijk en Australië. Zeer sporadisch zijn er wetenschappers uit andere landen aanwezig. Op deze wijze kan ICC beter gewijzigd worden in ACC (Anglospheric Conference on Creationism). Maar zo wordt helaas het karikatuurbeeld versterkt dat het klassieke scheppingsgeloof een Amerikaans fenomeen is. Of om de woorden van de bekende Stephen Jay Gould te gebruiken: een ‘local, indigenous, American bizarrity’. Onterecht, want in elk land zijn wel creationistische geleerden te vinden. Waarom voelen creationistische wetenschappers uit continentaal-Europa, Afrika, Azië of Zuid-Amerika zich niet aangetrokken tot de ICC? Wellicht is de reis te ver of te duur of voelt men minder voor de Amerikaans-creationistische poehastijl.

Waar te vinden?

De organisatie met de meeste creationistische wetenschappers is niet in de Verenigde Staten van Amerika te vinden, maar in Zuid-Korea. Bovendien bevinden zich in de verschillende landen van Europa ook veel wetenschappers die uitgaan van het klassieke scheppingsgeloof, zoals bijvoorbeeld Duitsland. Geleerden die uitgaan van het klassieke scheppingsgeloof zijn zeker al sinds de Romeinse tijd aanwezig. Atheïstische wetenschappers volgen deze ontwikkeling met argusogen en de Raad van Europa meende het ‘creationisme’ zelfs als staatsgevaarlijk te moeten bestempelen. Ook in Afrikaanse en Aziatische landen zijn relatief veel creationistische wetenschappers te vinden en datzelfde geldt voor een land als Brazilië. Waarom presenteren die onderzoekers hun werk niet op de ICC, zodat ICC met recht een International Conference on Creationism wordt?

Fonds

Toen ik in 2018 op de ICC was, heb ik het bovenstaande kenbaar gemaakt aan de organisatie. Ik had toen een mooi gesprek met de welwillende organisatie. Vlak na deze ICC heb ik nog wat Europese wetenschappers proberen te stimuleren om hun onderzoek te presenteren. Helaas kwam ik in een turbulente tijd terecht door coronarestricties, mijn vertrek bij Logos Instituut, het overlijden van ons zoontje én mijn persoonlijke gezondheidsomstandigheden. Daarom heb ik er daarna weinig energie meer in kunnen steken. Mijn oplossing zou zijn: maak een ICC-fonds en stimuleer internationaal wetenschappers om gebruik te maken van dat fonds en zo hun werk te presenteren op de ICC. Stel bijvoorbeeld 5.000 euro per onderzoekspaper beschikbaar. Als het Answers in Genesis lukt om met een eindejaarsactie ruim 17 miljoen dollar binnen te halen, dan moet het de ICC-organisatie toch wel lukken om 50 internationale onderzoeksprojecten te laten presenteren? Niet uit werkheiligheid, maar tot eer van onze Schepper en tot heil en nut van onze naasten.

COLUMN: Archeologie in Staphorst

Veel orthodoxe christenen geloven dat deze aarde minder dan tienduizend jaar oud is. De wereldgeschiedenis is te verdelen in de eerste en tweede wereld. De eerste wereld was de wereld vóór de zondvloed en de tweede wereld is de wereld ná de zondvloed. Niet dat er na de zondvloed een nieuwe wereld ontstond, maar wel een door het water gereinigde wereld.

Voor reformatorische christenen is dit niet nieuw. Ze lezen bijvoorbeeld in het zogenoemde zondvloedgebed: “Gij die naar Uw streng oordeel de ongelovige en onboetvaardige wereld met den zondvloed gestraft hebt, en den gelovigen Noach, zijn acht zielen, uit Uw grote barmhartigheid behouden en bewaard; (…).” Helaas rekenen veel mensen tegenwoordig niet meer met duizenden jaren en een wereldwijde zondvloed. De wereld is miljarden jaren oud en de mensheid is in de loop van een aantal miljoenen jaren geëvolueerd vanuit een aapachtige voorouder tot de huidige beschaafde wezens. Nu kunnen we denken dat die mensen niet met God en Zijn gebod rekenen en het dus niet vreemd is dat ze op zoveel miljoenen en miljarden jaren uitkomen. Moeten we dat dan maar negeren? Maar wat als deze basisovertuigingen wél met elkaar in aanraking komen?

Raadsleden van de ChristenUnie en de SGP van de Biblebelt-gemeente Staphorst hebben dat in 2010 ervaren. Gemeenten zijn sinds 2007 verplicht een archeologische verwachtingskaart op te stellen. Dit werd ook in Staphorst gedaan. Onderzoeks- en adviesbureau BAAC werd ingeschakeld en de kaart werd gepresenteerd. In het rapport wordt gesproken van de voorlaatste ijstijd, het Saalien, zo’n 370.000 tot 130.000 voor Christus. De christenpolitici van de Gemeente Staphorst waren het niet eens met die duiding. Het rapport zou niet aansluiten bij de basisovertuiging van veel orthodoxe Staphorsters dat de aarde niet ouder is dan zesduizend jaar. Vondsten uit de zogenoemde steentijd hoeven daarmee niet bij het vuilnis gezet of ontkend te worden. De raadsleden gaven aan dat deze steentijdvondsten zeer waardevol zijn, maar merkten daarbij op dat deze vondsten onmogelijk ouder dan zesduizend jaar kunnen zijn. Uiteindelijk bleek een alternatief rapport waarbij wél rekening gehouden wordt met het Bijbelse kader niet haalbaar. De Staphorster christenpolitici kregen het echter wel voor elkaar dat er voorin het definitieve rapport een extra voorwoord verscheen met daarin de opmerking dat veel Staphorsters anders denken over de leeftijd van de aarde.

Jammer dat een rapport vanuit de Bijbelse basisovertuiging niet haalbaar bleek. Het zou mooi zijn als er een archeologisch instituut opgericht zou worden met archeologen die wel vanuit deze basisovertuiging denken en door Biblebelt-gemeenten kunnen worden ingeschakeld om dergelijke rapporten op te stellen. Dat zou moeten kunnen. Er zijn immers ook verschillende archeologen die denken vanuit deze basisovertuiging en werken in de Levant (Israël en omstreken) en Mesopotamië.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2023, Archeologie in Staphorst, Om Sions Wil 2023 (10): 11. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2023

COLUMN: Geloofwaardig Nepnieuws?

Deze tijd staat bol van nepnieuws. Vooral tijdens de coronacrisis werden er allemaal hoaxen (nepnieuws) de wereld ingestuurd. Zo zouden draadloze netwerken corona verspreiden.

Wist je dat er door de tijd heen ook een heleboel hoaxen over het christendom geweest zijn?
Om enkele voorbeelden te noemen: sommigen beweerden Goliaths schedel te hebben gevonden. Anderen claimden dat Charles Darwin bekeerd werd op zijn sterfbed. Het bewijs blijft echter achterwege. Een hoax die ook om de zoveel tijd rondwaart: een waarschuwing tegen de godslasterlijke film Corpus Christi waarin Jezus en Zijn discipelen bespot zouden worden. Een verzinsel, de film bestaat niet. Ook hebben verschillenden al beweerd de ark van Noach te hebben gevonden. Of wat te denken van een enorme reus die iemand opgroef. Een unieke prachtvondst die de Bijbelse beschrijving van reuzen zou ondersteunen. Het laatste was overigens een bedenksel van een Amerikaanse boer die zelf een gebeeldhouwde reus in de grond had gestopt…

Zo zie je maar, overal kan nepnieuws opduiken, zelfs rondom christelijke waarheden. De ene keer bedoeld om het christelijk geloof onderuit te schoffelen; de andere keer als goedbedoelde poging om de Bijbel te bewijzen. Maar de Bijbelse Waarheid is en blijft toch in de eerste plaats een zaak van geloof. Toch maar houden bij de echte Waarheid, of het nu over het christelijk geloof gaat of niet!

Dit artikel is met toestemming van de auteur en de redactie overgenomen uit Nabij Jou. De bronvermelding luidt: Staaij, H. van der, 2023, Geloofwaardig nepnieuws, Nabij Jou 1 (4): 25. Meer informatie over dit tijdschrift is te vinden via de website: https://nabijmagazine.nu/.

COLUMN: Naar de maan?

Op 16 november 2022 werd vanaf het Kennedy Space Center in Florida een raket gelanceerd met daarin de Orioncapsule. ‘Three’, ‘two’, ‘one’ (…) ‘and lift off for Artemis One. We rise together, back to the moon and beyond’, zo luidde het commentaar. Het is al meer dan vijftig jaar geleden dat er voor het laatst mensen op de maan liepen.

Artemis I, zoals dit project van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA genoemd werd, was een voorbereidende vlucht voor een bemande maanlanding medio 2025. Artemis II (medio 2024) wordt de tweede voorbereidende vlucht. Artemis III is dan de werkelijke bemande missie. Hierbij moeten op z’n minst twee mensen een voet op het maanoppervlak zetten. Toegegeven: een huzarenstukje van NASA. Maar mag alles wat kan?

De maan werd geschapen op de vierde dag ‘tot tekenen en tot gezette tijden’ (Genesis 1:14). Dr. Peter Korevaar liet op een Nederlands congres zien dat het bestaan van de maan wijst op de Schepper. Twee zaken: (1) De maan stabiliseert onze aardas. Zonder de maan wordt het landleven bedreigd door extreme klimaatschommelingen. (2) De maan zorgt voor getijden. Zonder de maan zou zeeleven bijna volledig uitsterven. Dit is vanaf de aarde te onderzoeken, maar mag je ook naar de maan toe?

Of wetenschappelijk onderzoek christelijk verantwoord is, hangt af van twee zaken: (1) is het ethisch verantwoord (kán het bijvoorbeeld mensenlevens kosten)?, en (2) is het uit bevrediging van nieuwsgierigheid en arrogantie of tot Gods eer? Kan onderzoek op de maan tot Gods eer zijn? Door spiegels op de maan te zetten, zijn we erachter gekomen dat de maan van ons af beweegt. Echter met zo’n snelheid dat het een probleem is voor het naturalistische model. Toch vraag ik mij af of we niet beter met onze beide benen op de grond kunnen blijven. De missies kosten een kapitaal, zijn milieubelastend en veruit het meeste maanonderzoek is niet tot Gods eer, maar eerder een meewerken aan de nieuwe toren van Babel.

Bij de eerste maanlanding in 1959 schreef ds. C. Hegeman in De Saambinder: ‘De Heere wordt onteerd en het mensdom leeft in grote verdwazing. Letten wij toch op de vermeende ‘titanische’ macht der wereldgroten en al de uitvindingen van deze tijd; dat men plannen heeft om zon, maan en andere planeten te gaan bezoeken. Doch het Woord van God wordt waarheid: “Maar d’Opperheer, Die Zijn geduchte stoel, Op starren sticht, en grondvest op de wolken, Zal lachen met dat vruchteloos gewoel. En spotten met de waan der dwaze volken”.’ Naar de maan? Laten we daar voorzichtig mee zijn! Helaas trekken naturalisten zich van dáár niets van aan. Laten we het aan de Heere overlaten of Hij met deze kromme stok nog een rechte slag wil geven.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2023, Naar de maan?, Om Sions Wil 2023 (5): 11. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2023

COLUMN: Censuur in Schoolboeken?

Afgelopen najaar kwamen reformatorische scholen onder vuur te liggen vanwege vermeende censuur in schoolboeken. Volgens het NRC Handelsblad was er zelfs een lijst met verboden onderwerpen, zoals dinosaurussen en de evolutietheorie. Hoewel de toenmalige minister Arie Slob uitsprak dat er geen aanwijzingen zijn dat refoscholen onderwijsdoelen weglieten was de toon wel gezet. Is het weglaten van onderwerpen uit standaard schoolboeken verstandig?

In eerste instantie zou je kunnen zeggen dat het ‘censureren’ van onderwerpen in schoolboeken verstandig is. Kinderen krijgen in de samenleving al genoeg onzedelijk en antichristelijk gif binnen zodat de school een oase zou moeten zijn om op adem te komen. Ik wil echter in deze column op zoek gaan naar alternatieven: een eigen onderwijsmethode en een jaargroep overstijgende leerlijn en/of begeleide confrontatie. De evolutietheorie (met de geologische miljarden jaren) én dinosaurussen zouden we niet uit de schoolboeken moeten weren of onbesproken laten. Vroeg of laat krijgen onze kinderen met deze onderwerpen te maken en veel kinderen hebben al op jonge leeftijd liefde en ontzag voor de prachtige dino-schepselen. Maar niet alleen daarom!

Het gaat hier om feiten die prima passen binnen een wereldbeeld met het klassieke scheppingsgeloof als uitgangspunt. Dat diersoorten kunnen veranderen (evolutie) is een vermogen dat de Schepper in Zijn schepping heeft gelegd. Universele Gemeenschappelijke Afstamming (UGA) wordt echter terecht gezien als strijdig met de scheppingsgeschiedenis zoals verwoord in Genesis. Er zijn ook argumenten tegen deze denkwijze te geven zijn. In het voortgezet onderwijs kunnen ze de argumenten voor UGA zelf opzoeken en tijdens een begeleidend moment wegen (begeleidende confrontatie). Denk daar niet te gemakkelijk over, want de geologische argumenten voor een miljarden jaren oude aarde zijn niet zwak. De VO-leraar dient daarom genoeg bagage te hebben om de leerlingen aan een weerwoord of andere denkrichting te helpen.

Af en toe kom ik op scholen om gastlessen te geven over o.a. dinosaurussen. Een aantal jaren geleden sprak ik een docent uit groep 8 naar aanleiding van een hoofdstuk over vulkanisme uit een seculiere aardrijkskundemethode. Ik vroeg hem hoe hij zo’n les gaf, met plaattektoniek over miljarden jaren. Hij gaf mij te kennen dat hij dan de les gewoon gaf, maar dat hij ook aangaf dit niet te geloven en zeker de tijdschaal niet omdat dit in strijd is met de Bijbel. Toen vroeg ik wat hij als alternatief aanbood, gaf hij aan geen kennis te hebben van alternatieven (zoals Catastrophic Plate Tectonics) en dat dus ook de leerlingen niet kon uitleggen. Dat is de leerkracht niet te verwijten. Gelukkig is er onlangs een biologiemethode verschenen die de kinderen verwondering over Gods schepping wil bijbrengen en de kinderen ook vanuit een Bijbels kader wil laten denken (Wondering the World). Edu-sign is ook begonnen aan een aardrijkskundemethode (Traveling the World).

Het is een aanfluiting te noemen dat we al meer dan honderd jaar vrijheid van onderwijs mogen genieten en nu pas een eigen biologie- en aardrijkskundemethode voor het basisonderwijs hebben. Het is natuurlijk niet helemaal zwart-wit, er bestaat veel los materiaal, bijvoorbeeld de Schildserie van KOC. Ik doel echter op een doorgaande leerlijn. We willen de kinderen toch in álle vakken Bijbels onderwijzen en opvoeden? We willen onze kinderen Bijbels opvoeden, niet omdat de ander een tegengestelde mening heeft, maar omdat God dit van ons vraagt (bijv. in Deut. 6:7). Het is zeer belangrijk om onze kinderen ook bij biologie en aardrijkskunde te leren dat God de aarde in zes dagen geschapen heeft, er een historische zondeval is geweest en een wereldwijde zondvloed. Juist bij vakken als biologie en aardrijkskunde kunnen scheppingsverwondering en de gevolgen van de zondeval gezien worden.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2022, Censuur in schoolboeken?, Om Sions Wil 2022 (11): 25. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2022

COLUMN: Wie was de Farao van (de) Exodus?

Wie was de Farao van (de) Exodus? Een vraag die geleerden al meer dan honderd jaar heeft beziggehouden. En nog steeds is het laatste woord er niet over gezegd. Dát de Exodus uit Egypte heeft plaats gevonden staat voor bijbelgetrouwe christenen uiteraard niet ter discussie, maar ook zij discussiëren flink over wie de wrede Farao was die de Israëlieten onderdrukte.

Afgelopen maand las ik een fictief jeugdboek over een gezin dat in Egypte allerlei avonturen beleeft. De auteur liet doorschemeren dat de Farao die beschreven wordt in het bijbelboek Exodus mogelijk Ramses II was. Geleerden zien deze farao als een van de grootste Farao’s aller tijden. Hij heeft grote bouwprojecten op zijn naam staan zoals de bekende en in de jaren ’70 verplaatste tempel Aboe Simbel. Hij overleed in 1213 voor Christus, uitgaande van de standaard Egyptische chronologie. De familie in het beschreven jeugdboek bezoekt enkele bouwprojecten van Ramses II. Was hij de Farao van de uittocht?

Ramses II

Wie een beetje thuis is in de Bijbelse tijdlijn die valt iets op: de uittocht vond plaats rond 1400 (of 1450) voor Christus. Ramses II leefde daarmee minimaal 200 jaar later. Als de jaartallen kloppen kan hij de Farao van de Exodus dus niet zijn. Wanneer je de uittocht verplaatst naar 1200 voor Christus kom je ook in de knoop met andere Bijbelse gegevens (de tempelbouw door Salomo bijvoorbeeld vond 480 jaar ná de uittocht plaats). Ramses II werd opgevolgd door Merenptah. Van Merenptah is een stele (een stuk steen) bekend met daarop een vermelding van Israël. Merenptah regeerde tot 1203 voor Christus. Stel dat de uittocht in 1213 voor Christus plaats vond, dan is het in strijd met de Bijbelse gegevens en daarom onmogelijk dat er tien jaar na de uittocht al een staat Israël bestond. Maar als Ramses II niet de farao van de Exodus was, wie dan wel?

Amenhotep II

Bijbelgetrouwe geleerden zoals dr. Petrovich denken dat de farao van de uittocht Amenhotep II is. De Studiebijbel Oude Testament (SBOT) laat van deze farao het volgende weten: ‘Hij was een sterke persoonlijkheid met grote lichamelijke kracht. Hij stond bekend om zijn wreedheid. Uit het onderzoek van zijn mummie bleek dat hij stierf in de kracht van zijn leven, op 45-jarige leeftijd. Zijn graf is in haast ingericht; er werd dus nog niet gerekend op zijn dood. Hij werd niet opgevolgd door zijn oudste zoon, maar door een jongere zoon, Thoetmoses IV’. Dit past goed bij de beschrijving die wij lezen in de Bijbel. Amenhotep II werd opgevolgd door enkele Farao’s die op zwakke wijze regeerden.

Dedumose II

Andere bijbelgetrouwe geleerden denken dat de standaard Egyptische chronologie niet klopt en dat de jaartallen in die chronologie rond de uittocht/intocht zo’n 150 jaar verschoven moeten worden. Deze geleerden opperen dat de Farao van de uittocht Dedumose II was. Volgens de bekende internetencyclopedie Wikipedia krijgt deze theorie niet veel steun van geleerden in dit vakgebied. Al met al is het lastig om de werkelijke farao van de uittocht te vinden. Uiteraard wil dit niet zeggen dat er nooit een uittocht heeft plaatsgevonden. Het ontbreken van bewijsmateriaal is niet het bewijs van het ontbreken van de Exodus. In het algemeen werd zo’n grote nederlaag als bij de Exodus niet opgeschreven en er veel is verloren gegaan of nog niet teruggevonden.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2021, Wie was de Farao van (de) Exodus, Om Sions Wil 2021 (23): 27. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2021