Home » Onderwijs

Categoriearchief: Onderwijs

Een spannend tienerboek over ‘Het hunebed’

“Dan voelt Sander hoe hij stevig wordt vastgegrepen. Hij wil gillen, maar een onbekende duwt een prop papier in zijn mond en doet er een doek voor. Sander trappelt, maar de man duwt hem tegen de grond, terwijl een ander zijn handen met een touw vastbindt. Het duurt allemaal maar een paar seconden. De mannen trekken hem overeind. Even krijgt hij de gelegenheid om zijn belagers aan te kijken. Er gaat een schok door hem heen. Die mannen heeft hij deze vakantie al veel te vaak gezien.”

Johan Leeflang heeft weer een spannend tienerboek geschreven. Voor mij ligt het zevende deel van de serie ‘Campers’. Het boek heeft als titel ‘Het Hunebed’ en is uitgegeven door ‘Uitgeverij De Banier’. Het boek is geschreven voor jongens en meiden vanaf 10 jaar. Omdat er niet zoveel tienerboeken zijn die de bekende hunebedden in een Bijbelse context plaatsen is dit een welkome aanvulling voor de boekenkast van een gezin die het klassieke scheppingsgeloof willen uitdragen. Het biedt naast een spannend verhaal ook interessante informatie over het Drentse landschap en het Drentse verleden.

Verhaal

De familie Van Dijk trekt er, samen met vriend Michiel Nieuwenhuis, vaak op uit met hun super-de-luxe camper. Ze worden daarom ook wel ‘Campers’ genoemd. Dit keer zijn ze in Drenthe. Door drukte op het werk kunnen vader en moeder alleen de Camper neerzetten bij een oom en tante en moeten ze daarna weer terug naar huis. Sander, Rhodé en hun vriend Michiel blijven echter wel. Het huisje van ome Jan en tante Gerda staat dichtbij een landhuis van de schatrijke Charles Landman, eigenaar van een modeketen. De tieners Sander Rhodé en Michiel trekken veel met de kinderen Landman, John en Kitty op. Bijzonder is dat John wel lijkt op Sander en Kitty wel op Rhodé. In het verleden heeft Landman een man (Ferdinand) in dienst gehad die ontslagen werd omdat hij beschuldigd werd van fraude. Dit was een valse beschuldiging maar had verregaande gevolgen voor de reputatie en het privéleven van Ferdinand. Ferdinand zint daarom op wraak en besluit de zoon van familie Landman, John, te ontvoeren. Echter verwart Ferdinand John met Sander. Sander wordt ontvoerd en dit leidt tot een spannend avontuur met hoogte en dieptepunten. Dit ga ik niet allemaal verklappen, daarvoor moet je het boek zelf maar lezen.

Hunebed

In het verhaal komen hunebedden voor. Hunebedden zijn grafmonumenten van de vroege bewoners van Nederland. Ze bestaan uit grote zwerfstenen. Hoe zijn die stenen in Nederland gekomen? Wetenschappers denken in de voorlaatste ijstijd, het Saalien (van 240.000 tot 130.000 naturalistische jaren geleden). Gelukkig denkt auteur, en vele creationistische wetenschappers met hem, er anders over. Volgens de auteur, in de uitleg van Charles Landman, hebben mensen de zwerfstenen waar de hunebedden van gemaakt zijn ‘ongeveer vierduizend jaar geleden hierheen gesleept op boomstammetjes en door schuine hellingen te maken hebben ze die stenen op elkaar gelegd’. Rhodé vraagt aan de heer Landman: ‘Maar hoe kwamen die stenen hier?’ De auteur laat de heer Landman het volgende antwoorden:

Die stenen zijn tijdens een ijstijd door ijs uit Scandinavië hierheen gekomen. Veel mensen beweren dat er vanaf 2,5 miljoen jaar geleden meerdere ijstijden achter elkaar zijn geweest. Deze stenen zouden dan in de voorlaatste ijstijd hier terecht zijn gekomen. (…) Als je de Bijbel volgt, bestaat de wereld ongeveer 6000 jaar. Andere christenen zeggen 10.000 jaar. Misschien is dat ook wel zo. Maar langer in elk geval niet. Dus als die stenen vele duizenden jaren geleden hierheen zouden zijn gekomen, zou dat ruim voor de schepping zijn geweest. (…) Wetenschappers die geloven in de schepping, geloven dat er na de zondvloed een ijstijd is geweest die ervoor zorgde dat de stenen hier terechtkwamen. Vandaar dat we hier al die grote stenen hebben.

Charles vertelt verder:

Het is wel heel triest dat mensen niet geloven dat God de wereld heeft gemaakt. Ze geloven dat de wereld heel oud is en dat het leven door evolutie is ontstaan. (…) Helaas zijn er ook veel christenen die denken dat de wereld heel oud is en dat de aarde niet in zes dagen is gemaakt. (…) God is almachtig. Voor Hem was het heel eenvoudig om een prachtige schepping in zes dagen te maken. Dat veel mensen dat niet geloven, daar snap ik niks van.

Rhodé stipt in het gesprek ook nog de schepping en de zondeval aan:

Eigenlijk hebben die hunebedden best wel te maken met de schepping. Vooral met de tijd erna. (…) De mensen wilde toch niet naar God luisteren? En toen is de zonde en de dood in de wereld gekomen. En daardoor hadden mensen weer graven nodig om hun doden in te leggen. Dus die hunebedden laten eigenlijk zien dat de mensen niet naar God wilden luisteren.

Charles Landman is naast een verhalenverteller een echte verzamelaar. Hij heeft bijvoorbeeld materialen en potscherven in de vitrine liggen die in de buurt van de hunebedden zijn gevonden (blz. 36). In het boek worden nog meer weetjes genoemd over de hunebedden. Zo leren de tieners dat een hunebed de ‘Papeloze kerk’ werd genoemd, omdat in de tijd van de hagepreken de hunebedden als preekgestoelte werden gebruikt (blz. 28). Maar ook dat hunebed D53 is verplaatst omdat de Duitsers ten tijde van de Tweede Wereldoorlog op de oorspronkelijke plaats een landingsbaan voor vliegtuigen wilden bouwen (dit staat in de extra informatie). We lezen in het boek ook over de reuzen Ellert en Brammert (blz. 44) en over radiotelescopen die het heelal afspeuren (blz. 55).

Conclusie

Johan Leeflang heeft zoals gezegd een spannend tienerboek geschreven. Heel goed dat de auteur de tieners wijst op de geschiedenis van schepping, zondeval en zondvloed. In veel boeken krijgen tieners naturalistische informatie over de natuur en geschiedenis van de aarde voorgelegd. Het is dan ook een welkome aanvulling als een auteur daar anders over schrijft. Het boek wordt warm aanbevolen.

Dit boek wordt binnenkort te koop aangeboden in onze webshop.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2021’. In de komende maanden zal dit project verder uitgekristalliseerd worden. Een dergelijk Opvoedings- en onderwijsproject zal ook onderdeel zijn van het meerjarenplan ‘Fundamentum 2022-2027’, met uiteraard ieder jaar een ander jaartal.

Lijst met gelezen kinder- en jeugdboeken die gaan over onze vroegste geschiedenis

In ons project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 20x‘ inventariseren we christelijke kinder- en jeugdboeken. Hieronder houden we een tabel bij van de gelezen en verwerkte (lees)boeken. Wanneer in de boeken positief, namelijk creationistisch, over onze vroegste geschiedenis gesproken wordt, dan ziet u in de tabel ‘ja’. Wanneer in de boeken niet over onze vroegste geschiedenis gesproken wordt, dan ziet u in de tabel ‘nee’. Wanneer in de boeken summier over onze vroegste geschiedenis gesproken wordt, dan ziet u in de tabel ‘summier’. Wanneer in de boeken negatief, namelijk naturalistisch of theïstisch evolutionistisch, over onze vroegste geschiedenis gesproken wordt, dan ziet u in de tabel ‘negatief’.

Titel Auteur Uitgever Jaar van uitgave Oergeschiedenis Bespreking
Funny in galop Evelien van Dort Callenbach 2006 Nee n.v.t.
Val in de bunker M. Kanis De Banier 2006 Nee n.v.t.

De ‘oneerlijke’ professor

Godsdienstfilosoof en theoloog dr. Gert van den Brink gaf ergens in het land een lezing. Hij sprak daar onder andere over de ‘oneerlijke’ professor. Hieronder is de video terug te kijken. Met dank aan Geloofstoerusting voor de opname.

Mepal heeft een lunch set over dinosauriërs – Leuk en handig voor overblijvers

De scholen gaan aanstaande maandag weer beginnen. Niet alle scholen, alleen regio Noord. Regio Midden heeft nog één week en regio Zuid zelfs nog twee weken. Veel kinderen die verder van de school vandaan wonen of kinderen op scholen met een continurooster zullen op school eten. De tas wordt dan ingepakt met een extra trommel en een fles (een lunch set). Wat is leuker voor kinderen dan om deze trommel en fles in een favoriet thema te kiezen: dinosauriërs. Het bekende merk Mepal1 voorziet met het lunch set in het thema ‘World of Dinos’ in die behoefte.

‘World of dinos’

Het favoriete thema voor kinderen is dinosauriërs. We zien op de voorkant van de trommel en rondom de beker één plaat. Groot voorop is een Tyrannosaurus rex te zien. Op de achtergrond zien we de zon schijnen. In de lucht vliegen zes reptielen van het soort Pteranodon. Op de grond zien we links een vulkaan en bomen. Naast de bomen staat de pantserdino Ankylosaurus. Verder naar links zien we de langnekken van het soort Brachiosaurus. Linksonder zien we nog een voetspoor van de op de voorgrond aanwezige Tyrannosaurus. Bij elkaar een mooi plaatje!

Het lunch set is neutraal, in de zin dat er geen jaartallen (miljoenen of duizenden) worden genoemd. Het set is daarom ook geschikt voor kinderen van christelijke ouders. Er kan natuurlijk bezwaar gemaakt worden tegen de term ‘World of Dinos’, omdat er nooit een tijdperk van alleen maar dinosauriërs is geweest. De botten van dinosauriërs die we vinden in aardlagen worden vaak vergezeld met zoogdier- en vogelfossielen, dit is uit te breiden met fossielen van schildpadden, krokodillen, insecten en zelfs zeeleven. Een wereld van alleen maar dinosauriërs is een illusie. Dit bezwaar is nog meer de gedachten van christenen die geloven dat dinosauriërs op de zesde dag, net als alle landdieren, door God zijn geschapen.

Praktische informatie

Het lunch set bestaat uit een trommel van 750 ml en een beker met een omhoog klikbare tuit van 400 ml. Los kan nog een kleinere beker van 300 ml gekocht worden. Een lunch set in de combinatie kleinere beker en trommel is ook samen te stellen. De trommel, beker en kleinere beker zijn uiteraard ook los aan te schaffen.2 De trommel bevat een los inzetbaar bakje voor groente of fruit en een vorkje om dat lekkers op te eten. Hierdoor is dit lunch set ook geschikt voor een rijkere voedingsvariatie. Het set is gemakkelijk voor kinderen te gebruiken en BPA-vrij.3 De bijgevoegde onderhoudsinstructies geven instructie voor schoonmaken van dit set en aanvullende informatie. Een robuust set voor de dinoliefhebber. Het set is te verkrijgen bij lokale warenhuizen (dan steunt u hen ook) of via het ‘warenhuis’ via internet bol.com.

Deze bespreking is onderdeel van het project ‘Onderwijzen en opvoeden voor de toekomst – Leren over onze vroegste geschiedenis in 2021’. In de komende maanden zal dit project verder uitgekristalliseerd worden. Een dergelijk Opvoedings- en onderwijsproject zal ook onderdeel zijn van het meerjarenplan ‘Fundamentum 2022-2027’, met uiteraard ieder jaar een ander jaartal.

Voetnoten

“Adam niet geleerd, Christus niet begeerd” – Interview met Gereformeerd Venster

Eén van de redenen waarom Gereformeerd Venster in oktober 2020 is opgericht, is dat helaas ook de Bijbelse leer van de schepping in de gereformeerde gezindte niet meer overal vanzelfsprekend is. Jan van Meerten, één van onze lezers, was graag bereid om hierover een paar vragen te beantwoorden.1

Een ‘selfie’ bij de steilrand van Donderen. Foto genomen door Jan van Meerten op 23 oktober 2020.

Jan zet zich al jaren in voor het verdedigen van de Bijbelse scheppingsleer voor de redactie van Weet Magazine en voor het Logos Instituut. Ook organiseert hij jaarlijkse conferenties namens Fundamentum over geloof en wetenschap.2 Jan, kun je iets vertellen over je werk en je drijfveer?

Samenvattend zou je het werk kunnen omschrijven met één woord: apologetiek. Het verdedigen van het christelijk geloof en meer specifiek de historische betrouwbaarheid van de Bijbel, tegenover welwillende critici, sceptici en waarheidszoekers. In die hoedanigheid geef ik gastlessen op scholen en in kerken, worden er congressen en avonden georganiseerd en houd ik de website https://oorsprong.info bij. Het doel is zoveel mogelijk informatie verspreiden in de hoop dat kerken en scholen dit ook gaan gebruiken tijdens de catechisaties (of andere gemeenteactiviteiten) en in de lessen. Ik wil dus vooral toerustend en ondersteunend bezig zijn en niet vervangend.

Gebrek aan antwoorden voor jongeren?

Nogmaals bij de steilrand van Donderen. Foto genomen door Harold Jacobs op 23 oktober 2020.

Wat mij drijft? De gedachte dat Gods geboden goed zijn voor alle mensen. Dat iedere Nederlandstalige wereldbewoner gehoord heeft van God en Zijn schepping, zodat niemand te verontschuldigen is (Romeinen 1). Helaas verlaten verschillende jongeren de kerk omdat er (zo denken ze) een gebrek aan antwoorden is. De evolutietheorie en de miljoenen jaren klinken voor hen overtuigend en het gevolg is dat ze met het badwater het kind weggooien. Terwijl er wel degelijk oplossingen zijn voor deze kwestie. Hierbij kun je volledig geloven in God als Schepper en met open vizier wetenschap bedrijven. Hebben wij oog voor de vragen waarmee onze jongeren worstelen? Zijn wij bereid deze (soms moeilijke) vragen onder ogen te zien en met hen (en niet boven hen) op zoek te gaan naar antwoorden? Laat ze hun vragen maar stellen.

Wat is het belangrijkste argument dat je zou gebruiken om een atheïst die niet de Heilige Schrift als uitgangspunt neemt, te overtuigen van de schepping?

Een zesdaagse schepping is een geloofszaak. God heeft het geopenbaard in de Heilige Schrift. Ten minste drie keer geeft God, de Schepper, aan dat Hij Zijn werk in zes dagen voltooid heeft. Wie zijn wij om daaraan te twijfelen? Dit ‘presuppositionalisme’ (in deze methode van apologetiek is de Schrift het uitgangspunt) zal de atheïst verwerpen. Veel apologeten en christenwetenschappers gooien het daarom over een andere boeg om deze atheïsten te bereiken. Zij gebruiken het zogenoemde ‘evidentialisme’. Deze methode van apologetiek probeert vanuit het voor handen zijnde bewijsmateriaal te redeneren tot het bestaan van God. Zijn er aanwijzingen in de natuur die wijzen naar God de Schepper? We zien dit ook bij de apostel Paulus (Romeinen 1) en in de Nederlandse Geloofsbelijdenis (artikel 2).

Intelligent Design

Met een atheïst ga ik graag het gesprek aan over ‘Intelligent Design’ (intelligent ontwerp van het heelal en het leven). Dat gesprek zou ik starten bij de verwondering. Ook naturalistische (waaronder atheïstische) wetenschappers verwonderen zich uitermate over de complexiteit en schoonheid van onze werkelijkheid. Hierop doorsprekend zou ik dan wijzen op ‘ontwerpbewijzen’ in de natuur, deze natuur lijkt ontworpen. Tegelijkertijd zou ik erop wijzen dat de evolutietheorie op de vraag naar de ontstaanswijze van deze biologische systemen geen (goed) antwoord heeft. Al heb je miljarden jaren binnen de evolutietheorie, alsnog heb je veel te weinig tijd om deze complexe biologische systemen volgens neodarwinistische principes te laten ontstaan. Voor deze complexe systemen is ingewikkelde informatie nodig. Eenvoudig gezegd bestaat leven uit informatie en die vereist een Schepper of Ontwerper. Hier komen presuppositionalisme en evidentialisme bij elkaar. Het besef van de Ontwerper brengt ons bij de God van de Bijbel. Volgens de Nederlandse Geloofsbelijdenis gaat het ene niet zonder het andere.

De rivier Verdon en de ‘Gorges du Verdon’ in Zuid-Frankrijk. Bron: Wikipedia.

Welke elementen behoren tot een klassieke scheppingsleer en zijn voor wat jou betreft onopgeefbaar?

Dat zijn twee zaken:
1. Een goede zesdaagse schepping — omdat deze ook in Gods Wet (waarvan God zelf de auteur is) naar voren komt (Éxodus 20:11).
2. Een historische zondeval als verklaring van de herkomst van de zonde en het kwaad. Anders zou God de Auteur worden van de zonde en het kwaad. Zonder een goede leer over de zonde is er ook geen goede verlossingsleer en geen eeuwigheidsperspectief. Met andere woorden: Adam niet geleerd, is Christus niet begeerd. Uiteraard kunnen we dat verstandelijk wel belijden, maar dat is niet genoeg: het moet ook beleefd worden. Daarmee zijn schepping en zondeval niet alleen historische zaken, maar ook geestelijke zaken.

Ook in de gereformeerde gezindte is al openheid naar de theïstische evolutieleer of zelfs evolutieleer. Hoe schat jij deze ontwikkeling in en wat vind jij ervan?

Inderdaad zien we binnen de breedte van de gereformeerde gezindte — van PKN (Gereformeerde Bond) tot oudgereformeerd — verschuivingen. Binnen de orthodox-gereformeerde kerken — Nederlands Gereformeerde Kerken (NGK), Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) (GKV) en diverse kerken in de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK) — is dit natuurlijk al enige tijd aan de gang.

Enquête over zesdaagse schepping

Voorpagina van het Nederlands Dagblad van 16 mei 2009 waar de in dit interview genoemde enquête onder predikanten werd gepubliceerd. Bron: Nederlands Dagblad

In 2009 voerde het Nederlands Dagblad een enquête uit onder predikanten.3 Binnen de NGK was 20% overtuigd van een zesdaagse schepping. In de CGK lag dit percentage ook op 20%. Binnen de GKV was dit helaas nog lager: 10%. Als we de stelling “Wel zes dagen maar geen 6×24 uur” (normale werkdagen) meerekenen dan komt NGK op 40%, de CGK en de GKV op 50%. Dat wil nog niet zeggen dat de overige predikanten allemaal achter (een vorm van) theïstische evolutie aanhobbelen, maar het is wel een zorgelijk beeld. De afgelopen twaalf jaar is het er niet beter op geworden in deze orthodox-gereformeerde kerken (ook ziende op het feit dat momenteel diverse behoudende predikanten de GKV verlaten).

Predikanten binnen de kleine orthodox-gereformeerde kerken — Gereformeerde Kerken Nederland (GKN) en De Gereformeerde Kerken (hersteld) (DGKH) — verdedigen volgens mij allen een zesdaagse schepping en een historische zondeval.

Theïstisch-evolutionistische geluiden

Helaas klinken ook binnen bevindelijk-gereformeerde kerken theïstisch-evolutionistische geluiden. Er zijn binnen de Hersteld Hervormde Kerk en de Gereformeerde Gemeente wel enkele kerkenraadsleden en kerkgangers te noemen die neigen naar theïstische evolutie. Onder de predikanten van de Gereformeerde Bond is schepping of evolutie, mede door de discussie rond het boek En de aarde bracht voort van prof. dr. Gijsbert van den Brink, een heet hangijzer geworden.

Pleidooi voor zesdaagse schepping

Onder de predikanten van de overige bevindelijk-gereformeerde kerken (HHK, GG, GGiN, OGGiN en enkele vrije gemeenten) ben ik het theïstisch-evolutionistische gedachtegoed nog niet tegengekomen. Sterker nog, ik zie daar veelvuldig een pleidooi voor een zesdaagse schepping en een historische zondeval. Wanneer je een willekeurige catechismusverklaring van een predikant uit een van deze kerken ter hand neemt, kun je dat zien. Wanneer je doorbladert naar de behandeling van zondag 9 en 10 zie je vrijwel altijd dat ze wat positiefs zeggen over een zesdaagse schepping. Eigenlijk zou dat de normaalste zaak van de wereld moeten zijn. Ze staan hiermee in de lijn van de kerk van de Reformatie. Zie ook de verklaring van Hieremias Bastingius4 (1551–1595)5 of die van Petrus van der Hagen (1641–1671)6. Die laatste windt er geen doekjes om. Dat geldt overigens ook voor Johannes Calvijn (1509–1564) in zijn Bijbelverklaring.

Bloemen en vlinders laten de schoonheid van de schepping zien. Bron: Pixabay.

Veel ondersteuning vanuit gereformeerde gezindte

Toch wil ik niet in een mineur eindigen. Het is hartverwarmend hoeveel ondersteuning ik ervaar vanuit kerken uit de breedte van de gereformeerde gezindte. Van mensen die willen opkomen voor de waarheid van Gods Woord. Daaronder zitten ook tientallen zo niet honderden academici. We hebben elkaar hard nodig in allerlei vakgebieden (bijv. geologie, biologie en geschiedenis). Gods Woord en Gods Vinger spreken elkaar niet tegen. De Schrift en de werkelijkheid horen bij elkaar. Laten we elkaar blijven ontmoeten, opscherpen en bemoedigen.

Staan op de schouders van reuzen

We moeten onder ogen blijven zien dat we op de schouders staan van geestelijke reuzen. Alle vragen zijn al eens voorbijgekomen en met de wijze Sálomo kunnen we wel zeggen dat er niets nieuws onder de zon is.7 Ook varianten op het theïstisch-evolutionisme zijn al eeuwenoud en stevig bestreden. In de zeventiende eeuw werden theologische hypothesen van preadamieten nog gezien als ketters en werden boeken daarover zelfs gecensureerd omdat ze schadelijk waren voor het volk. Laten wij de argumenten van hun bestrijders, zoals Voetius en Maresius, nog eens goed doorlezen. Hoewel het zorgelijk is dat het theïstische evolutionisme ook in de gereformeerde gezindte oprukt8, zijn gelukkig veruit de meeste predikanten binnen de bevindelijk-gereformeerde kerken overtuigd van (de waarde van) een zesdaagse schepping en de leer van een historische zondeval. Als je de Bijbel onbevangen leest, dan kun je ook niet anders.

Wat zou je mee willen geven aan jongeren die door hun wetenschappelijke opleiding geconfronteerd worden met een hele andere niet-Bijbelse wereldbeschouwing?

Doe je uiterste best om de studie met een (zeer) goed resultaat af te ronden. Woon in Gods Woord. Zoek een mentor die net als jij het academische denkniveau begrijpt en ook doorstaan heeft. Dat kan bijvoorbeeld een gepromoveerde wetenschapper uit je gemeente zijn. Blijf niet zitten met vragen, maar spreek je twijfels uit en ga op zoek naar oplossingen. Vergeet daarbij niet om deze zorgen ook in gebed voor Gods aangezicht te brengen.9

© Gereformeerd Venster. Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit de digitale nieuwsbrief Gereformeerd Venster. Abonneren kan via info@gereformeerdvenster.nl of www.gereformeerdvenster.nl. Een abonnee op deze nieuwsbrief is gratis!

Voetnoten

COLUMN: De les van de pissebed

We leven in bijzondere tijden. Afgelopen voorjaar hebben we de kinderen zo’n acht weken lang thuisonderwijs moeten geven. Dat moest naast de fulltime baan, het huishouden en alle andere gezinszaken. Dat was stevig aanpoten. Vaak kwamen we alleen aan taal, rekenen, spelling, lezen en woordenschat toe en dat was al genoeg. Respect voor de mensen die kiezen voor het geven van thuisonderwijs aan hun kinderen.

Door al die onverwachtse drukte moest het biologieonderwijs helaas vaak overgeslagen worden. Tot op een zaterdag ik in de achtertuin aan het werk was en mijn kinderen daar ook aan het spelen waren. De weken ervoor had ik een loeppotje aangeschaft om de kinderen wat dichterbij de kleine natuur te brengen. Bij het schoonmaken van de tuin haalden we een pot met planten weg en daaronder krioelde het van de urineledikanten (een net woord voor pissebedden). Dochter (6) en zoon (4) kwamen op mijn vreugdekreten af.

Ik snel naar binnen om het loeppotje te halen, zodat we de pissebedden beter konden bestuderen. ‘Wat is dat, papa?’ vroeg dochterlief. ‘Een pissebed’, antwoordde ik. ‘Waarom rennen ze zo snel weg, papa?’ ‘Nou dat is omdat ze niet houden van de brandende zon op hun dakje. Wisten jullie dat de meeste soorten pissebedden helemaal niet op het land, maar in de zee leven? Er zijn zelfs beesten gevonden die meer dan een halve meter groot zijn.’ ‘Mag ik dat eens zien papa?’ Ik haalde mijn smartphone tevoorschijn, toetste ‘reuzenpissebed’ in, liet ze foto’s zien en las ze voor vanaf de internetencyclopedie Wikipedia: ‘De soort komt alleen voor op de bodem van tropische zeeën tussen 300 en 2100 meter diepte. Het dier eet vis, garnalen en wormen.’

‘Wat eten landpissebedden eigenlijk, papa?’ vroeg zoonlief. ‘Nou, pissebedden op het land eten afval van planten, zoals rottende takken en bladeren. Het is een afvaleter. De Heere heeft deze pissebedden zó gemaakt dat ze bladeren en rottende takken heel lekker vinden. Deze dieren hebben van de Heere de opdracht gekregen om alles netjes te maken anders zou het al snel een puinhoop van bladeren en takken worden in het paradijs. Mensen en dieren konden niet sterven in het paradijs, maar planten wel. Adam en Eva aten van de vruchten, de dieren aten gras. Bekijk de pissebed nog maar eens goed. Dit mooie en nuttige diersoort is, denk ik, door de Heere op de zesde dag gemaakt. Doe je voorzichtig met de dieren, want het is de schepping van de Heere?’

Zoon en dochter laten er een paar over hun hand en arm lopen. We zetten daarna de pot met planten weer terug en zoonlief pakt ook nog een steen uit de berging en legt deze in de tuin. ‘Dat is voor vanmiddag, dan kunnen we weer pissebedden bekijken.’ Tot zover de biologieles. Het loeppotje werd daarna nog vaak gebruikt om allerlei kleine diersoorten van dichtbij te bekijken, bijvoorbeeld vuurwantsen of (dode) spinnen. Voortaan moet ik uitkijken met het doodslaan van ‘vervelende’ vliegen en muggen. Zoon: ‘Je mag de vlieg toch niet doodslaan?’ Ik: ‘Waarom niet?’ ‘Zoon: ‘Het is de schepping van de Heere.’ Daar heeft hij helemaal gelijk in. ‘Door de zonde doen mensen en dieren elkaar pijn en verdriet. Zo is het door de Heere niet bedoeld, zo is het geworden!’ En daarmee wordt de biologieles ook een persoonlijke les.

Dit artikel verscheen eerder in het gezinsblad ‘Om Sions Wil’ en is met toestemming van de redactie hier overgenomen. De volledige bronvermelding luidt: Meerten, J.W. van, 2021, De les van de pissebed, Om Sions Wil 2021 (3): 27. Hier is wat meer te lezen over ‘Om Sions Wil’.

ANDERE COLUMNS UIT 'OM SIONS WIL' JAARGANG 2021