Peter Ernst van Abcoude van Meerten (1619-?) in een artikel over familie ‘De Hinojosa’

De familie De Hinojosa behoorde niet tot de ‘riddermatige adel’, maar werden door hun omgeving wel als adellijk erkend. Omdat er niet zoveel over bekend was publiceerde O. Schutte in 2002 in het tijdschrift ‘Virtus’ een genealogie van deze familie. In deze genealogie komt ook een telg uit het geslacht (Van Abcoude) Van Meerten voor: Peter Ernst.1

Johan de Hinojosa

Op bladzijde 20 van het artikel wordt geschreven over Johan de Hinojosa (?-1636). Hij was Heer van Weena, en kapitein van een compagnie infanterie. Daarnaast was hij volgens het artikel ruwaard, baljuw en dijkgraaf van Putten. Johan overleed in Geervliet in september 1636. Schutte vermoedt aan de pest. Hij trouwde op 27 december 1629 in de Franse kerk van ’s Gravenhage met Mathilda van Wassenaer.2 Mathilda was volgens de auteur ‘eerste staatsjoffrouwe van de prinses van Oranje’. De prinses van Oranje was daarom tijdens de trouwerij ook in de kerk present. Mathilda overleed op 3 februari 1654 en was een dochter van Johan van Wassenaer en Maria van Voerst.

Kinderen

Uit dit huwelijk werden ten minste twee kinderen geboren. De oudste was Frederik Hendrik de Hinojosa. Frederik Hendrik werd op 3 september 1632 in de Kloosterkerk te ’s-Gravenhage gedoopt en was vaandrig onder kapitein Hogendorp. Hij overleed ‘in of na 1674’ en trouwde in 1662 (ondertrouw op 3 december 1662) te Maastricht met Margrieta Lucia van Waenroij Utenham (geboren te Vianen 1640/1641 en overleden na 1675). Zij was een dochter van Diederik van Waenroij en Elisabeth Maria van Soudenbalch. Het andere kind dat geboren werd uit het huwelijk van Johan en Mathilda wordt niet bij name genoemd maar wel aangegeven dat het kind op 27 februari 1637 gedoopt is in de Haagse Kloosterkerk. In voetnoot 40 wordt het volgende hierover gezegd: “Van de beide te ’s-Gravenhage gedoopte kinderen worden geen namen opgegeven. Zou het postuum geboren kind een zoon geweest zijn, dan zou het hoogstwaarschijnlijk naar de vader genoemd zijn. Derhalve is waarschijnlijk dat Frederik Hendrik het in 1632 geboren kind is.

Peter Ernst van Abcoude van Meerten

Nadat Johan overleed hertrouwde Mathilda van Wassenaer op 17 oktober 1639 met Peter Ernst van Abcoude van Meerten. Peter Ernst is op 19 april 1619 geboren te Wijk bij Duurstede. Hij was maarschalk van Eemland in het Sticht Utrecht.

Voetnoten

Geboorteakte van Jelle van der Brug (1861-1940)

Geboorteakte van Jelle van der Brug (1861-1940) uit de Burgerlijke Stand van de Gemeente Wymbritseradeel.

Hierboven wordt de geboorteakte van Jelle van der Brug (1861-1940) weergegeven.1 Op 31 december 1861 deed Pieter Jelles van der Brug (1819-1894) voor de Burgerlijke Stand van de Gemeente Wymbritseradeel aangifte van de geboorte van zijn zoon. Pieter was drie en veertig jaar oud en arbeider van beroep. Hij woonde te Heeg. Hij gaf aan dat Jelle op 28 december 1861 om een uur in de middag te Heeg is geboren. Zijn moeder was Metje Jans van Meerten (1825-1895) die op moment van de geboorte van Jelle geen beroep uitoefende. Pieter deed de aangifte samen met: (1) Gurbe Herres van Brug (1833-1902), acht en twintig jaar oud en van beroep Schippersknecht, en (2) Johannes Harmens Reijenga (±1836-?), vijf en twintig jaar oud en schipper van beroep. Beide getuigen woonden in Heeg. Uit de genealogische gegevens weten we dat Jelle op 22 mei 1886 te Wymbritseradeel in het huwelijk trad met Antje Waayer (1862-1906). Na het overlijden van Antje trad Jelle opnieuw, op 4 september 1907, te Arnhem in het huwelijk met Johanna Margarethe Sebilla Lafeber (1880-1955). Jelle overleed te Haarlem op 23 mei 1940.

Voetnoten

Overlijdensakte van Jelle van der Brug (1859-1859)

Overlijdensakte van Jelle van der Brug (1859-1859) uit de Burgerlijke Stand van de Gemeente Wymbritseradeel.

Hierboven wordt de overlijdensakte van Jelle van der Brug (1859-1859) weergegeven.1 Op 20 augustus 1859 deed Lipke Siebrens Reijenga (1817-1877), twee en veertig jaar oud en van beroep schipper, aangifte van het overlijden van Jelle. Hij deed de aangifte samen met Pieter Feikes Vlas (1798-1877), een en zestig jaar oud en veldwachter van beroep. Beide aangevers woonde te Heeg. De aangifte werd gedaan door de ambtenaar van de Burgerlijke Stand van de Gemeente Wymbritseradeel. De aangevers verklaarden dat Jelle op 18 augustus 1859 om acht uur in de morgen te Heeg is overleden in de leeftijd van vier maanden. Jelle was een zoon van Pieter Jelles van der Brug (1819-1894), arbeider van beroep, en Metje Jans van Meerten (1825-1895), die op het moment van het overlijden geen beroep uitoefenende. Jelle werd geboren op 20 april 1859 te Heeg.2

Voetnoten

Noem ook abortus als factor voor vergrijzing

Wil de nieuwe minister van VWS helpen om de vergrijzing tegen te gaan, laat hij of zij dan inzetten op het verminderen van abortus door psychosociale hulpverlening aan vrouwen in nood.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) kan precies aangeven waarom Nederland al jaren vergrijst. Na de oorlog was er nog een zogeheten babyboom, vertelt het CBS in een informatieve video, maar vanaf de jaren zestig zorgde anticonceptie voor steeds minder geboren baby’s. In de jaren zeventig begonnen bovendien steeds meer mensen het ouderschap uit te stellen én werden de gezinnen kleiner. Doordat de daling maar bleef doorzetten, werd het gat tussen het aantal gepensioneerde en het aantal werkende Nederlanders alsmaar groter. Toen ging het CBS-boek weer dicht. Maar vergeet men de jaarlijkse verdwijning van 30.000 ongeboren kinderen niet?

Misschien is het CBS van mening dat het jaarlijkse abortusaantal valt binnen de groep die het ouderschap uitstelt. Maar die categorie ziet het CBS reeds vanaf de jaren zeventig een rol krijgen, toen abortus nog niet legaal was. Bovendien betreft abortus niet het uitstellen van ouderschap, maar het voorkomen van de geboorte van bestaande kinderen. Bij een abortus wordt er immers echt iets weggehaald. Dat het CBS abortus niet noemt, is een gemiste kans om de vergrijzing te bestrijden.

Stijging

Twee weken geleden publiceerde de rijksoverheid de abortuscijfers van 2019. Vóór Covid-19 liep de publicatie ervan al een jaar achter en sindsdien is die nog verder op de lange baan geschoven. De achterstand is nu twee jaar.

In de rapportage springt een aantal cijfers eruit. Om te beginnen is het totale aantal abortussen gestegen van 31.002 naar 32.233. Dat komt neer op 124 verdwenen kinderen per schooldag, oftewel vijf schoolkassen vol. De stijging doet zich volledig voor onder vrouwen die in Nederland wonen. Het cijfer wordt zelfs wat afgeremd door een daling onder buitenlandse vrouwen die in Nederland een abortusbehandeling ondergingen. Deze stijging, die Kenniscentrum Fiom kwalificeerde als ”licht”, is meer dan het dubbele van de opmars die in 2018 werd geconstateerd.

Abortusratio

Stichting Schreeuw om Leven kijkt ook altijd naar de abortusratio in een rapport. Dat is het aantal zwangerschapsafbrekingen per duizend levendgeborenen. Uit de abortusratio van 2019 blijkt dat er voor iedere duizend geboren kinderen 170,6 keer een abortus werd gepleegd. Dat is een stijging van 6,6. De stichting vraagt al jaren aandacht voor dit cijfer, dat altijd al steeg, maar sinds 2017 in een stroomversnelling is gekomen. Nog los van de evidente gruwel die abortus is, heeft dit ook zijn weerslag op de vergrijzing. Het is misschien niet populair om te zeggen, maar meer abortussen betekent ook meer vergrijzing.

Je kunt je afvragen waarom het CBS steevast vergeet te vermelden dat ook abortus een aanzienlijke rol speelt bij de vergrijzing van ons land. Misschien ligt het onderwerp te gevoelig voor een groot deel van de ambtenaren. Veel politici lijken zich eveneens angstvallig vast te klampen aan het idee van louter positieve bijwerkingen bij de massale levensbeëindiging van ongeboren mensen. Het zelfbeschikkingsrecht, dat bij ieder ander maatschappelijk dilemma ondergeschikt wordt gemaakt aan het recht op leven, staat volgens velen van hen stijf op nummer één als het gaat om abortus.

Verkeerde aanname

Het is ook denkbaar dat het CBS van mening is dat het jaarlijkse abortuscijfer een vast gegeven is, dat niet meer zal dalen. Het aantal abortussen is in zoverre stabiel dat het sinds 2008 schommelt tussen de 30.000 en 33.000. Maar dat zou een verkeerde aanname zijn. Er is wel degelijk veel aan gelegen om het aantal abortussen te laten afnemen. Maar dat begint bij de bereidwilligheid van de minister van VWS.

Veruit de meeste abortussen worden met name gepleegd vanwege een of meer sociaaleconomische redenen: te weinig geld, mijn partner wil abortus of is afwezig, de familie staat er niet achter, ik vind mezelf te jong, ik heb geen geschikte woonruimte, enzovoort. Zeker in een land als Nederland kun je met het oog op die redenen veel winst behalen. Winst, omdat het ooit nog gemeengoed was dat we zouden proberen om abortus zoveel mogelijk te voorkomen. Die wind lijkt in politiek Den Haag nauwelijks nog te waaien. Dat is jammer, want het verlagen van het aantal abortussen blijkt een positief effect te hebben op meer dan alleen de doelstellingen van prolifeorganisaties.

Het bieden van een sociaal vangnet helpt bij het voorkomen van abortus. Onbedoeld zwangere vrouwen kunnen terechtkomen bij ”Er is Hulp”, via vrijwilligers die bij abortuscentra demonstreren of via de hulplijn van Schreeuw om Leven.

En wat blijkt met regelmaat het geval te zijn? Als je de oorzaak van de abortuswens in liefde en vertrouwen samen met de vrouw aanpakt, verdwijnt het echte probleem en wordt het kind weer zichtbaar voor de moeder. Daar gaan ontzettend veel tijd en zelfopoffering in zitten, dus bereidwilligheid moet er in overvloed zijn.

Wil de nieuwe minister van VWS dus helpen om de vergrijzing en nog een heleboel andere maatschappelijke pijnpunten tegen te gaan, laat hij of zij dan inzetten op het verminderen van abortus door psychosociale hulpverlening aan vrouwen in nood. Dat is beter dan maar blijven doen alsof het ongeboren kind hun echte probleem is.

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit het Reformatorisch Dagblad. De volledige bronvermelding luidt: Develing, C., 2021, Noem ook abortus als factor voor vergrijzing, Reformatorisch Dagblad 51 (13): 22-23 (artikel).

Uit huis geplaatst en scheppingsverwondering – Bespreking van ‘Coming Home’

“’Maris, waarom mag ik niet bij jou blijven?’ De stem van Roselynn trilt gevaarlijk. Zal ze weer gaan huilen? Maar dan gaat zij ook huilen. Ze weet het antwoord niet. Haar maag draait bijna om als ze eraan denkt hoe het allemaal verder moet. Van het ene op het andere moment is haar leven veranderd. Kon ze maar vluchten, ja vluchten, waarheen?”

Gebroken wereld

We leven in een gebroken wereld. Een wereld na de zondeval. Dit wordt duidelijk bij het lezen van ‘Coming Home’ van Anita Kramer-Post. Kramer schreef in 2019 voor ‘Om Sions Wil’ een lezenswaardig boek over de uit het huisplaatsing van een gezin. De hoofdpersoon is de tiener Damaris. Damaris wordt met haar broertjes en zusjes uit het huis geplaatst omdat het thuis niet meer gaat. Een aangrijpend verhaal en voor kinderen die daarmee te maken hebben (gehad) ook een herkenbaar verhaal. De meeste kinderen willen net als Damaris niet uit het huis geplaatst worden en begrijpen óók niet goed waarom juist hun ouders niet voor hen kunnen zorgen. Uiteindelijk mag Damaris weer thuiskomen. Dit wordt op een mooie wijze beschreven door de auteur.

Knap geschreven

Het boek is knap geschreven, omdat er twee verhaallijnen door elkaar heen geweven worden. Het tweede verhaal speelt zich namelijk af in de Tweede Wereldoorlog en gaat over de ‘Razzia van Putten’.1 De hoofdpersoon van deze verhaallijn is Wout. Hij maakt vele ontberingen mee in diverse werkkampen. Aan het einde van de oorlog mag Wout gelukkig ook weer thuiskomen. Wout blijkt de opa te zijn van Damaris. Wat ik vooral knap geschreven vind is dat de verhaallijnen per hoofdstuk worden afgewisseld en dat de laatste woorden van het ene hoofdstuk (dus de ene verhaallijn) óók de eerste woorden zijn van het andere hoofdstuk (dus de andere verhaallijn).

Scheppingsverwondering

Voordat Damaris uit het huis geplaatst wordt gaat ze met haar zusje naar het bos. Ze geniet van de prachtige herfstkleuren in het bos. De auteur brengt de lezer scheppingsverwondering bij. Lees maar mee op bladzijde 23:

“Damaris ziet haar een paar seconden naar de tak staren. ‘Wat heeft de Heere dat mooi gemaakt, Maris.’ Haar zusje kijkt haar aan. ‘Heeft Hij de eikels ook gemaakt?’ Ze kan alleen maar knikken. ‘Maar waarom laat Hij ze dan uit de boom vallen?’ ‘Dat gebeurt in de herfst, Roos. Heeft de juf dat niet verteld? ‘Jawel.’ ‘In de herfst vallen de bladeren op de grond. In de winter worden de bomen kaal. In het voorjaar komen er nieuwe knoppen en daaruit komen nieuwe blaadjes en in de zomer schitteren de bladeren aan de bomen.’ Roselynn plukt een blaadje van de tak. ‘Wat gebeurt er als ze op de grond vallen?’ ‘Ze verdorren of ze worden meegenomen door de wind’. ‘En dan?’ ‘Dan vormen ze weer een voedingslaag voor de bomen, zodat de bomen weer nieuwe blaadjes kunnen maken.’ ‘Best jammer dat deze blaadjes niet mogen blijven leven.’ Ze blijft staren naar de tak.”

Of op bladzijde 24:

“Als Damaris eerlijk is, heeft ze nog niet veel zin om naar huis te gaan. Ze kijkt naar de bomen die langzaam verkleuren. Ze kijkt naar de heldere lucht. Wat is Gods schepping mooi! Net als Roselynn kan ze hier erg van genieten. En toch moet ze ook weer naar huis.”

Met de kinderen naar het bos om te genieten van Gods schepping. Dat is een goed idee! Mooi dat de auteur kinderen scheppingsverwondering wil bijbrengen.

Dit boek zal binnenkort ook in onze webshop te koop worden aangeboden.

Anita Kramer-Post heeft nog meer lezenswaardige tienerboeken geschreven. Zoals het boek ‘Welcome Twins’. Een bespreking van dat boek is hier te vinden.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2021’. In de komende maanden zal dit project verder uitgekristalliseerd worden. Een dergelijk opvoedings- en onderwijsproject zal ook onderdeel zijn van het meerjarenplan ‘Fundamentum 2022-2023’, met uiteraard ieder jaar een ander jaartal. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Voetnoten

‘Wat is de mens?’ (2) – Prof. dr. Edgar Andrews over de wereldwijde zondvloed en zondvloedgeologie

In 2018 was prof. dr. Edgar Andrews te gast op ‘De Bronckhorsthoeve’ in het Gelderse Brummen. Hij sprak daar over zijn verschenen boek ‘Wat is de mens?’. Voorafgaande aan de boekpresentatie werden hem een zevental vragen voorgelegd. Dit is op video opgenomen door Geloofstoerusting. Vandaag het tweede deel. Veel zegen bij het kijken en luisteren.

De heerlijkheid Urk en het geslacht (Van Abcoude) Van Meerten – Artikel op ‘Urker uitgaven’.

Aan het einde van de 15e eeuw komt de heerlijkheid Urk in Utrechtse handen (het geslacht Zoudenbalch). Dit blijft zo’n anderhalve eeuw zo. Telgen uit het geslacht Zoudenbalch of Soudenbalch droegen daarom ook als titel ‘Heer van Urk’. Iemand uit het geslacht Van Meerten is zelfs ‘Vrouwe van Urk’ geweest. Klaas de Vries en Klaas Post schreven over het eigenaarschap van Zoudenbalch een kort artikel voor de website ‘Urkeruitgaven’. Hieronder een korte samenvatting van dat gedeelte dat de genealogie van het geslacht Van Meerten aangaat.1

In 1530 gaat de heerlijkheid Urk over van Evert Zoudenbalch II naar Jan (of Johan) Zoudenbalch. Bij zijn overlijden in 1558 komt de heerlijkheid Urk in het bezit van zijn zoon Evert Zoudenbalch III. Als Evert in 1567 overlijdt komt de heerlijkheid Urk in handen van zijn broer Gerrit Zoudenbalch en zijn vrouw Barbara van Abcoude van Meerten van Essenstein.

De erfenis van Gerrit Zoudenbalch

Het is niet zo’n gunstige tijd wanneer Gerrit Zoudenbalch de heerlijkheid Urk overneemt. In 1570 raast een verwoestende storm over Urk. Een deel van het land gaat verloren en het kerkgebouw wordt verzwolgen door de zee. Het is ook in geestelijk opzicht een roerige tijd door de opkomende Reformatie. Ook op Urk wordt de invloed van deze beweging steeds groter. Dit is een doorn in het oog van Gerrit, die graag trouw blijft aan de oude Rooms-Katholieke Kerk en dit ook graag ziet bij de Urkers.

Het Roomse bewind van Barbara van Abcoude van Meerten van Essenstein

Na de dood van haar man in 1599 wordt Barbara Vrouwe van Urk. De Vries en Post melden: “De Vrouwe van Urk behoort tot de hoogste adel in de Nederlanden. Haar vader is de Heer van Abcoude en behoort als vliesridder tot de hoogste ridderorde in het Habsburgse rijk. Haar moeder stamt af van de graven De Lalaing, haar grootvader was ooit stadhouder van Holland, en haar grootmoeder is een prinses uit het Huis van Luxemburg.” Ze maakt het tot haar levensdoel om de vele ketterijen (van de Reformatie) uit te bannen. Ze krijgt het zelfs voor elkaar om in 1600 een nieuwe Roomse kerk op Urk te bouwen, dit terwijl het in het gewest Holland per plakkaat verboden is om publieke Rooms-Katholieke erediensten te houden. Barbara sterft in april 1614 en haar zwager Jonkheer Ruysch (die getrouwd is met Vrouwe Walraven Zoudenbalch) wordt haar opvolger.2 Het echtpaar gaat datzelfde jaar nog failliet en de crediteuren verkopen de heerlijkheid Urk. Hierdoor komt er een einde aan anderhalve eeuw Zoudenbalch.

Voetnoten

Vegeteritus, palingtrek en geschapen sterren – Bespreking van ‘Opa is de weg kwijt’

“De volgende morgen is Tom al vroeg wakker. Hij hoort beneden iemand roepen. Het is beppe. Ze roept pake. Tom gaat snel naar beneden. ‘Pake is weg,’ zegt beppe. Haar stem trilt. ‘Waar is hij dan?’ vraagt Tom. ‘Dat weet ik niet,’ zegt beppe, terwijl ze haar armen in de lucht steekt. ‘Ik kom net beneden en kan hem nergens meer vinden. Ik denk dat hij weer alleen de straat op is gegaan.’”

De opa van Tom en Tes lijdt aan Alzheimer. Voor kinderen kan het aangrijpend zijn als opa (of oma) langzaam dingen lijkt te vergeten. Op een gegeven moment zelfs de naam van hun kleinkind. Rijk Arends heeft hierover een mooi kinderboek geschreven. Het boek werd dit jaar uitgegeven bij uitgeverij Den Hertog en is geschikt voor kinderen vanaf 7 jaar. Arends komt dichtbij de belevingswereld van het kind. Hij beschrijft de moeite en het verdriet, maar ook de vindingrijkheid van kinderen om te komen tot oplossingen. Het boek zal daarom zeker aanspreken bij kinderen die hetzelfde meemaken of meegemaakt hebben. Het is een leuk geschreven boek dat gaat over een logeerpartij van Tom en Tes bij pake en beppe (in Friesland). Warm aanbevolen voor kinderen vanaf groep 4!

Geschapen sterren

De auteur heeft ook oog voor Gods schepping. Wanneer Tom niet kan slapen vanwege de zorgen over pake dan kijkt hij door het raam naar buiten en ziet hij de sterren. Arends: “Hoe langer hij kijkt, hoe meer het er zijn. Als God zoveel sterren kan maken, kan Hij ook voor pake zorgen. Opeens is de pijn in zijn buik verdwenen.” (blz. 46)

Palingtrek

Tom doet in Friesland mee met een viswedstrijd. Hij vangt een kronkelende paling en wint daarmee een prijs. Pake weet veel van palingen omdat hij als klein jongentje vaak met zijn vader mee ging vissen. Hij vertelt aan de kinderen over een wonder in Gods schepping: de palingtrek. Lees maar mee op bladzijde 61:

”Wist je trouwens dat paling helemaal naar de andere kant van de wereld zwemt om daar heel diep in de zee jonkies te krijgen?’ ‘Is die paling van Tom niet in Friesland geboren?’ vraagt Tes. ‘Nee, hoor’ zegt pake. ‘Duizenden kilometers hiervandaan. Die is helemaal hiernaartoe komen zwemmen.’ ‘Wat weet u toch veel!’ zegt Tes.

Mooi dat de auteur hier oog voor heeft en kinderen verwondering bijbrengt over de almacht van God, maar ook over het wonder van Zijn schepping.

Dit boek zal binnenkort in onze webshop te koop worden aangeboden.

Rijk Arends heeft meer kinder- en jeugdboeken geschreven. Zie hier voor een bespreking van ‘Tornado’ en hier voor een bespreking van ‘De andere wereld’

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2021’. In de komende maanden zal dit project verder uitgekristalliseerd worden. Een dergelijk opvoedings- en onderwijsproject zal ook onderdeel zijn van het meerjarenplan ‘Fundamentum 2022-2023’, met uiteraard ieder jaar een ander jaartal. Het boek is hier opgenomen in de lijst van gelezen kinder- en jeugdboeken.

Weet Magazine geeft, in samenwerking met NPV, trouwe abonnees een gratis ‘Leven special’

Populair-wetenschappelijk tijdschrift Weet Magazine verstuurde deze week het decembernummer van 2021. Een nummer met weer ‘nieuwe’ wetenschappelijke gegevens bezien vanuit creationistisch perspectief. Trouwe abonnees werden beloond met een cadeau: een ‘Leven special’. Deze special kwam tot stand in samenwerking met de Nederlandse Patiëntenvereniging (NPV).

De ‘Leven special’ is opgemaakt in de gebruikelijke stijl van Weet Magazine. Wanneer we de special openslaan dan zien we op de eerste pagina een voorbeeld, met de nadruk op ‘beeld’. We zien op de foto een baby onder water, de tekst bij het beeld gaat over het zogenoemde duik- of onderwaterreflex. Op bladzijde 5 is het voorwoord te lezen van NPV-directeur Diederik van Dijk. De directeur sluit af met: “Indringende thema’s! De NPV vindt het een eer én een plezier om in deze Weet richting te wijzen.” Op bladzijde 6 en 7 zien we de gebruikelijke OnTopics, korte berichten over medisch-ethische thema’s. Het eerste grote artikel is van drs. Elise van Hoek-Burgerhart over de do’s en don’ts bij het sleutelen aan de mens. Van Hoek is socioloog en manager bij de NPV. Het tweede artikel is van drs. Yvonne Geuze-van Horssen en geeft jong en oud zeven argumenten als vuist tegen de euthanasiewet. Geuze is beleidsadviseur ‘Onderzoek & Beleid’ bij de NPV. Het derde grote artikel is van de voormalige NPV-directeur dr. Ruth Seldenrijk en gaat over drie-ouder-ivf. Seldenrijk is medisch bioloog en momenteel gepensioneerd. Het artikel van Seldenrijk verscheen al eerder in Weet Magazine. Bladzijde 17 en 18 worden gevuld met vragen en antwoorden van Weet Magazine. De laatste column werd geschreven door drs. Adriana Kater-Kuipers, eveneens beleidsadviseur ‘Onderzoek & Beleid’ bij de NPV. Een lezenswaardige special en dat zomaar voor niets!1

Naast de special bevatte het postpakket ook nog een begeleidend schrijven van de uitgever van Weet Magazine, Frans Gunnink. Gunnink geeft in zijn brief wat meer informatie over de NPV en roept zijn achterban ertoe op om lid te worden van deze stichting. NPV laat namelijk een christelijk geluid horen in Den Haag als het gaat om medisch-ethische thema’s. Onlangs ben ik zelf ook lid geworden van deze organisatie en val de uitgever hierin bij. Het uitbrengen van de special had voor de uitgever ook nog een ander doel. Gunnink: “Verder hoop ik van harte dat deze special je bevalt. Misschien werk je in de zorg of komen je klasgenoten met moeilijke vragen over euthanasie of embryoselectie. Wat moet je als christen denken van zulke onderwerpen? Ik hoop en bid dat deze special je daarover bij kennis zal brengen.” De special is voor niet-abonnees te koop bij de plaatselijke christelijke boekhandel of via de webshop van Weet Magazine.2

Fundamentum Studium Generale met dr. Peter Borger van 10 december 2021 helaas geannuleerd

Het is niet onze gewoonte om zo snel na de maandelijkse nieuwsbrief nog een keer een nieuwsbrief uit te sturen. Maar helaas moeten wij u mededelen dat Fundamentum Studium Generale met de moleculair bioloog dr. Peter Borger van 10 december 2021 niet door kan gaan. Dit in verband met de nu geldende coronamaatregelen. We hebben deze beslissing genomen na herhaalde overwegingen het evenement wel door te laten gaan.

Locatie

Het regelen van een locatie was het eerste probleem waar we tegenaan liepen. Verschillende locaties hadden geen ruimte of geen trek in een groter evenement. Verder zou er alleen toegang mogelijk zijn op vertoon van een coronatoegangsbewijs. Omdat creationisten hier onderling sterk over van mening verschillen en we geen tweespalt willen creëren was al besloten hier niet in mee te gaan. Enerzijds hoeven christenen niet perse het braafste jongentje van de klas te zijn, anderzijds dienen we wel onze verantwoordelijkheid te dragen. Waar doe je goed aan? Dat was de afgelopen tijd onze worsteling.

Livestream

We hadden over kunnen gaan op een livestream, maar hiervoor was het te kort dag om nog wat te regelen. Apparatuur voor een livestream zelf aanschaffen kost voor een kleinschalige organisatie als Fundamentum voorlopig teveel geld. Wellicht is het wel goed om dit in de toekomst wel op de begroting te zetten, zodat we zelf kunnen streamen en de mensen thuis nog steeds de informatie krijgen die nodig is om een goed beeld te krijgen van het scheppingsparadigma. We begrijpen heel goed dat hier anders over gedacht wordt en we respecteren dat ook! We hopen op uw begrip en zien u graag in 2022 terug op een van onze bijeenkomsten. Dit alles neemt niet weg dat wij van harte het ‘nieuwe’ boek van dr. Peter Borger aanbevelen. Heel fijn dat hij dit opnieuw wilde uitgeven en dat hij ook een uitgever gevonden heeft die aangeboden heeft hem hierbij te helpen. We hopen dat zijn boek in veel boekenkasten te vinden zal zijn en dat uiteraard niet ongelezen.

Fundamentum Studium Generale

Vooralsnog gaan de volgende drie geplande evenementen van Fundamentum gewoon door. Voor de avond met dr. Peter van der Veen van 18 maart 2022 hebben we al een locatie kunnen regelen. Het programma van Fundamentum Studium Generale is hier online te vinden. Wat daar nog bij komt is dat we op zaterdag 30 april 2022 ook nog een ijstijdenexcursie hopen te organiseren met als excursieleider de fysisch geograaf drs. Hans Hoogerduijn. Gisteren heeft de excursieleider van deze dag hiermee ingestemd. De invulling van de dag, specifieke kosten én de te bezoeken locaties worden nog nader, maar voor het einde van het jaar, bekendgemaakt.

De volgende nieuwsbrief verschijnt op 24 december 2021 D.V. In deze nieuwsbrief meer over de ijstijdenexcursie met drs. Hans Hoogerduijn en andere informatie over het scheppingsparadigma.